Koraal gedijt bij de gratie van de spons

De afvalverwerkers van het koraalrif zijn sponzen – en niet bacteriën, zoals altijd gedacht werd. De sponzen recyclen organisch materiaal en zorgen er zo voor dat het koraalrif kan voortbestaan in de voedselarme oceaan. Dat hebben Nederlandse biologen ontdekt met experimenten op een rif bij Curaçao (Science, 4 oktober).

Zeebiologen wisten al lang dat koraalriffen efficiënt met hun energie omgaan. In de tropische oceanen is weinig voedsel beschikbaar. De voedselkringloop van het rif is daarom gebouwd op de fotosynthese van de rode algen in de koralen. De algen produceren suikers, andere koolhydraten en aminozuren. Maar die moleculen lossen grotendeels op in zeewater. Er moet iets zijn dat ervoor zorgt dat al dat kostbare voedsel ten goede komt aan de vissen en andere dieren die op het rif leven.

In grote delen van de oceaan nemen bacteriën deze rol op zich. Ze ‘eten’ losse moleculen van voedingsstoffen, en worden vervolgens zelf opgegeten. Dat heet de microbiële kringloop.

De Nederlandse biologen, onder leiding van Jasper de Goeij van de Universiteit van Amsterdam, ontdekten nu dat op tropische riffen vooral sponzen deze recycling verzorgen. De Goeij: „De microbiële kringloop bestaat er óók, maar de sponzenkringloop is veel krachtiger.”

De sponzen nemen de organische stoffen op en gebruiken die om hun filtercellen te vernieuwen. Dat doen ze in een ongekend tempo. De oude filtercellen vallen af. De garnaaltjes en wormen die de cellen eten, zijn daarna weer voedsel voor grotere dieren. „Sponzen zijn in het riffenonderzoek tot dusver onderbelicht gebleven”, zegt De Goeij. Hij schat dat ze zo’n 30 procent van de tropische riffen beslaan, maar ze vallen niet op doordat ze vooral in holtes en scheuren leven.

Hester van Santen