Is de krant nu helemaal 020 geworden?

Eén week weg, en hé, alweer een nieuwe bijlage. Ik verbleef in de provincie, en vond bij terugkeer het eerste nummer van de nieuwe bijlage Amsterdam. Die komt als proef een jaar lang wekelijks bij de krant – althans bij 37.000 exemplaren die in de regio Amsterdam worden verspreid (en standaard in de digitale editie).

Eén week weg, en hé, alweer een nieuwe bijlage. Ik verbleef in de provincie, en vond bij terugkeer het eerste nummer van de nieuwe bijlage Amsterdam. Die komt als proef een jaar lang wekelijks bij de krant – althans bij 37.000 exemplaren die in de regio Amsterdam worden verspreid (en standaard in de digitale editie). Dan wordt bekeken of zo’n lokaal katern ook mogelijk is voor andere steden.

Is Amsterdam eigenlijk net zo’n rijke nieuwsbron als de metropool New York?

Dus nóg meer Amsterdam in de krant?

Enkele lezers die mij schreven, zien er de bezegeling in van het nieuwe, Amsterdamse karakter van NRC Handelsblad. Sommigen protesteerden ook dat hun niets was verteld over de komst van de nieuwe bijlage. Op Twitter bromden boze Rotterdamse lezers dat ze nu moeten betalen voor een cadeautje aan ‘020’.

Wat dat vertellen betreft: hoofdredacteur Peter Vandermeersch gaf een uitgebreide uitleg over de nieuwe bijlage op zijn blog (26 september), in de krant verscheen diezelfde dag een (inderdaad wel zeer summier) bericht op de Mediapagina (Amsterdam bijlage NRC).

De reacties onder dat blog waren overwegend welwillend, soms enthousiast („Dit is nu eens een geweldig leuk besluit in deze tijd van crisis”, vond een ‘ex-Amsterdammer die nu alweer 28 jaar in het Friese land woont en werkt’). Maar ook daar vroegen lezers zich af wat nu de reden was voor dit experiment.

De uitleg van Vandermeersch: NRC Handelsblad wil „goede journalistiek bedrijven over onze hoofdstad en aldus de band versterken die deze krant heeft met de stad”. Trouwens, schreef hij, ook andere gerenommeerde kranten (Frankfurter Allgemeine Zeitung, The New York Times) hebben lokale secties of extra’s.

Maar ook niet onbelangrijk: er was een advertentiemarkt voor. Abonnees in Rotterdam ‘betalen’ dus niet voor het katern, kun je zeggen. Al vind ik dat geen goed argument: de krant heeft tenslotte één budget en geen deelabonnementen per katern, dus ik kan me voorstellen dat lezers buiten Amsterdam die een volledig abonnement op de krant hebben nu vinden dat ze iets missen.

Maar in zijn toelichting merkte de hoofdredacteur op dat, als dit experiment slaagt, er ook lokale katernen over Rotterdam en Den Haag komen. Goed om te weten, al lijkt het me geen uitgemaakte zaak of de advertentiemarkt in die steden daar ook voldoende brood in ziet.

In het algemeen: ik ben benieuwd wat het effect van zulke lokale initiatieven zal zijn op de krant als eenheid. De krant wordt steeds diverser, en dat kan een creatief feest zijn, maar het kan ook een wissel trekken op journalistieke focus. Bij lokale katernen lijkt me de vraag welke invalshoek die kiezen: keiharde nieuwsvoorziening voor stedelingen (en concurrentie met plaatselijke kranten, voor zover die nog bestaan) dus als het ware een blik van binnenuit, of een onderhoudend journalistiek amalgaam over een leuke stad voor wie erover wil lezen, dus meer met een blik van buiten.

Van Amsterdam zijn nog maar twee nummers verschenen, dus het is te vroeg voor een oordeel. Er staat ook nieuws in, maar toch vooral achtergrondstukken en onderhoudende rubrieken als Het restaurant van. en Uitspraken over Amsterdam. Wat de competitieve meerwaarde daarvan is ten opzichte van de vele Amsterdamse stukken op andere pagina’s en in andere katernen – en ten opzichte van andere media – zal moeten blijken.

Is de krant nu helemaal ‘020’ geworden?

Over die vraag schreef ik al eens naar aanleiding van onderzoek van de student journalistiek Merlijn Kerkhof (Stad en land, 11 mei). Hij concludeerde dat de krant in 2012 – nog voor de verhuizing – twee keer zoveel stukken over Amsterdam schreef als over Rotterdam. Ja, de hoofdstad is nu eenmaal een cultureel en financieel centrum, al vermoedde Kerkhof ook dat de blik – en woonplaats – van redacteuren een rol speelde. Redacties zijn zich daar overigens van bewust, stelde hij vast, en proberen een fixatie op de hoofdstad te voorkomen.

Dat lijkt me nu dan nóg meer nodig.

Want inderdaad, Amsterdam is voor Nederland een belangrijke stad maar toch geen metropool als New York; Paul Scheffer kreeg bij zijn benoeming tot hoogleraar ‘grootstedelijke problematiek’ van een buitenlandse gast de plagerige felicitatie: „Ik wist niet dat Nederland grote steden had.” The New York Times had , in de hoogtijdagen, een stadsredactie van meer dan honderd verslaggevers.

Even fantaseren: als het om zo’n metropool gaat, zou je in Nederland toch eerder denken aan pagina’s of een bijlage ‘Randstad’, om de gaten te vullen die de beknelde regionale pers laat vallen. Met extra edities over nieuws en maatschappelijke of economische ontwikkelingen buiten de Randstad. Genoeg te halen.

En warempel, vorige week droomde ik zelfs van een vuistdikke special van Lux over eten en drinken in Limburg, of Gelderland. Ook ons land, tenslotte.

Dan nog een opmerking over mijn vorige rubriek, twee weken terug, die ook ging over nieuwe, extra bijlagen van de krant.

Sommige lezers spraken me aan op een van de typen bijlagen, de gesponsorde: een externe partij komt met een idee en betaalt, de redactie maakt een bijlage. Voorwaarde is dan dat de sponsor zich niet met de inhoud bemoeit.

Internationaal een trend, sinds kort ook bij deze krant. The Guardian doet het regelmatig – en heeft er spelregels voor op de site staan (zo gedetailleerd dat je er vanzelf weer wantrouwig van wordt).

Maar is dat nog ‘onafhankelijk’?

Nee, in elk geval niet in die zin dat het onderwerp dan vaststaat, hoe vrij de redactie het ook verder mag invullen – en daar gaat het zo’n sponsor natuurlijk om.

Eén lezer vond dat ik me daar wel scherper over had mogen uitspreken. En ja, de krant kan hiermee inderdaad niet streng genoeg zijn voor zichzelf, vind ik. Het gevaar blijft immers dat je een onderwerp of thema laat sponsoren dat je op eigen initiatief nooit zó fors had neergezet. Dan wordt de redactie een productiehuis.

Kortom: alleen doen als niet enkel de verantwoordelijkheden haarscherp zijn gescheiden, maar de journalistieke relevantie van het onderwerp boven elke twijfel verheven is – én de krant alles duidelijk en compleet uitlegt aan de lezer.