Hoe we ons voor schut zetten, als Nederland zijnde

Op wie moet je letten om Den Haag te begrijpen?

Deze week: terug naar de A. van Dijckstraat, Woerden

Ofwel: de verdere amerikanisering van Den Haag

Tekst Tom Jan Meeus Tekening Ruben L. Oppenheimer

Shutdown in Den Haag, die invalshoek was te verwachten. Flauwekul natuurlijk. Het kan niet eens. Wat we zien is een permanente slowdown: de premier en de coalitie net zolang verzwakken tot ze bezwijken.

En de grap ligt voor de hand dat de meltdown zo vanzelf volgt – van Rutte natuurlijk: de man heeft nu eenmaal plotselinge woedeaanvallen, die onbeheersbaar (gordijnen afrukken) en kortstondig (joh, ik meende het niet) zijn.

Maar dat de voorbije weken een nieuwe illustratie van de amerikanisering van de politiek waren, lijdt natuurlijk geen twijfel.

Eindeloos onderhandelen over details en deelonderwerpen. Steeds nieuwe overlegrondes onder hoogspanning met de media om de hoek -nog even en ze noemen het showdown. Twee Kamers van de Staten-Generaal met verschillende meerderheden. Polarisatie van flankpartijen die wordt beloond. Centrumpolitici die liever slachtoffer dan oplosser zijn. En dus: krimpend vertrouwen in de regering.

De laatste cijfertjes zijn onheilspellend. Zoals u weet vindt al die destructieve polarisatie in de VS, die deze week de shutdown van de overheid veroorzaakte, zijn oorsprong in het diepgaande wantrouwen van de Amerikaan in de politieke instituties van zijn land.

De laatste stand van zaken bleek uit een peiling vorige week van Gallup: 51 procent van de Amerikanen, historisch geen slechte score, vertrouwt op dit moment de federale regering. Dit cijfer even onthouden.

Want in Nederland publiceerde het Sociaal en Cultureel Planbureau, SCP, deze week een vertrouwensval voor de regering naar 39 procent; eind vorig jaar, na de formatie, had nog 57 procent vertrouwen in de regering.

Nu zijn we weer terug op het niveau van zomer 2012, toen er een demissionair kabinet was. En wat meer is: Nederland is dus ruim onder het niveau van de VS gezakt, waar het organiseren van wantrouwen tegen de overheid een alledaags politiek spelletje is geworden.

Er blijven gelukkig belangrijke verschillen: het vertrouwen in de Tweede Kamer is hier veel groter dan het Amerikaanse vertrouwen in het Congres. Ook het aanzien van andere maatschappelijke instituties (rechters, hoogleraren, hoofdredacteuren, etc.) steekt hier gunstig af: Nederland blijft een high trust society.

Behalve dus als het om de regering gaat. De bestuurbaarheid was al kwetsbaar, en wordt nu verder ondermijnd omdat Rutte II het regeerakkoord moet openbreken met het oog op meerderheden in de Eerste Kamer.

Het vreemdste gevolg is dat de journalist die nu zijn rondjes op het Binnenhof maakt, van oppositie naar coalitie, wie wil zaken doen met wie over welk onderwerp, in een geïsoleerde binnenwereld voor politieke professionals terechtkomt. Eigen taal, eigen logica, eigen politieke Wikipedia: zonder encyclopedische kennis ben je nergens meer.

Want in die Kamer weten mensen nu dingen uit hun hoofd als: vergroening belastingstelsel kan in de senaat slagen als de coalitie steun van D66 en GroenLinks werft. Nivellerende maatregelen zijn in theorie haalbaar met de SP. Maar het belastingplan, waarin die nivellering zit, kan ook doorgaan dankzij D66 of GroenLinks of beide, alsmede CU en SGP. Bent u daar nog?

Je kunt hier allerlei positieve dingen van denken. Voorbij is de tijd van het verstikkende regeerakkoord, dat elk debat in het parlement smoorde. Voorbij de tijd dat alleen regeringspartijen greep op het beleid hadden. Voorbij de beslotenheid van de besluitvorming, waarvan je nooit het fijne te weten kwam. Democratie, openheid, dualisme – mooi.

Maar je hoeft de mavo niet afgemaakt te hebben om de nadelen van deze nieuwe openheid te zien: welke burger kan dit nog volgen?

Ik ging woensdag terug naar de Anthonie van Dijckstraat in Woerden, in het kiesdistrict waar in 2010 volgens de landelijke uitslag werd gestemd. Woerden: zo’n gemiddelde gemeente waar de hang naar eigen identiteit andere thema’s wegvaagt, zozeer dat het stadje nu van provincie wil wisselen – van Utrecht naar Zuid-Holland, waar het oorspronkelijk bij hoorde.

Dus: What’s the matter with Woerden?

Ik was hier eerder. In de campagne van 2012 bleek de PVV stiekem nog opvallend populair; mensen klaagden over een teveel aan politiek op tv en een tekort aan politieke prestaties. Na de formatie aarzelden ze over de ophef over de zorgpremies: liever verkeerde beslissingen dan geen beslissingen.

En deze zomer, het nieuwe politieke seizoen was net begonnen, was me gebleken dat het onderwerp Eerste Kamer vooral, hoe zeg ik dit netjes, vragen opriep.

Niet bij Dolly Vermeulen, een montere lerares van middelbare leeftijd die vertelde over leerlingen die haar mening over Wilders vragen. „Dan zeg ik’’, schaterde ze in het zonnetje, „‘hij heeft vaak gelijk maar het komt zo rot zijn strot uit’.’’

Zij was klaar met „alle meningsverschillen’’ in Den Haag, zei ze. „Telkens de nieuwe onderzoeken die alles uitstellen.’’

Ze voorzag een ramp als het kabinet zou vallen over de Eerste Kamer. Vijf kabinetten in tien jaar, het zesde binnen een jaar in doodsnood. „We staan gewoon voor schut als Nederland zijnde.’’

Praten over de senaat in een buurt als deze – ik kan het alle Haagse politici aanraden. In de 23 gesprekjes die ik er in de zomer en deze week voerde, trof ik drie mensen die de essentie van het probleem kenden.

De anderen konden het beste samengevat worden met de woorden van Rosina Latuny, een soevereine Molukse, sympathisante van Wilders, die voor RPL, de lokale radio, het nieuws samenstelde. „Wat dóet de Eerste Kamer ook alweer?’’

Ze had die ochtend vrijwilligersdienst met de gepensioneerde Jan de Lange, een coulante oud-schooldirecteur, en die had er, als ervaren CDA-lid, duidelijk kijk op.

Jan de Lange bleek de vader van Esther de Lange te zijn, de CDA-Europarlementariër die met routinier Wim van de Camp de strijd om het lijsttrekkerschap uitvecht. Ze voeren dit weekeinde hun eerste debat.

Jan de Lange had een hekel aan de nivellering van Rutte II, maar aan een val van het kabinet moest hij niet denken. Er was al genoeg ik-cultuur, onfatsoen en intolerantie, dacht hij. Het kabinet had draagvlak nodig, het land nieuwe consensus. Dus dat zijn partij zou afhaken leek hem onwaarschijnlijk. „Dan worden we overgeleverd aan de populisten.’’

Maar het CDA haakte deze week dus af, zelfs al leerde dezelfde SCP-publicatie dat 59 procent van de CDA-kiezers nog voldoende vertrouwen in het kabinet hield.

Maar Buma wil het CDA omturnen tot partij rechts van de VVD, hij verkiest politisering boven consensus, in strijd met de wensen van zijn kiezers en leden. Zo levert hij zijn eigen bijdrage aan de amerikanisering van de Haagse politiek: eigen partij eerst.

Wie alle gelijkenissen met de VS overziet, komt erop uit dat in feite alleen het meerpartijenstelsel nog voorkomt dat het bestuur hier met dezelfde destructieve polarisatie tot stilstand wordt gebracht. En dat terwijl ook dit stelsel nog amper bescherming tegen de groeiende onbestuurbaarheid biedt.

Dus nu we deze week een nieuwe stap maakten naar meer openheid, dualisme en democratie, kan het geen kwaad voor ogen te houden wat dit in de VS heeft opgeleverd. De openheid zorgde er uiteindelijk voor dat alle ideeënstrijd uit partijen verdween, zodat politiek alleen nog reclame is. De hang naar dualisme over elk deelonderwerpje, maakte van Washington een walhalla voor lobbyisten, en creëerde een geprofessionaliseerde politieke kaste wier opereren voor burgers volmaakt ondoorgrondelijk is geworden: als je pech hebt, sluiten ze op een dag gewoon de overheid.

In de VS kun je ook naar Woerden. Zo’n stadje ligt dan in Kansas of Missouri, en de mensen die je er spreekt willen niets liever dan meer nationale eenheid en minder politiek geblaf – Obama werd er groot mee. Maar ook hij kon het niet waarmaken, omdat de innerlijke logica van het geprofessionaliseerde stelsel het belang van de individuele politicus boven het belang van de burger stelt.

Eigen partij eerst, slowdown in plaats van shutdown: het is hier geen Amerika maar Den Haag heeft niet half door hoe hard het er naar op weg is. De ramp overkomt ons bij vol daglicht, en inderdaad: het kan niet lang meer duren of we zetten onszelf voor schut, als Nederland zijnde.

    • Tom Jan Meeus Tekening Ruben L. Oppenheimer