Van afvalputje naar hippe stek

In Noord gebeurt het – hier vind je de nieuwe gelukzoekers. Oorspronkelijke bewoners zien ‘hun’ Noord in hoog tempo veranderen. Hoe het ‘afvalputje van Amsterdam’ evolueert naar een plek waar je gezien wil worden.

V.l.n.r. Steeds meer mensen uit het centrum en omgeving weten Noord te vinden; vanaf het pontje vanaf Centraal kijk je recht op het nieuwe filmmuseumEYE; aan de IJ-oevers veel nieuwe, populairehoreca. Foto’s Ilvy Njiokiktjien

Op de pont vanaf het Centraal Station is het tegenwoordig dringen geblazen – en niet alleen op zomerse dagen in het weekend, wanneer Amsterdammers massaal de fiets pakken naar Waterland. Al jaren worden de pontjes van het GVB steeds voller. Waren het vroeger vooral mensen uit Noord die op weg waren naar ‘de stad’, nu geldt de drukte beide kanten op. Naar Noord ga je tegenwoordig ook om uit te gaan en te werken. En te wonen, liefst in een appartement met uitzicht op het IJ.

Dat is wel eens anders geweest. Ik verveel me zo in Amsterdam-Noord, zong Harry Slinger van de Nederlandstalige band Drukwerk eind jaren ’70. Weinig kroegen, geen bioscopen, luidde toen zijn gezongen klacht. Maar moet je er nu eens kijken. Een bioscoop? Inmiddels staat aan de IJ-promenade het futuristische gebouw van filmmuseum EYE. En kroegen? Met moderne zaken zoals Café Modern, stadsstrand Pllek, de Tolhuistuin en de restaurants il Pecorino, Hotel de Goudfazant, Loetje en Stork lijkt de horeca er te exploderen. Genoeg reden voor nieuwe ondernemers om zich te richten op Noord. Zo wordt de beroemde oude scheepskraan op het NDSM-terrein op dit moment gerestaureerd tot luxe hotel. En ook de plannen van evenementenbureau ID&T, Club AIR en ontwikkelaar Lingotto, die de voormalige Shelltoren aan het IJ momenteel voor tientallen miljoenen euro’s verbouwen tot een veelzijdige hot-spot met een ronddraaiend restaurant en panoramabar op zeventig meter hoogte, maken van Noord een heuse hang out voor creatief Amsterdam.

Maar ook op andere vlakken loopt Noord allang niet meer achter op andere stadsdelen. Sterker nog, Noord loopt voor, stelt stadsdeelvoorzitter en “Noorderling in hart en ziel” Rob Post (PvdA). “Creatieve en mediabedrijven, denk aan Red Bull, HEMA, IDTV en MTV en straks Greenpeace en Pernod Ricard, ontdekken Noord als aantrekkelijke vestigingsplaats.” De redenen zijn volgens hem duidelijk: er is ruimte, en met een van de vier pontverbindingen staan werknemers vanaf het Centraal Station binnen een paar minuten in Noord. De komst van de Noord/Zuidlijn, die vanaf 2017 Noord verbindt met de rest van de stad, zal het gebied bovendien alleen maar aantrekkelijker maken voor bedrijven. En, ook niet onbelangrijk: in Noord kan er op een hoop plekken nog gratis worden geparkeerd.

Koopwoningen

Steeds meer mensen werken in Noord. En dat geldt ook voor wonen. Het stadsdeel telt nu ruim 88.000 inwoners, in 2023 passeert het inwonersaantal waarschijnlijk de grens van 100.000. “Gezinnen met een goed inkomen betrekken steeds vaker mooie appartementen aan de IJ-oevers of huizen op de Nieuwendammerdijk. En voor studenten zijn de units op het NDSM-terrein een mooie kans om de stad te leren kennen”, zegt Post. Bovendien zal met diverse nieuwbouwprojecten (Elzenhagen, de Bongerd en de nieuwe stadswijk Overhoeks aan het IJ, waar 2.200 appartementen zullen verrijzen), hip en grootstedelijk Amsterdam de overkant van het water nóg beter weten te vinden, weet hij zeker.

De appartementen rondom de IJ-oevers blijken zeer in trek bij mensen uit het centrum. Dat stukje Noord ís in feite centrum, met zicht op het Centraal Station waar je slechts een paar pontminuten van verwijderd bent. Maar is die tendens ook zichtbaar in andere wijken die dieper in Noord liggen? Ja, zegt Monique van Loon van Hart van Elzenhagen, een van de ontwikkelaars in nieuwbouwproject Elzenhagen, de gloednieuwe woonwijk met eengezinswoningen (vooral koop) in het uiterste puntje van Noord, pal tegen de A10. Volgens haar worden de woningen die momenteel worden opgeleverd, merendeels verkocht aan stellen en jonge gezinnen uit het centrum en omgeving, die op zoek zijn naar rust en ruimte. Zoals Ingmar Sloothaak (37). Hij en zijn vriend kochten 2,5 jaar geleden een huis elders in deze wijk. “Ik woonde in Oost en wilde graag gaan samenwonen. Noord leek ons ideaal: het is rustig, betaalbaar en goed bereikbaar.” Hun plan om over een paar jaar een huis te kopen in hartje centrum, is hierdoor op losse schroeven komen te staan. “Eigenlijk zitten wij hier prima.” Ook Sebastiaan Verheijen (43), die ruim een jaar geleden het centrum verruilde voor Elzenhagen en daar nu met zijn gezin (vijf kinderen) woont, is blij met zijn nieuwe stek. Al moet wonen in Noord ook weer niet worden geïdealiseerd: “Het opknappen van de buurt gaat erg langzaam. Ik mis bijvoorbeeld speeltuintjes voor de kinderen en het afschrikwekkende Buikslotermeerplein, waar wij bijna tegenaan wonen, is geen gezicht – zacht uitgedrukt. Het is een enorm contrast met waar wij wonen.” De enorme galerijflats aan de andere kant van de Nieuwer Leeuwarderweg (de weg komende uit de IJtunnel) doen inderdaad denken aan de Bijlmermeer in mindere tijden. En winkelen in dit uitgebreide winkelcentrum (‘Boven ’t Y’), waar alle grote winkelketens tot en met de Mediamarkt aanwezig zijn, is qua entourage en publiek niet te vergelijken met shoppen in de binnenstad. Maar het Buikslotermeerplein wordt nog opgeknapt en zal aantrekkelijker worden, verzekert het stadsdeel. En de nieuwe bewoners van het vlakbij gelegen Elzenhagen zorgen nu al voor een andere mix. Dat zal alleen maar meer worden, want de komende jaren worden hier nog zo’n 120 nieuwe woningen gebouwd – vrijwel uitsluitend rijtjeshuizen van drie verdiepingen in soms vrolijke kleuren, alle met een tuin.

Tweedeling

De nieuwbouwprojecten in Noord zijn verreweg het populairst, maar ook in andere delen van Noord, met vaak eenvoudige arbeidershuisjes, vestigen zich steeds meer Amsterdammers van ‘de overkant’. Niet tot ieders genoegen, overigens. Met alle ontwikkelingen van de laatste jaren lijkt er ook een tweedeling in het stadsdeel te ontstaan. Anita Piloo (49) woont al haar hele leven in Tuindorp Buiksloot en komt opeens veel “mensen uit het centrum” tegen in supermarkt Dirk van den Broek aan de Meeuwenlaan. “De sfeer in de supermarkt wordt steeds afstandelijker. Het is ieder voor zich. Na het werk nog even snel de boodschappenkar volladen en dan naar huis. Druk, druk, druk.

Vervolg pagina 8

Vervolg van pagina 7

Gelukkig woon ik een stuk verderop, waar het nu nog lekker volks en amicaal is.

Ik groet er iedereen die ik tegenkom. Zo gaat dat bij ons.” De bewoners van de oude tuindorpen, met nostalgische bijnamen als de Rimboe, het Blauwe Zand en Tuttifruttidorp, hebben het nakijken – zo voelen ze het althans zelf. De dorpse sfeer verdwijnt, klagen ze.

Ook lokale ondernemers uit de oude wijken merken dat hun wijk verandert. Op het Zonneplein in Tuindorp Oostzaan bepalen lege winkels en dichte deuren het straatbeeld. “Dit had ik me jaren geleden niet kunnen voorstellen”, verzucht Chantal den Hertog (30). Al bijna dertien jaar werkt ze in bakkerij Isken. “Het was vroeger zó gezellig op deze plek. Iedereen kon elkaar, nu is het koud en kil.” Ze weet waar dat aan ligt: “Jonge gezinnen die het centrum te duur vinden steken massaal het IJ over. M’n oma woont hier nu tussen allemaal jongeren. Sociale huurwoningen maken bovendien plaats voor koophuizen en mensen shoppen vandaag de dag liever bij een Albert Heijn dan bij de gewone winkels op het Zonneplein.”

Stadsdeelvoorzitter Post bevestigt het grote verschil tussen de ‘oude’ traditionele Noorderlingen, met veelal een laag inkomen, en de ‘nieuwe’ Noorderlingen met een goede baan uit het centrum of van buiten Amsterdam. “Er zijn een hoop oudere mensen uit Noord die de ontwikkelingen vreselijk vinden, maar,” haast hij zich te zeggen, “er zijn er genoeg die de nieuwe bewoners met open armen ontvangen. Laatst zag ik een jonge kunstenaar in de Van der Pekstraat gezellig barbecueën met zijn buurvrouw van tachtig. En soms kom ik mensen tegen in het chique Hotel de Goudfazant die je er totaal niet zou verwachten. Hartstikke leuk om te zien.” De scheiding tussen oud en nieuw komt ook duidelijk naar voren in de Amsterdamse Armoedemonitor 2012. Want van alle Amsterdammers die moeten rondkomen van een minimum inkomen, wonen de meeste mensen in Noord (21%) en Zuidoost (23%). Aan de andere kant blijkt juist dat in Noord ook de buurt te vinden is met de minste minima van Amsterdam, namelijk de Nieuwendammerdijk en Buiksloterdijk.

Afvalputje

Nog niet zo lang geleden waren de associaties met Noord vrijwel uitsluitend negatief. Niet voor niets werd het stadsdeel, waar voorheen nauwelijks voorzieningen waren en ‘aso’s’ in het ommuurde Asterdorp – een ‘woonschool’ voor probleemgezinnen – terechtkwamen, ooit het ‘afvalputje van de stad’ en het ‘Siberië van Amsterdam’ genoemd. En Noord is er nog niet. Bijna ieder jaar weer zorgt de beruchte kerstboomverbranding in de volkswijk Floradorp – die in 2003 volledig uit de hand liep en voor dagenlange rellen zorgde – voor opstootjes. En ruim tien jaar geleden werd door de regionale busmaatschappij besloten om op de lijndiensten richting Waterland bepaalde straten van Noord voortaan te mijden wegens het grote aantal incidenten met agressieve jongeren.

Inmiddels lijkt Noord langzaam maar zeker uit het dal te kruipen. En met de toenemende creatieve bedrijvigheid, (dance)festivals, culturele evenementen en nieuwbouwprojecten lijkt Noord ook de verveling van Harry Slinger nu toch echt voorbij. Maar Noord blijft natuurlijk toch een stadsdeel met veel lage inkomens, zegt Luc Harings, oprichter van de populaire website www.ilovenoord.nl. “Het is daarom belangrijk dat de activiteiten die hier worden georganiseerd niet alleen de witte middenklasse trekken, maar ook de oorspronkelijke bewoners van Noord.” Soms lukt dat. Harings: “In de vijf zogeheten Broedstraten kunnen kunstenaars en musici zich inzetten voor buurtprojecten, in ruil voor een schappelijke huur.” Dankzij dit systeem, waarmee de Stichting Broedplaatsen en partijen zoals woningbouwvereniging Ymere en stadsdeel Noord de buurt levendiger willen maken, worden er in de Theaterstraat op het Zonneplein wekelijks theaterlessen gegeven aan kinderen uit de buurt. Ook in de Noorderparkkamer, een ontmoetingsplek waar bewoners, creatieven en kunstenaars samenwerken, worden wekelijks kinderworkshops gehouden die het saamhorigheidsgevoel in stand moeten houden.

Vroeger had je dit soort activiteiten niet, vertelt Post. “Het imago van Noord was niet alleen ronduit slecht – volks, arm – maar de rest van de stad vond het ook nog eens ver weg van de bewoonde wereld. Als ik studievrienden uitnodigde bij mij, moest ik duidelijk uitleggen hoe je hier kwam.” Dat is veranderd. De onbekendheid van Noord bij de rest van Amsterdam behoort tot het verleden. De opvallende roodwitte letters I AMSTERDAM die afgelopen zomermaanden aan de noordelijke kant van de IJ-oevers prijkten maakten in elk geval één ding duidelijk: met het sentiment om zich zo snel mogelijk van Amsterdam af te scheiden, een streven dat jarenlang de stadsdeelpolitiek beheerste, is nu definitief afgerekend.