Corrupte politici in India kampen met tegenslagen

haalt bakzeil na ophef over bescherming corrupte politici

De strijders tegen corruptie in de Indiase politiek, die lang een tamelijk uitzichtloze campagne leken te voeren, boekten deze week plotseling een paar belangrijke successen.

Gisteren werd Laloo Prasad Yadav (65), de vroegere premier van de arme deelstaat Bihar en een van de gezichtsbepalende politici van de afgelopen twintig jaar, veroordeeld tot vijf jaar celstraf omdat hij in de jaren ’90 op grote schaal fondsen voor arme boeren had weggesluisd voor eigen doeleinden. Ook 43 andere politici en ambtenaren, onder wie nog een andere voormalige deelstaatpremier van Bihar, werden bestraft.

Door zijn veroordeling moest de charismatische Laloo, zoals hij meestal wordt genoemd, onmiddellijk zijn parlementszetel opgeven en mag hij de komende zes jaar geen openbare ambten uitoefenen. Dit is het gevolg van een richtlijn van het Hooggerechtshof van afgelopen zomer die bepaalt dat politici met een strafrechtelijke veroordeling op zak niet langer als volksvertegenwoordigers mogen aanblijven.

Ook meer dan 150 andere Lagerhuisleden tegen wie strafzaken lopen, moeten nu voor hun politieke loopbaan vrezen. Volgens het Verbond voor Democratische Hervormingen, een organisatie die de Indiase politiek kritisch volgt, zijn er in totaal zelfs 1.460 parlementariërs met strafzaken tegen zich, als de deelstaatparlementen worden meegeteld. Voor velen van hen is Laloo’s zaak slecht nieuws.

Het had een haar gescheeld of de leider van de kleine Rashtriya Janata Dal-partij in Bihar was de dans toch nog ontsprongen. De regerende Congrespartij was hem en meer dan 150 andere leden van het 543 zetels tellende Indiase Lagerhuis tegen wie strafzaken lopen, eigenlijk graag ter wille. Je weet immers nooit wie je na de verkiezingen, die voor volgend voorjaar op de rol staan, nog weer eens nodig hebt als bondgenoot.

Daarom verlaagde de partij, die in het verleden werd geleid door morele bakens als Mahatma Gandhi en Jawaharlal Nehru, zich er vorige week toe om een verordening op te stellen die speciaal was bedoeld om parlementariërs met een strafblad gewoon in functie te laten blijven, in afwachting van hun hoger beroep (dat in India met zijn slecht werkende rechtbanken een eeuwigheid kan duren).

De belangrijkste oppositiepartij, de BJP, die het plan van de regering aanvankelijk had gesteund, bedacht zich en hekelde de verordening. Ook Rahul Gandhi, zoon, kleinzoon en achterkleinzoon van drie Indiase premiers, ging deze stap te ver. In een rede tot de persclub in New Delhi omschreef de man, die vermoedelijk volgend voorjaar namens de Congrespartij een gooi naar het premierschap zal doen, de verordening als „volstrekte onzin”.

Dat kwam hard aan bij premier Manmohan Singh en zijn ministers, die zelf grotendeels tot de Congrespartij behoren. Om maar te zwijgen van Sonia Gandhi, Rahuls eigen moeder en al jaren de opperste leider van de partij. Ze oogden plotseling allemaal als ontmaskerde oplichters.

Het kwam Rahul (43) op een standje te staan van zijn moeder, die zijn woordkeuze ongelukkig vond. „Achteraf bezien vind ik dat mijn woorden misschien verkeerd gekozen waren, maar het gevoel dat ik had, was niet verkeerd”, vertelde hij journalisten tijdens een bezoek aan Gujarat, het bolwerk van zijn vermoedelijke tegenstander bij de volgende verkiezingen, Narendra Modi, lijsttrekker van de nationalistische hindoepartij BJP en premier van Guajarat.

Premier Singh, die zelf overigens nooit van corruptie voor persoonlijk gewin is verdacht, sprak daarom woensdagsochtend met Rahul Gandhi. „Ze aten kraai bij het ontbijt”, spotte het weekblad India Today. Kort daarna besloot het kabinet de inmiddels onhoudbare verordening in te trekken.

Daarmee was een belangrijke stap gezet naar een schonere politiek, die aansluit bij de wensen van een belangrijk deel van de Indiase bevolking, in het bijzonder de middenklasse. Die ergert zich in toenemende mate aan de vaak schaamteloze corruptie van politieke functionarissen.

Het lot van Laloo was ermee bezegeld. Hoewel hij in beroep gaat tegen het vonnis, zit hij al in de gevangenis. Daar zal hij medegevangenen politieke wetenschap en management onderwijzen, verklaarde de gevangenisdirecteur vandaag.

De Indiase justitie had krachtig aangedrongen op een stevige straf. „Als hij niet streng zou zijn bestraft, zou dat een verkeerde boodschap hebben gezonden aan de bevolking”, verklaarde een jurist van de federale politie tegenover het persbureau AFP.

„Vijf jaar is stevig, de boodschap hiervan zal in het hele land gehoord worden, vooral in politieke kringen”, reageerde Sankarshan Thakur, auteur van een boek over Laloo.

    • Floris van Straaten