‘Arabicana’ volgens een vechtmodel

NO Blues kruist americana met Arabische muziek: ‘arabicana’. Dat kan botsen in de noten, maar ook tussen de musici.

Wat gebeurt er als je americana kruist met Arabische muziek? Dan krijg je eerst ruzie en daarna ontstaat ‘arabicana’. Dat is althans hoe het gaat bij de Nederlandse band NO Blues die de term bedacht voor het genre waarmee ze in acht jaar vier albums maakten. Nu is er een vijfde, Kind of NO Blues. Door een nieuwe werkwijze klinkt die harmonieuzer en minder gezocht dan voorgaand werk.

„Arabische muziek en americana zijn muzikaal lastig te combineren’’, zegt bassist Anne-Maarten van Heuvelen in een Utrechts café. Hij knikt naar de Palestijns-Nederlandse ud-speler Haytham Safia aan de andere kant van de tafel. „Hij speelt bijvoorbeeld iets waarmee ik probeer mee te spelen. Dat klinkt dan vals, volgens hem. Dan gaan we zoeken. Haytham zegt dat hij een G speelt, maar mijn G zit ernaast. Is het dan een Gis? Nee, er blijkt in de Arabische toonladder nog een noot tussenin te zitten. Europese en Amerikaanse muziek is gericht op harmonie, Arabische muziek veel meer op melodie.’’

Haytham Safia knikt instemmend. Dat is voor het eerst tijdens het interview dat dan al een half uur gaande is. De twee bandleden zijn het verder over alles structureel oneens. Zo gaat dat ook in de studio, zegt Safia. Het is de basis van hun samenwerking. Safia: „Arabicana is een genre dat voortkomt uit een moeilijk proces in de studio. Als wij tweeën en gitarist Ad van Meurs samenkomen dan is er vuur. We zijn alle drie koppig, we botsen. Vooral onze gitarist wordt daar erg zenuwachtig van, soms zo erg dat hij ziek wordt.’’

De band die ooit begon als een eenmalig project van Productiehuis Oost, stopte na het vierde album in 2010. Volgens Safia was dat destijds een stunt om aandacht te krijgen, volgens Van Heuvelen omdat het gewoon niet langer ging, dat vechten in de studio.

Toch is er nu een nieuw album. Een dubbel-cd zelfs. Op de eerste schijf staan live-versies van de oude liedjes, waarin blueszang dominant is. De nieuwe nummers op de tweede schijf zijn veelal instrumentaal, waardoor ze veel meer uitgebalanceerd klinken. De vocalen die er zijn, komen op naam van onder meer de dichters Vrouwkje Tuinman, Rodaan Al Galidi en R&B-legende Andre Williams.

Het is de vrucht van een nieuwe werkwijze. Om de ruzies in de studio tot een minimum te beperken kregen de drie liedjesschrijvers zeggenschap over hun eigen compositie. Plotseling lijkt de bluesgitaar gemaakt voor een Noord-Afrikaanse ritme, terwijl de tokkelende ud prima in de folktraditie past. Het toevoegen van spoken word geeft de songs een extra laag.

Betekent deze nieuwe aanpak dat de band weer verder gaat? Van Heuvelen: „Ja, ik wil de tien jaar graag vol maken.’’ Safia is blij met de nieuwe plaat, maar miste toch het vuur in de studio. ,,Ik vind dat die strijd bij ons hoort. Ik wil zeker nog een album maken, maar dan weer volgens het oude vechtmodel.’’ Van Heuvelen: „O. Ik weet niet of ik daar wel zin in heb.’’

    • Leendert van der Valk