Wennen aan de terugkeer van Van der G. is een grote opgave

De ophef rond het aanstaande proefverlof voor de moordenaar van Pim Fortuyn laat zien dat voor velen deze zaak nog niet gesloten is. Toch is dat wel het geval. De rechter heeft geoordeeld, in twee instanties. En de opgelegde straf van 18 jaar zat dicht bij het destijds wettelijke maximum voor een tijdelijke gevangenisstraf van twintig jaar.

Het vonnis in de zaak Van der G. in 2003 bracht scherp aan het licht dat rechters in de straftoemeting tussen twintig jaar en levenslang met lege handen stonden. Tot levenslang plachten alleen meervoudige moordenaars te worden veroordeeld. In 2006 is de langste tijdelijke celstraf verhoogd naar 30 jaar. Juist om meer strengere straffen mogelijk te maken en meer maatwerk te kunnen leveren.

In strafrechtelijke termen was Van der G. een enkelvoudige moordenaar, een overtuigingsdader, met een laag recidiverisico, geen noemenswaardige psychische problemen, noch een strafblad. Dat zijn moord ook grote politieke gevolgen had erkenden de rechters, maar woog niet echt mee in de beoordeling van hem als dader.

Van der G. kreeg wat er destijds ‘voor stond’ en werd gelijk behandeld als andere daders. Met enige regelmaat keren afgestrafte moordenaars zoals hij terug in de samenleving. Op proefverlof, voorwaardelijk vrijgelaten of definitief op vrije voeten. En ook dan is het een kolossale opgave voor de vaak getraumatiseerde nabestaanden zich met dat feit te verzoenen. Onmogelijk is dat niet.

Uiteraard is het een bittere pil voor diegenen die Van der G. liever 25 of 30 jaar achter de tralies hadden willen hebben. Of misschien levenslang. Maar dat is nu eenmaal niet gebeurd. En dan past de burger respect voor de rechter en de rechtsstaat. Op media rust dan trouwens de plicht om dat uit te leggen en evenwicht te houden tussen feiten en emoties.

Aan toekenning van het proefverlof zelf kan staatssecretaris Teeven overigens nauwelijks ontkomen, althans juridisch. De beroepscommissie voor gedetineerden, een wettelijke instantie, had hier het laatste woord, dat niet mis te verstaan is. Geleidelijke reïntegratie is in ieders belang, ook van de samenleving. Van der G. kreeg al eerder een kort verlof. Zijn voorwaardelijke vrijlating valt over 8 maanden. Een voorafgaand proefverlof van 60 uur zou weinig uit moeten maken. Het argument van de ‘geschokte rechtsorde’ en mogelijke ordeverstoringen dat de staat ertegen in bracht, is mogelijk juist maar ook niet ter zake. Of zich dat voordoet is niet een kwestie van óf, maar van wanneer en in welke mate. Ook de politiek heeft hier een plicht om uit te leggen, emoties te matigen en ruimte voor de rechtsstaat te houden. Al was het maar omdat de staat straks ook de vrije burger Van der G. moet beschermen. Hoe paradoxaal en wrang dat voor sommigen ook is.