De omslag naar groei wordt nu gemaakt

Dit wordt een positief stukje. Nederland staat op het punt de omslag te maken naar economische groei. De indicaties stapelen zich op. De ommezwaai in cijfers én in het sentiment. Het tweede is zeker zo gewichtig als het eerste. Economie is geen raketwetenschap, maar toegepaste massapsychologie.

De meest in het oog springende zonnige cijfers staan in de conjunctuurklok van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Deze klok meet een scala economische trends. Over september gaan de cijfers „voorzichtig richting herstel”, meldde het CBS afgelopen week.

Daarmee bevestigt het CBS een stellige uitspraak van president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank. Hij zei tien dagen geleden op het afscheidssymposium voor ING-topman Jan Hommen dat Nederland het afgelopen kwartaal uit de recessie is gekomen. Groei keert terug. Zijn stelligheid wordt ondersteund door de bedrijvigheid van de inkoopmanagers. Nederland gaat in Europa met deze cijfers al twee maanden op rij aan de leiding.

De indicatoren van het sentiment wijzen in dezelfde richting. Eerst een bescheiden aanwijziging. Joris Luyendijk stopt als gids in de financiële jungle van de City. Natuurlijk, dat valt samen met het eerste lustrum van de kredietcrisis, maar het zegt ook dat een bekwame onderzoeksjournalist zijn blik verlegt. Het vuur van de financiële crisis dooft, steek de echte economie maar aan.

De beste barometer is het Sociaal en Cultureel Planbureau. Denktank SCP publiceert elk kwartaal Burgerperspectieven, een meting van onze zorgen en verwachtingen. In de eerste twee kwartalen noemden Nederlanders al vaker zorgen over economie en eigen inkomen. Nu staan die zorgen bovenaan de lijst belangrijkste maatschappelijke problemen. Dat is voor het eerst sinds het SCP in 2008 deze ‘probleemladder’ opzette. De bezorgdheid is nu op het niveau van 1982, het dieptepunt van de laatste langdurige economische crisis. De zorgen om het dagelijks brood heben de niet-materiële zorgen, zoals normen, waarden, integratie en samenleven, verdrongen.

De SCP-ladder maakt duidelijk dat Nederland de economische misère accepteert. Niet alleen andermans crisis, maar ieders crisis. Geen ver-van-uw-bed show, zoals de kapitaalinjecties voor banken en verzekeraars van vijf jaar geleden. Geen abstract koopkrachtplaatje, maar luidruchtig knagen en vreten aan loon, uitkering of pensioen. En steeds weer die borden. Die borden die maar niet verdwijnen: ‘Te Koop’, ‘Te Huur’, ‘Uitverkoop’.

Het SCP-uitkomsten openen de weg naar de acceptatie van nieuwe zekerheden, knarsetandend, maar toch... De zekerheid van hogere werkloosheid, van hogere kosten (gezondheidszorg, huren, studerende kinderen), van los-vaste banen, van ongewisse pensioenen en van huizenprijzen die niet van de grond komen.

Nederland accepteert, nee capituleert voor de crisis. Deze crisis blijft nog wel even onder ons. Vluchten kan niet meer. Verdringen ook niet. Dat sentiment is de noodzakelijke basis voor elk herstel. Alleen capitulatie maakt de weg vrij voor de offers en de inspanningen die nodig zijn. Maar waar heen? En hoe? En met wie?

De ommekeer in het sentiment en in de groeiprognoses is welkom nieuws voor het kabinet. Nieuwe gedoogpartners (D66?, CDA?) zoeken voor nieuwe akkoorden is nu verspilde moeite. Het kabinet moet juist de vermoeiende tussenformaties, het bijeensprokkelen van stemmen en de fantasieloze bezuinigingsmantra’s achter zich laten. Alleen economische groei geeft de politieke dynamiek een impuls. Groei is de enige bondgenoot die het kabinet nodig heeft.

Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze column over economische ontwikkelingen.

    • Menno Tamminga