Column

Christiaan Weijts De rolbevestigingspolitie

De eerste sinterklaasrel is al in het land. In een speelgoedfoldertje van Bart Smit staan meisjes afgebeeld met daarbij de tekst: ‘Zo goed zijn als mama, dat wil je ook’. Nee, ze dragen geen kanten strings, netkousen, jarretels of push-upbh’s. Het is allemaal veel erger: ze dragen plastic stofzuigertjes en schoonmaakwagentjes.

‘Kapster worden, dat is wat je wil’, staat er verderop voor meisjes. Bij de afdeling ‘voor kleine ontdekkers’ staan dan alleen jongetjes afgebeeld. De rolbevestigingspolitie is in opperste staat van paraatheid.

Toch heb ik wat voorzichtige vraagjes. Zouden ze even geschokt zijn als het jongens waren bij plastic werkbanken met zwaar gereedschap (‘Zo goed zijn als papa, dat wil je ook’)? En waarom draait onze maag niet consequent om bij reclames voor wasmiddel (altijd vrouwen), bouwmarkten (mannen) en bier (mannen, plus eventueel wat sloeries)? Al eeuwenlang staan babypoppen altijd in meisjesarmen in folders. Daar is nog nooit een verstandig iemand door ontploft.

Het gaat dus vooral om dat schoonmaken, en de impliciete boodschap die Bart Smit afgeeft: vrouwen zijn genetisch voorgeprogrammeerd voor het aanrecht.

Nu ben ik in de onvoorstelbaar gelukkige omstandigheid dat ik een zoon (4) en een dochter (2) heb. We hebben ze exact dezelfde spullen aangeboden, maar ze gaan er radicaal anders mee om. De bal waar Zoon vroeger meteen mee ging smijten en rollen, pakt Dochter beet om er urenlang de plaatjes op te bestuderen. Zoon heeft nooit iets om de poppen gegeven die van Dochter onafscheidbaar zijn. Gaf je Zoon papieren zakdoekjes, dan scheurde hij die in kleine stukjes en ging er mee ravotten. Dochter gaat ermee… schoonmaken. Al na het ontbijt roept ze: „Doekje! Doekje!” En daarna: „Natmaken, natmaken doekje!” En daarna boent ze het hele huis.

Terwijl: ook ik zuig stof, ruim de vaatwasser uit en in en kook drie keer per week. Ik zie het overal om me heen: de jongens spelen brandweerman, de meisjes frutten met hun haar en kleren. En dat gebeurt allemaal in gezinnen waarin vaders actief meedoen, en kinderen van jongs af aan zelf konden kiezen waar ze mee spelen.

Ik heb geweldig nieuws voor de rolbevestigingspolitie. We hoeven niet zo krampachtig te reageren. Jongens en meisjes verschillen. Iets in hun biochemische huishouding zorgt ervoor dat meisjes al vanaf hun tweede alleen nog maar roze willen – roze, roze, roze! Hoe sterk je je ook vooraf had voorgenomen daar absoluut nooit aan mee te doen, uiteindelijk loop je toch door de straat met aan je ene hand een raceautocoureur en aan de andere een prinses.