Kleine website, grote mond

Capital was een bescheiden New Yorkse nieuwswebsite. De overname door Politico vorige maand biedt nu ruimte voor snelle groei. Met traditionele journalistiek.

Nieuwssite Capital moet voor New York en de lokale politiek worden wat Politico is voor Washington. Foto iStockPhoto, beeldbewerking Fotodienst NRC

De redactie van Capital wekt niet meteen de indruk de toekomst van de online journalistiek in de Amerikaanse mediahoofdstad te zijn. Hoog in een smoezelig gebouw aan West 39th Street in New York zitten vijf jonge mensen stil te werken. De inrichting is er karig. Het overleg over deadlines klinkt onzeker.

Stilte voor de storm? Hoofdredacteur Tom McGeveran, een kalme veertiger, denkt van wel. Hij is dezer dagen meer dan twintig nieuwe redacteuren aan het inhuren. Gezamenlijk zullen zij de website vullen die dit najaar geheel vernieuwd wordt gelanceerd. De holle redactieruimte zal zich vullen met jong talent. Triomfantelijke geluiden van pakkende primeurs zullen klinken. „Hou ons in de gaten”, adviseert McGeveran.

De baas van Capital (‘kapitaal’ of ‘hoofdstad’) heeft grote plannen. Hij wil de concurrentie aangaan met The New York Times. En ja, die ambities zijn gegrond, betoogt McGeveran. Want de kleine website met de grote mond is onlangs overgenomen door Robert Allbritton, mediamagnaat en eigenaar van Politico in Washington. Een Politico voor en over New York, dat moet Capital worden.

Het digitale magazine Politico is in vijf jaar uitgegroeid tot de politieke must read van de Amerikaanse hoofdstad. De diepgaande publicatie kan de dagelijkse strijd met The Washington Post gemakkelijk aan. Op de site van Politico komen elke maand 6,6 miljoen unieke bezoekers af. Zodoende zijn de verwachtingen voor Capital sinds een paar weken hooggespannen.

McGeveran benadrukt ‘een paar essentiële zaken’. Zijn publicatie wordt géén nieuwe BuzzFeed, de hitsite waar stevige verhalen over het buitenlandbeleid van president Obama verschijnen naast de tien schattigste poezenfoto’s. Evenmin wordt het een Huffington Post, waar ongeveer iedereen met een internetverbinding verhalen en opinies kan dumpen. Capital moet een eigenzinnige, snelle, eenentwintigste-eeuwse publicatie worden. Met een twintigste-eeuwse neus voor hard nieuws en kritische analyse. „This is how New York works”, luidt het zelfverzekerde motto.

De stad huisvest een hoog percentage bekende en minder bekende namen met grote politieke en financiële macht. Capital is voornemens om hen in de gaten te houden. „Juist onder deze hoog opgeleide bevolking bestaat behoefte aan journalistiek naar de klassieke maatstaven”, zegt McGeveran. „Diepgravende verslaggeving op lokaal niveau. Heldere taal. Verhalen die je nergens anders leest.” Hij wil ‘een New Yorkse toon voor een New Yorks publiek’ aanslaan.

In deze tijd van mondialisering en digitalisering gaan lokale media volgens McGeveran een van twee kanten op. Of ze willen zich als nationaal medium presenteren, wat ten koste gaat van de kwaliteit en kwantiteit van de lokale berichtgeving; zie The New York Times. Of de lokale verhalen worden oppervlakkiger en ‘leuker’ om een YouTube- en BuzzFeed-gevoel te creëren; zie de Daily News en The New York Post.

Als nieuwe directeur heeft Allbritton andere plannen. Hij verkocht eerder dit jaar de televisiedivisie van zijn bedrijf. Het geld dat vrijkwam investeerde hij deels in Capital. Het ‘onpartijdige’, opinievrije model zal in New York ook werken, voorspelt hij: „We gaan ons als een laserstraal concentreren op de machtscentra, inclusief de media, de politiek, cultuur en het bedrijfsleven. Wat ze bij Capital al aan het doen zijn, maar dan op steroïden.”

De onvermoeibare journalist Jim VandeHei zal van Politico overstappen om Capital te leiden als uitgever, terwijl McGeveran met Josh Benson de hoofdredactie blijft vormen. De competitieve mediawereld van New York is een geschikt laboratorium voor de Politico-aanpak, aldus VandeHei. „Ze zijn daar gewend aan het ruige spel van de journalistiek, aan echte concurrentie. Die mentaliteit zoeken we.”

Wat is het zakelijke model voor Capital in een tijd dat veel media lijden, krimpen en verdwijnen? McGeveran verwacht een gemengd patroon. Er komen gerichte advertenties op de schermen van lezers. Er zal ‘inhoud van onze sponsors’ verschijnen, advertorials. Waarschijnlijk komt er een prijzig lidmaatschap – een cijfer dat rondzingt is 99 dollar (73 euro) per maand.

Ook het wekelijkse magazine en de ‘verticale’ specials van Politico, bijvoorbeeld over onderwijs of infrastructuur, kunnen als inspiratiebron dienen. Politico Pro lijkt vooralsnog een stap te ver. Die abonneedienst voor lobbyisten en politici in Washington kost maar liefst 5.000 dollar (3.700 euro) per jaar. Opvallend genoeg zijn ook dergelijke abonnementen een succes.

Hoe dan ook, de financiële zekerheid door de fusie vervult McGeveran met een rust die hij eerder niet had. Als sterverslaggevers verlieten Benson en McGeveran in 2010 The Observer, een weekkrant in New York. Anders dan bijvoorbeeld de initiatiefnemers van De Correspondent in Nederland sprongen de Capital-oprichters in het diepe met slechts een vaag plan – zonder veel middelen, medewerkers of lezers. Het was wat de Amerikanen instemmend een grassroot-operatie noemen: van onderaf, klein beginnen en kijken waar het schip strandt. McGeveran: „We hadden het gevoel dat er ruimte was voor een nieuw medium met oude waarden. Maar het was slechts een voorgevoel.”

Zonder veel aandacht te trekken konden de oprichters behoedzaam beginnen, onder de radar. McGeveran vindt het een cruciaal voordeel. „We hebben geëxperimenteerd. We konden vergissingen maken.”

Met zijn bescheiden redactie heeft Capital lange tijd „ver boven onze macht gebokst”. McGeveran: „We hebben puur op lef meegedaan in de harde mediawereld.” Elke dag verschijnen er tientallen stukjes van drie of vier hyperactieve reporters. Desondanks is Capital recentelijk opgemerkt, onder andere door de machtige burgemeester Michael Bloomberg. Hij scheldt op de publicatie zoals hij afgeeft op alle media. De furie van miljardair Bloomberg vormt een bron van trots en bestaansrecht voor journalisten. McGeveran: „Het is tijd een volwaardig team op te stellen.”

    • Diederik van Hoogstraten