Haal een blanke voor je lens!

Tanzaniaanse studenten fotograferen westerlingen Kunstenaar Jan Hoek, initiatiefnemer van het project, vertelt erover „Eindelijk, de eerste goede foto” 

Boven (blanke in traditionele kleding): ‘I wish you were my goddess’, van Kelvin Praxedec; Midden (toeristen met Afrikaans haar): ‘Duo’s’, van Mwantum Mseta Msangi; Onder (met gefotoshopte Jennifer Lopez): ‘Me & My Icon’, van Pendo Joseph Sikawa.

In Arusha wordt veel gefotografeerd. Door westerlingen. Die zijn hier in overvloed. Tanzania ontvangt meer dan een miljoen toeristen per jaar en Arusha is de toeristenhoofdstad van het land.

Toeristen maken foto’s van exotische Masaikrijgers, de hulpverleners van schattige kindjes, en de journalisten gaan op zoek naar lijmsnuivende straatkinderen. Representatief is het niet: zakenmannen, Masai in blingbling hiphop-outfits en mensen die in gewone bakstenen huizen wonen, willen we in het Westen niet zien.

Zelf maken de Tanzanianen heel wat minder foto’s. En zeker niet van westerlingen.

In een klas van het Kilimanjaro Film Institute (KFI), net buiten Arusha, zitten zeventien beteuterde studenten op de bankjes. Het blijkt moeilijker dan ze dachten om Wazungu (blanken) te fotograferen.

Het filminstituut is opgericht om jongeren uit arme gezinnen op te leiden tot mediamaker. Straks maken zij zelf films, documentaires, televisieprogramma’s. Hiervoor worden nu nog vaak westerse journalisten ingevlogen, maar dat zal veranderen. Deze jonge mediamakers willen laten zien hoe zíj Afrika zien. En in dit geval: hoe zij de blanken in Afrika zien.

Die meisjes zijn bijna naakt

Toen we begonnen met het project – ‘we maken een expositie over Wazungu’ – was de opwinding groot. Iedereen wilde zijn zegje doen. „Veel van die meisjes gaan bijna naakt over straat. Ze denken dat ze een korte broek aan hebben, maar voor ons is dat gewoon ondergoed”, zei er een. Een ander: „Toen ik jong was, zag ik een zombiefilm. Alle zombies waren blank, dus dacht ik dat blanken en zombies hetzelfde waren.” Lachen.

Ik krijg ook dingen te horen die aan het denken zetten. Zo menen de studenten dat in Europa ook iedereen louter gekleed gaat in kaki outfits vol praktische zakjes.

In Nederland heb ik zeventien digitale camera’s verzameld en daarmee zijn de studenten de stad in gerend om ‘blanken te bespringen’. Na terugkeer is het enthousiasme wat getemperd. Veel vage foto’s, die allemaal op elkaar lijken. Ik denk terug aan de waarschuwingen die ik kreeg. „Ze zijn allemaal heel welwillend, die Tanzaniaanse studenten, maar verwacht niet dat ze zelf met origineel conceptueel werk aan komen zetten.”

Mijn studenten merken dat de Wazungu niet gefotografeerd willen worden. „Waarom?”, vragen ze. „Zij maken toch ook foto’s van iedereen?”

Ik probeer uit te leggen dat je hier op straat als westerling continu belaagd wordt door allerlei grimmige types die uit zijn op je geld.

Bleke bio-industriekippen

Een jongen laat een foto zien van een mollig, blank meisje in een flodderige, Afrikaanse broek, die krampachtig haar handen voor haar gezicht houdt om niet te worden gefotografeerd. De eerste goede foto.

Twee weken later gaat de expositie in de enige galerie van Arusha open. Er hangt een foto van een blanke jongen die aan een enorme bout vlees knabbelt. Zijn gezicht is bewerkt, zodat hij op een zombie lijkt. Mkamba, de maakster, geeft uitleg aan twee verbaasde toeristen. Ook is er een foto van bleke bio-industriekippen in een loods. Kippen die naar westers model worden geproduceerd heten Kuku Mzungu (kip van de blanken). Iets verder een foto van een als een idioot dansende, overmatig transpirerende zakenman. De titel: Whatever Happens In Tanzania Stays In Tanzania.

Er is gephotoshopt, er zijn collages gemaakt, blanken aangekleed als Tanzanianen en andersom. Iemand heeft enkel de huizen van expats vol clichématige Afrika-attributen gefotografeerd. Een wereld van verschil na de foto’s van de eerste dag. Mama Si, een buitenlandse prominent uit Arusha die al zo lang in Tanzania woont dat ze Afrikaanser lijkt dan de Afrikanen, vat het bondig samen: „Zoveel beter dan alle foto’s die de westerlingen hier zelf maken!”

Verder is veel bij het oude gebleven. We hebben de foto’s op ansichtkaarten laten drukken, maar niemand wil een kaart met een blanke. Dan liever een exotische Masai uit de toeristenwinkel.

    • Jan Hoek