Wat moet die melkkoe daar op het spoor?

De reiziger zal het verder worst zijn, als zijn trein maar op tijd is, een zitplaats heeft en schoon is. Maar ondertussen is de klant van de Nederlandse Spoorwegen een cruciale schakel geworden in het dichten van gaten op de rijksbegroting, om te beginnen met de uitgaven van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.

De NS is een staatsbedrijf. De rijksoverheid bezit alle aandelen. De NS is tevens melkkoe. Vorig jaar betaalde de NS in Nederland een gebruiksvergoeding aan de overheid voor de railinfrastructuur van 314 miljoen euro, 67 miljoen euro vennootschapsbelasting over de behaalde brutowinst plus 92 miljoen euro dividend.

De begroting van het ministerie van Infrastructuur en Milieu wordt maar ten dele gevoed vanuit de belasting waaraan iedereen moet bijdragen. De burger draagt bij als belastingbetaler én als klant van de NS. Als reiziger betaalt hij bijvoorbeeld de opslag voor de gebruiksvergoeding van de infrastructuur die stilletjes verwerkt is in de prijs voor zijn treinkaartje. Deze railconcessie vloeit via de NS naar het ministerie, die de concessie verleent.

Falen en succes van de NS hebben zodoende direct gevolgen voor de overheid. Dat speelde eind 2011, toen de NS als hoofdexploitant van de hoge snelheidslijn niet langer aan de verplichtingen wilde voldoen. Dat sloeg een krater in de departementsbegroting van 2,4 miljard euro. Door de afspraken met de NS te wijzigen in het voordeel van de NS én de prijs van de concessie per saldo te verlagen én het nodige creatieve boekhouden kon toenmalig minister Melanie Schultz van Haegen (VVD) voorkomen dat haar begroting voor jaren zou ontsporen. Onderdeel van de financiële creativiteit was het vooruitschuiven van verwachte inkomsten en beloofde investeringen naar de verre toekomst, naar 2025-2028. Wie dan regeert, die dan maar ziet.

Nu moeten nieuwe tegenvallers worden bestreden omdat de NS helemaal is gestopt met de Fyra, de snelle trein. Het financieel gegoochel van eind 2011 krijgt een recht-op-en-neer-vervolg. In de brief over de Fyra die staatssecretaris Wilma Mansveld van Infrastructuur en Milieu (PvdA) vrijdag aan de Tweede Kamer stuurde, staan twee gevolgen voor de begroting: de NS betaalt 119 miljoen euro minder dividend en het ministerie verlaagt met dat bedrag de uitgaven van het Infrastructuurfonds. Nederland gaat minder investeren in rails en wissels omdat de NS die miskoop heeft gedaan. Buiten de sfeer van staatsbedrijven à la de NS zie je deze trend ook opduiken. De particuliere banken moeten 1 miljard euro bijdragen aan de redding van stroppenbank en verzekeraar SNS Reaal. Particuliere pensioenfondsen moeten in de visie van het kabinet hun premie verlagen om de economie een impuls te geven.

De intense financiële wisselwerking tussen staatsbedrijf NS en de staatskas en publieke voorzieningen maakt de verhoudingen tussen politiek bestuur, bedrijfsmanagers en hun reizigers onoverzichtelijk en schimmig. Het ministerie en de NS laden bij voorbaat de verdenking op zich dat de NS ook na liberalisering en aanbesteding van het openbaar vervoer meer gelijk is dan andere vervoerders. Een beeld waar de andere vervoerders (Arriva, Veolia) gretig gebruik van maken.

Voor de NS en de overheid zit er, afgezien van gemist dividend en geschrapte uitgaven, nog een component in de Fyra-erfenis. Mansveld stelt een gesprek van minister van Financiën Dijsselbloem (PvdA) met de NS in het vooruitzicht. Dat wordt de vuurdoop van NS-president-directeur Timo Huges, die vandaag is begonnen. Het gesprek zal gaan over „concrete maatregelen ter verbetering van de efficiency en doelmatigheid”. Kortom: de aandeelhouder eist een reorganisatie bij de NS om zijn inkomsten veilig te stellen.

Maarten Schinkel en Menno Tamminga schrijven in deze column over economische ontwikkelingen.