Vreemdelingen opsluiten kan nog veel humaner

Een vrouw, getraumatiseerd door verkrachting, visiteren tot in de bilnaad – is dat een menselijke manier van omgaan met vreemdelingen die gevangen zitten in een Nederlandse cel? Nee, meent Amnesty International.

iLLUSTRATIE sEBE eMMELOT

Donderdag debatteert de Tweede Kamer met staatssecretaris Teeven over zijn ‘Toekomstvisie’ op vreemdelingendetentie. Veel Kamerfracties, waaronder coalitiegenoot PvdA, verlangen een humaan beleid – zeker na de zelfmoord in detentie van de Russische asielzoeker Alexander Dolmatov. De aangekondigde maatregelen voldoen volgens de staatssecretaris aan deze eis. Ze maken het beleid „humaan”, nee „humaner”, zo corrigeerde Teeven zichzelf onlangs snel.

De PvdA-fractie liet direct na de presentatie van de plannen weten dat ze ‘tevreden’ was. „Wie het rapport van Amnesty [over vreemdelingendetentie] kent, weet wat het werkelijke belang is van deze vooruitgang”, die „voor vele vreemdelingen van betekenis” zal zijn, aldus Kamerlid Marit Maij van de PvdA. Maar juist in die betekenis voor vreemdelingen zit het probleem. Een korte blik op de verhalen van vreemdelingen die het afgelopen jaar in de media, waaronder deze krant, aandacht kregen, laat zien dat de voorstellen vaak tekortschieten.

Neem Younis, inmiddels landelijk bekend als een van de woordvoerders van de Vluchtkerk/Vluchtflat. Hij zat vijf keer in vreemdelingendetentie, telkens zonder dat het tot uitzetting kwam. Bijna vier jaar van zijn leven zat hij achter de tralies van de Nederlandse detentiecentra. Een typisch geval van herhaalde bewaring.

Teeven hierover: „Hoewel de inzet is herhaalde bewaring te voorkomen, kan ik dat niet uitsluiten.” Wat die inzet behelst, maakt Teeven niet duidelijk. Op de stelling van Amnesty International dat Nederland met herhaalde en langdurige vreemdelingendetentie EU-regels lijkt te overtreden, heeft de staatssecretaris tot nu toe met zwijgen gereageerd. Inmiddels ligt het volgende dossier, dit keer van een vreemdeling die bij elkaar vijf jaar in vreemdelingendetentie heeft gezeten, alweer op mijn bureau.

Of neem de situatie van kwetsbare vreemdelingen, zoals mevrouw N., een 68-jarige Burundische die ernstige lichamelijke klachten heeft en mogelijk ook aan dementie lijdt. Zij verbleef zeven maanden in detentie. Voor vreemdelingen zoals zij blijft ook onder de nieuwe regels ‘detentiegeschiktheid’ de maatstaf om al dan niet achter de tralies te komen.

Deze norm werd ontwikkeld om te bepalen of veroordeelde criminelen wel afdoende in de gevangenis zouden kunnen worden behandeld. Alleen bij hoge uitzondering zou de gezondheidssituatie zwaarder wegen dan het belang om die crimineel uit de samenleving weg te halen.

Maar mevrouw N. was geen crimineel. Ze was een asielzoekster die te horen had gekregen dat ze niet in Nederland mocht blijven. Toch werd haar gezondheid tegen datzelfde belang op de weegschaal gelegd. En te licht bevonden. Ook iemand van wie bekend is dat hij suïcidaal is – zoals de Rus Dolmatov – kan onder de nieuwe aanpak gewoon weer achter slot en grendel worden gezet.

Het vastzetten van kinderen, een andere kwetsbare groep, wil de staatssecretaris wel terugdringen, maar niet uitsluiten.

En dan de keiharde veiligheidsmaatregelen. Komt met het nieuwe beleid hieraan een einde? Een vrouw die, net als haar dochter, in haar land van herkomst was verkracht, belandt in Nederlandse vreemdelingendetentie. Zij weigert mee te werken aan een zeer vernederende ‘visitatie’: helemaal uitkleden en je in je bilnaad laten kijken. Daarop wordt zij tegen de grond gewerkt en gedwongen gevisiteerd met gebruik van geweld. De toezichthouder vond de gang van zaken in grote lijnen conform de regels. Waargebeurd. Een schrijnender voorbeeld van het failliet van deze regels – gericht op de omgang met zware criminelen, niet op (soms getraumatiseerde) vreemdelingen die moeten terugkeren – is nauwelijks denkbaar. Maar de staatssecretaris komt in zijn voorstellen niet verder dan dat hij nog onderzoekt of visitatie door andere middelen kan worden vervangen.

En de isoleercellen, die dit jaar ook weer veelvuldig zijn ingezet toen grote groepen vreemdelingen met een hongerstaking demonstreerden tegen de omstandigheden in vreemdelingendetentie? Deze lijken gewoon te worden gehandhaafd.

De plannen bevatten elementen die positief kunnen uitpakken voor vreemdelingen, zoals het uitbreiden van alternatieven voor detentie, het beter vastleggen van Europese regels en het vergroten van bewegingsvrijheid in detentiecentra. Maar voordat ook maar kan worden gedacht over het gebruik van het label ‘humaan’, of zelfs ‘humaner’, moet de staatssecretaris nog een hoop doen. Het voorkomen van langdurige en herhaalde detentie, het staken van opsluiten van kwetsbare vreemdelingen en een einde maken aan het gebruik van zware veiligheidsmaatregelen staan hierbij voorop.

De Kamer moet deze week een kritisch debat met de staatssecretaris aangaan en deze kwestie niet om politieke redenen even snel te bespreken en dan terzijde te schuiven.