Knetterende dialogen van Goos leiden tot oergeestige ‘Familie’

Succes kan zich herhalen. In 2000 was de voorstelling Familie, naar de tekst van Maria Goos, een triomf. Dat is haar toneelstuk in de herneming weer. Goos schreef een messcherpe en inktzwarte tragikomedie, die knaagt aan de waarden van gezin en familie, maar die bovenal oergeestig is. Haar harde humor wordt vertolkt door een hecht ensemble dat adequaat comedy speelt.

De familie bestaat uit broer Nico en zus Bibi met partners en hun ouders, die bijeenkomen in een wintersportchalet – om samen te zijn nu moeder is uitbehandeld en nog maar een half jaar te leven heeft. Ieder beweert het beste met de ander voor te hebben, maar bij elk gesprek dat ze voeren wordt duidelijker dat ze elkaar eigenlijk helemaal niet mogen.

Familie is een wervelend demasqué, van mensen die teren op hypocrisie, verbittering en egoïsme. De alternatieve Bibi geeft af op de zakelijke Nico, die haar en haar man Von op zijn beurt kleineert met grappen over haar chakra’s en zijn alcoholisme en mislukt schrijverschap. „Kom op Von”, zegt Nico tegen de talmende Von als ze moeder buiten in de sneeuw gaan zoeken, „of moet ik eerst een tonnetje cognac onder je neus hangen?”

De personages krijgen schitterend vorm in de knetterende dialogen van Goos. De neurotische neigingen van Sandra en de trauma’s van Nico flonkeren bij Guy Clemens en Astrid van Eck. Samen vormen ze een intens geremd stel, bang voor het leven, bij wie de lach in goede handen is.

Elk idee van saamhorigheid en beschaving wordt in luttele uren afgepeld. Niemand blijft ongeschonden. Het bevredigende van deze voorstelling is dat ondanks de openlijke hatelijkheden niet alles op tafel komt. Bij de kinderen vormt hun tragiek niet meer dan een onderstroom. Persoonlijk verdriet wordt niet benoemd of uitgespeeld. De latente homoseksualiteit van Nico en de wrakkige staat van de relatie tussen Bibi en Von blijven suggestie.

Ongemakkelijk is alleen het slot, waar een voor de hand liggend moment van verstilling en emotionele beroering uitblijft. Dat ligt misschien aan de regie, die consequent tempo houdt. Waarschijnlijk is het Goos, die al te fluks afrondt met een plottechnisch handigheidje.

Al met al is het rumoer rond de herneming bevreemdend. Familie dient gewoon op het repertoire te staan en gespeeld te worden, zoals Ibsen en Tsjechov.

    • Ron Rijghard