Sleurt Silvio Italië mee in zijn val?

Oud-premier Berlusconi veroorzaakt een politieke crisis Dat is ook slecht voor de economische stabiliteit

Gisteren werd oud-premier Berlusconi 77 jaar. Dit weekend veroorzaakte hij opnieuw een crisis in de Italiaanse politiek. foto epa

Redacteur en correspondent Z-Europa

Het is crisis in Italië, opnieuw. Een dag voor zijn 77ste verjaardag heeft oud-premier Silvio Berlusconi, nog steeds de leider van het rechtse blok, zaterdag de vijf ministers van zijn groep opdracht gegeven hun functie neer te leggen. Die deden dat, sommigen onder protest. De toekomst van de brede links-rechts coalitie is hierdoor uiterst onzeker geworden.

Hoe kan dat? Berlusconi was toch veroordeeld?

Om die veroordeling, vier jaar wegens belastingfraude, draait het al twee maanden in Italië. Beroep is niet meer mogelijk (al wil Berlusconi zijn zaak wel aanhangig maken bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens). Dus moet de politiek iets met dat vonnis, dat in de praktijk neerkomt op één jaar huisarrest of sociale dienstverlening. Volgens een wet die vorig jaar is aangenomen, moeten mensen die een straf van langer dan twee jaar hebben gekregen, hun parlementszetel opgeven. Komende week zou een Senaatscommissie hier een definitieve stemming over houden, en de verwachting was dat die vóór schorsing van Berlusconi als senator zou stemmen. Berlusconi wil die stemming en schorsing voorkomen. Hij aanvaardt het vonnis en de consequenties ervan simpelweg niet. In een boodschap op internet schreef hij dat als hij zich zou terugtrekken uit de politiek, hij „zou instemmen met een gehalveerde democratie waarin gepolitiseerde rechters bepalen wie er moet regeren”.

Hoe is hierop gereageerd?

Premier Letta sprak van „een dwaas en onverantwoordelijk gebaar’’ en heeft volgens Italiaanse kranten Berlusconi binnenskamers omschreven als een bandiet. Hij vreest repercussies op de financiële markten, ook al omdat het kabinet de begroting voor volgend jaar nog lang niet rond had. Vrijwel alle grote kranten hebben het optreden van Berlusconi, die tot vrijdag nog riep dat hij geen politieke crisis wilde veroorzaken, veroordeeld. De zakenkrant Il Sole 24 Ore schrijft dat oud-premier Berlusconi zich onwaardig gedraagt. La Stampa schrijft dat Berlusconi lijkt te denken: als ik ten onder moet gaan, dan ook heel centrum-rechts én heel het land.

En nu?

Niemand die het weet. Premier Letta wil in het parlement onderzoeken hoe zijn kabinet ervoor staat. In de Kamer van Afgevaardigden heeft zijn linkse Democratische Partij een absolute zetelmeerderheid. Maar de Senaat is veel verbrokkelder. Stilletjes hoopt hij een aantal parlementariërs uit Berlusconi’s blok los te weken – vanmiddag komen de fracties uit Kamer en Senaat bijeen om de crisis te bespreken, en gisteren waren er heel wat mensen uit zijn partij die openlijk kritiek hadden op de breuk. Zoals minister Lupi, van Transport. Die zei dat zijn partij „een extremistische beweging” dreigt te worden.

Misschien, heel misschien, zou Letta steun kunnen vinden bij de Vijfsterrenbeweging, de protestpartij van komiek Beppe Grillo. Maar de tegenkrachten zijn sterk. Berlusconi zelf wil snel nieuwe verkiezingen. Berlusconi heeft daarvoor eerder deze maand zijn oude partij, Forza Italia, weer opgepoetst. Die moet de plaats innemen van het Volk van de Vrijheid, een verzameling van bewegingen en partijen op rechts en rechts-midden. En ook Beppe Grillo roept dat hij verkiezingen als de enige uitweg ziet. Bij de voorgaande verkiezingen, nog maar in februari, werd hij met 25 procent van de stemmen de grootste losse partij. Grillo heeft tot nu toe samenwerken met andere partijen afgewezen. Onder zijn aanhangers wordt wel hardop nagedacht of het niet verstandig is, of getuigend van verantwoordelijkheidsbesef, om Letta te steunen. Maar tot nu toe heeft Grillo (net als Berlusconi) de teugels binnen zijn beweging strak in handen weten te houden.

Een sleutelrol is weggelegd voor president Napolitano. Onder zijn regie is na twee maanden formeren uiteindelijk een brede coalitie gevormd. Die lijkt het ook niet meer te weten. Napolitano heeft de afgelopen dagen wel gezegd dat het geen zin heeft opnieuw te gaan kiezen als de kieswet niet eerst wordt veranderd. De huidige impasse is mede het gevolg van een aantal tegenstrijdigheden in de huidige kiesregels. Al anderhalf jaar roepen de grote partijen dat ze die problemen willen gladstrijken, maar in de praktijk komt het daar niet van omdat iedereen bang is dat veranderingen in zijn nadeel uitpakken.

Hoe gaan de financiële markten reageren?

De regeringscrisis kan duur uitpakken voor de derde economie van de eurozone. Toen het de afgelopen weken steeds harder ging rommelen in Rome, steeg de rente die Italië betaalt op de kapitaalmarkten al. Aandelenkoersen van nationale banken gingen in de min.

Het toont hoe belangrijk politieke stabiliteit is in tijden van eurocrisis. Beleggers wantrouwen een regering die niet daadkrachtig de overheidsfinanciën kan beheren. Krijgen markten een land eenmaal in het vizier, dan belandt het gemakkelijk in een neerwaartse spiraal. Een hogere rente maakt het duurder de staatsschuld te financieren. Dit maakt het lastiger de begroting sluitend te krijgen. Waardoor extra bezuinigingen nodig worden, die de economie afremmen en de staatsschuld nog zwaarder doen wegen.

Deze dynamiek dwong Griekenland, Portugal en Ierland steun te vragen aan het euronoodfonds. Italië is van een andere orde van grootte. Het land heeft een staatsschuld van ruim 2.000 miljard euro. Het geldt als ‘too big to fail and too big to bail’. Eerdere onrust over Italië, eind 2011, bracht Europa en de markten ertoe de regering-Berlusconi te wippen. Een technocratenkabinet herstelde het vertrouwen. De Europese Centrale Bank lanceerde ondertussen maatregelen om de euro te schragen. De huidige chaos in Rome leidt daardoor nog niet tot dezelfde paniek. Maar Italië kan het zich niet veroorloven dit geduld eindeloos op de proef te stellen.