Nederlanders blijven ver achter in Toscaanse uitputtingsslag

De Nederlanders speelden geen rol van betekenis in Florence. Bauke Mollema werd elfde, Robert Gesink viel uit.

Bauke Mollema was gisteren met een elfde plaats de beste Nederlander bij de wegwedstrijd tijdens de WK wielrennen. De Groninger eindigde op 34 seconden van winnaar Rui Costa.

Mollema toonde zich tevreden met die klassering. „In het begin van de koers voelde ik mij echt niet goed. Later kwam ik er goed doorheen”, zei hij na afloop. „Ik heb vaker aangetoond dat lange koersen mij goed liggen”, weet Mollema. „Ik realiseerde mij dat iedereen kapot zat. Dat heeft mij wel door de moeilijke momenten gesleept.”

Mollema sprak van een uitputtingsslag. „Het was een bizar zware koers. Die regen heeft veel renners getroffen. Op de Fiesole, de lange klim, reden ze als gekken naar voren. Daardoor was er geen tijd om bij te komen. Ik heb de hele dag op de limiet gereden.”

Toen de grote tenoren gingen, kon Mollema niet mee. „Toen Rodriguez ging, ontploften mijn benen. Ze gingen gewoon te hard”, verzuchtte de Belkin-renner. „Daarna probeerde ik mijn eigen tempo te rijden. Met een elfde plek ben ik niet ontevreden.”

Verrast was Mollema niet dat Costa uiteindelijk met de zege aan de haal ging. „Het was een naam die wel bij de vijftien favorieten behoorde. Of hij een terechte winnaar is? Als je deze koers winnend afsluit, ben je wel de terechte winnaar", lachte de Groninger.

Naast Mollema streed van de Nederlanders Pieter Weening tot aan de laatste ronde mee. Hij eindigde als twintigste.

Veel renners maakten de finale van de loodzware koers niet meer mee, onder wie de Nederlanders Laurens ten Dam, Tom Dumoulin en Johnny Hoogerland. Maar ook de gehele Britse ploeg stapte vroegtijdig af, onder wie Tourwinnaar Chris Froome. Verder behoorden Nairo Quintana, Chris Horner en Cadel Evans tot de uitvallers, mede door valpartijen.