Heero tart de fans van Cambuur

SC Heerenveen won gisteren met 2-1 van rivaal SC Cambuur. Tussen de fans heerst diepe afkeer. „Maar bij de Friese derby is de agressie minder dan bij andere voetbalclashes.”

Mascotte Heero provoceert de supporters van Cambuur in de Friese derby die Heerenveen met 2-1 won. Foto Kees van de Veen

Valt een mascotte onder het tuchtrecht van de voetbalbond? Zo ja, dan zou het gedrag van de persoon die zich namens SC Heerenveen bij elke thuiswedstrijd in een mal pak hijst eens nader beoordeeld moeten worden. Is het niet door de bond, dan toch zeker door SC Heerenveen. Tot de taken van een mascotte behoort publiek animeren, niet supporters van de tegenpartij provoceren.

De Heerenveense mascotte, die de naam Heero draagt, vond het na afloop van de gewonnen derby tegen SC Cambuur (2-1) schijnbaar een goed idee om tijdens de ereronde van het winnende elftal zijn Friese vlag even uit te lenen aan een speler, die daarmee voor het uitvak van Cambuur-supporters opzichtig stond te zwaaien. Waarna er een regen aan voorwerpen op het veld neerdaalde.

Daarmee hield de ondeugd van Heero niet op, want toen even later naast de hoofdtribune fans korte tijd slaags raakten, rende het mormel zelf uitdagend met zijn Friese vlag heen en weer. Stewards hadden onderwijl hun handen vol om de strijdende partijen uit elkaar te houden.

Het zwaaien met de provinciale vlag geldt niet in alle delen van Friesland als een onschuldige bezigheid. Cambuur-supporters komen uit Leeuwarden, de hoofdstad, waar de inwoners zich minder op hun Friese identiteit laten voorstaan dan in de rest van de provincie. Bovendien heeft Heerenveen van de pompeblêden zijn symbool gemaakt. Dat steekt in Leeuwarden, waar ze bovendien nog een variant op het Fries spreken, het zogeheten stadsfries. In Cambuurkringen is de Friese vlag allesbehalve populair.

Dat geldt ook voor het voor het Friese volkslied De Âlde Friezen. Dat willen aanhangers van Cambuur niet horen, en al helemaal niet voorafgaande aan een voetbalwedstrijd. En laat SC Heerenveen elke thuiswedstrijd beginnen met het volkslied. Bij Cambuur hadden de spelers aanvankelijk weinig zin aan het ritueel mee te werken. Pas na veel interne discussie werd besloten de Heerenveense traditie te respecteren, al liet met name Cambuur-doelman Leonard Nienhuis opzichtig merken daar veel moeite mee te hebben.

De vele stekeligheden rond de Friese derby zijn relatief onschuldige uitingen van een diepe wederzijdse afkeer. SC Heerenveen en SC Cambuur, het zijn werelden die diametraal tegenover elkaar staan. De stad versus het platteland. Voor het vak van Cambuur-supporters hing een spandoek met de opmerkelijke tekst: ‘Anti Fries!’ Cambuur-fans heten stedelingen met een agressievere inborst te zijn dan hun Heerenveense broeders. Die hebben de naam voorbeeldsupporters te zijn. Dat gold gisteren niet voor alle Heerenveners, want bij de matpartij nabij de hoofdtribune sloegen zij er minsten zo lustig op los als hun opponenten uit de hoofdstad.

Het verschil tussen Heerenveen en Cambuur schuilt vooral ook in de status. Heerenveen heeft zich na de promotie naar de eredivisie, twintig jaar geleden, ontwikkeld tot toonaangevende eredivisieclub. Daarmee verspeelde Cambuur de Friese dominantie. Dat doet pijn in Leeuwarden, waar Cambuur in het zweefgebied tussen eerste en eredivisie is blijven steken.

Vooral die intense onderlinge haat was Gaston Sporre opgevallen. De interim-directeur van SC Heerenveen, die orde op zaken moet stellen nadat onder directeur Robert Veenstra grote interne twisten waren uitgebroken, wist niet wat hij meemaakte. Wekenlang is de derby onderwerp van gesprek en wekenlang wordt er naar uitgekeken. Als oud-voorzitter van FC Zwolle kende hij de rivaliteit tussen Zwolle en Go Ahead Eagles uit Deventer, en in iets mindere mate die tussen FC Twente en Heracles. „Maar dat is lammetjespap vergeleken met SC Heerenveen-SC Cambuur”, zegt Sporre, die zich gistermiddag kostelijk had vermaakt. Maar ook vond dat hij de tegenstander iets meer had verdiend. „Eerlijk gezegd vond ik SC Cambuur gelijkwaardig aan SC Heerenveen.”

Riemer van der Velde, de voormalige voorzitter van Heerenveen die de cultuur van pompeblêden nadrukkelijk aan die van de voetbalclub heeft verbonden en heeft gecultiveerd, beweert zelf geen afkeer van SC Cambuur te hebben. Hij kan ludieke acties van de supporters wel waarderen. Zoals toen fans het standbeeld van Heerenveen-icoon Abe Lenstra in de Cambuur-kleuren schilderden. „Zo lang de ongeregeldheden maar binnen de perken blijven. Ik prijs me nog gelukkig dat bij de Friese derby de agressie van een lager niveau is dan bij andere voetbalclashes in Nederland. Er zijn wedstrijden die gevaarlijker zijn.”

Er was Cambuur veel aan gelegen om dertien jaar na degradatie uit de eredivisie – in het seizoen dat Heerenveen zich plaatste voor de Champions League – de derby niet te verliezen. Dat lukte bijna maar uiteindelijk bleek de volwassenheid van Heerenveen doorslaggevend. En de klasse van Alfred Finnbogason, de IJslandse spits die met een ragfijne stiftbal het kampioenschap van Friesland besliste.