De theatermaker als journalist; laten we daar iets van leren

Theatermakers breiden hun werkterrein uit. Zij zijn tegenwoordig ook journalist, wetenschapper, onderzoeker, opiniemaker. Vijf jonge makers van het Nationale Toneel in Den Haag bestormen deze weken het Binnenhof, om zich als parlementair journalisten op politici te storten. Daarnaast bevragen ze óók de journalisten. Zijn de meesten van ons gevangen in één hokje; theatermakers willen en kunnen, als er tijd en geld genoeg is, alle partijen overzien.

Of neem Wunderbaum. Van dit collectief ging in Los Angeles afgelopen week Hospital in première, onderdeel van hun utopische New Forest-project, dat nieuwe oplossingen voor de samenleving onderzoekt. Wekenlang dompelden de makers zich onder in Skid Row, een extreem arme buurt in LA. Samen met de Los Angeles Poverty Department, een theatergroep van ex-daklozen, verkennen ze middels Hospital de stand van zaken in de zorg – daar (Obamacare) en hier (meer macht voor de vrije markt). Vanaf 16 november is Hospital in Rotterdam te zien.

Jan Zoet, directeur van de Amsterdamse Theaterschool, zei het al eens in een interview: theaterstudenten krijgen een jaloersmakende opleiding. Kritisch vermogen, een rijke geestelijke en intellectuele ontwikkeling – hier worden bewuste burgers gekweekt. Het zouden stuk voor stuk uitstekende journalisten, politici, wetenschappers of ondernemers kunnen zijn, aldus Zoet.

Maar theatermakers willen zich niet in eerste instantie uiten in de krant, met een proefschrift, of op het Binnenhof; hun arena is het theater – helaas een minder toegankelijk medium, met een veel kleiner bereik. Om hun grote maatschappelijke relevantie toch zichtbaar te maken, moeten daarom grenzen geslecht, muren neergehaald en poorten geopend.

Een theater dat dat dit seizoen meer dan ooit doet, is het Amsterdamse Frascati. Komende week is daar Hate Radio van Milo Rau te zien, een nagespeelde uitzending van radiozender RTLM in Kigali, die in 1994 een belangrijke rol speelde in het opzwepen van de Hutu-bevoking tot massaslachtingen van Tutsi’s. Spectaculair onspectaculair theater is het; ijzingwekkend in zijn achteloosheid, zoals massamoord inderdaad sluipend, terloops, ja, alledaags kan zijn.

In het verlengde van die fantastische, gruwelijke voorstelling organiseert Frascati vrijdag 4 oktober het debat ‘To act or not to act’, waarin politicus Jan Pronk, documentairemaker Steve Bradshaw en docent/onderzoeker Felix Mukwiza Ndahinda van Intervict van de Universiteit Tilburg zich buigen over de complexiteit van humanitair ingrijpen, een dilemma dat nu met Syrië helaas weer net zo prangend is als toen.

Ga het zien, allemaal: Nieuwspoort, Hospital, Hate Radio, en dit debat. Want kunstenaars mogen steeds vaker óók onderzoeker, wetenschapper, journalist of opiniemaker zijn, wilt u van hun kennis profiteren en iets opsteken, dan moet u ze wel opzoeken. In het theater bijvoorbeeld.

Herien Wensink is redacteur theater