Kabinet laat strafrecht vastlopen in geldgebrek en IT-chaos

Op maandagochtend 1 juli om kwart over elf verscheen het SP-Kamerlid Sharon Gesthuijzen voor de Haagse politierechter. Ruim een jaar eerder, in maart 2012 was ze gearresteerd omdat ze met een aantal postbezorgers illegaal zou hebben gedemonstreerd. Maar de zitting ging niet door. De politierechter had geen stukken, de computer deed het niet.

Een dag later stelde SP-Kamerlid Jan de Wit vragen aan de minister van Justitie. Hoe vaak moeten zaken worden uitgesteld, hoe vaak komt dat door IT-problemen, wat kost het en wat doet u er tegen? Op 30 juli werd hij door de regering afgewimpeld. Het parket hield dit allemaal niet zo bij. Meer dan ‘incidenteel’ komt het vast niet voor. Over tot de orde van de dag.

Sindsdien regent het incidenten. Trefwoord: administratieve chaos. Rechtbankpresidenten klagen hardop. Neem het Almeerse stel dat 32 dagen ten onrechte vastzat na een ondeugdelijke cocaïnetest, verdacht van smokkel via Schiphol. Het OM moest deze maand vaststellen dat het ontlastende NFI-rapport al twaalf dagen in huis was voordat iemand het las.

Het is eerder gesignaleerd: de strafrechtspleging dreigt vast te lopen door reorganisaties, geldgebrek en IT-problemen. Zaken blijven nóg langer liggen, verdachten krijgen zo lagere straffen, slachtoffers raken (verder) gefrustreerd. Het duurt nu gemiddeld negen maanden voordat het OM weet of het seponeert of vervolgt. Een strafzaak daarna duurt negen tot achttien maanden.

Het kabinet haalt de komende jaren de bulk aan bezuinigingen op Justitie binnen via kortingen op de rechtsbijstand, het gevangeniswezen en vooral het Openbaar Ministerie. De rechtspraak mag tot 2016 wachten met bezuinigen. De Nationale Politie krijgt er geld bij. Intussen gaan er 19 gevangenissen dicht en moet het OM tot 2018 maar liefst een kwart van het budget inleveren. Dat moet komen uit fusies, digitalisering, minder juridische ondersteuning, minder locaties en een kleiner centraal apparaat. Hogere productie tegen lagere kosten, met minder mensen.

Vorige week sprak ik een hoofdofficier die zei dat het ‘moest kunnen’. Maar dan diende er ook niks fout te gaan: nieuwe automatisering moest meteen werken, zodat personeel kon afvloeien. Ontruimde kantoren dienden prompt te worden verhuurd. „We blijven hetzelfde aantal zaken doen”, dacht hij. Met evenveel officieren als de 816 van nu? Hij hoopte van wel. Maar dat kon dan alleen als de kwaliteit van het politiewerk omhoog gaat. Zijn parket placht 20 tot 30 procent van alle dossiers als onbruikbaar terug te sturen. Op zijn excelsheet stond dat onder ‘vermindering rework’. Ook het OM zelf is niet bepaald foutloos. Bij de strafrechter wordt nu ruwweg op de zitting de helft van alle zaken aangehouden, meestal omdat er meer informatie nodig is. Maar ook omdat het dossier rammelt. Een strafrechter bij een grote rechtbank met overzicht zei me dat 13 tot 14 procent van de uitgestelde zaken wordt afgeboekt als ‘verwijtbaar OM’.

Intussen beweert de minister in de Kamer dat alles koek en ei is. Bij de Miljoenennota stuurde Justitie een hoerabrief rond. Nederland wordt veiliger, de ‘high impact crime’ gaat verder omlaag, het strafrecht zal ‘sneller en beter presteren’, tegen de georganiseerde misdaad is een ‘breed en krachtig front’ georganiseerd. En de hele rechtspraak wordt op nieuwe digitale voet geschoeid. Met internettoegang, een eenvoudiger (snellere, doelmatiger, betaalbare) procesgang.

Achter de schermen gist het. Volgende maand houden de top van het OM en de rechtspraak een tweedaagse heisessie om te zien hoe ze het schip vlot kunnen trekken. Eerder kwamen 35 officieren en strafrechters binnen de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak in een ‘snelkookpansessie’ bijeen. Uitkomst: de IT-problemen waar het OM al jaren mee worstelt zijn nog erger dan de rechters al dachten. De incidenten zijn het gevolg van structurele, langdurige problemen.

Bij de hoorzitting met experts in de Kamer was er ook kritiek op de rechters. De Orde van Advocaten liet weten dat er bij complexe strafzaken vaak nog maar één van de drie rechters echt het dossier kent. De rest playbackt. Daar is ook een term voor: togavulling. Uitspraken laten steeds langer op zich wachten. Na de zitting is het nu zes weken tot tien maanden wachten op het vonnis. In het vreemdelingenrecht duurt het zelfs een jaar tot anderhalf jaar na de zitting voordat er uitspraak is. En dan niet omdat het zo moeilijk is. Merendeels betreft het „zaken zonder inhoudelijke motivering”. Anderhalf jaar wachten op ja of nee dus. Rechters zijn te veel gespitst op het afdoen van de zaak en hebben niet de tijd om kritisch te zijn.

De beroepsvereniging van rechters NVvR presenteerde een enquête waaruit bleek dat driekwart van de rechters en officieren verwacht dat de kwaliteit van de rechtspraak achteruit zal gaan. Meer dan de helft heeft „zorgen over mogelijke dwalingen of pijnlijke fouten” die het gevolg kunnen zijn. Het kabinet vroeg voor de bezuiniging op het OM bedrijfskundig advies bij De Galan Groep. Die kwam met een ontnuchterende conclusie. „Vooralsnog niet haalbaar in 2018 zonder risico’s voor het primaire proces.”

Als het kabinet het OM tot 2020 de tijd zou geven om de bezuiniging te realiseren (quod non) dan moet er wel eerst een waslijst van ‘cruciale randvoorwaarden’ worden vervuld. Feitelijk komen die erop neer dat de digitalisering van politie, OM en rechtspraak in de komende jaren volledig zal slagen. En wel voor het hele werkproces en voor de héle keten. Dus niet alleen de kleine overtredingen, maar ook voor de grote strafzaken. Wie weet hoe het er nu voor staat en gelooft dat een totale automatisering van het hele strafrechtbedrijf én lukt én geld oplevert, heeft al jaren geen kranten meer gelezen.

De auteur is juridisch redacteur