De provinciebestuurders zeggen ‘nee’ tegen het wetsvoorstel...

Johan Remkes Foto ANP

De minister maakt een conceptwetsvoorstel en legt het in de zomer van dit jaar voor aan Noord-Holland, Utrecht en Flevoland. Die mogen hun zienswijze geven. De provinciebesturen (Gedeputeerde Staten) van de drie provincies oordelen eerst. En ze oordelen hard. Bekende kritiek – ‘de meerwaarde van de fusie is ons nog steeds onduidelijk’ – wordt aangevuld met nieuwe kritiek. Nee, de minister moet niet „inventariseren” welke nieuwe taken de Randstadprovincie mag uitvoeren, hij moet nú zeggen welke taken dat worden. Want nú loopt het wetgevingsproces.

En: de minister wil met de provinciefusie de bestuurlijke drukte in de Randstad verminderen.

Waarom roept hij in juni dan ineens twee nieuwe vervoerregio’s in het leven, waarvan één zich moet uitstrekken over het gebied Amsterdam-Almere, lees: Noord-Holland-Flevoland? Het loslaten van de vijf landsdelen is ook niet ongemerkt gepasseerd. Utrecht spreekt van een „geïsoleerd herindelingsvoorstel”, en een „duur, bestuurlijk experiment”. Kritiek op het uitstel van de fusiedatum komt van de Noord-Hollandse bestuurders Johan Remkes en Elvira Sweet in een opiniestuk in deze krant: „Wie wil er Statenlid of gedeputeerde zijn in een provincie die ruim een half jaar na de verkiezingen wordt opgeheven?”

De komende weken zijn de Provinciale Staten van de drie provincies aan het woord. Maandag in Utrecht, daarna in Flevoland en Noord-Holland. Op 16 oktober dienen de provincies hun officiële zienswijze bij Plasterk in. De kans dat de Provinciale Staten heel anders oordelen dan de provinciebestuurders, is klein. Marc Witteman, PvdA-gedeputeerde in Flevoland: „Wij als gedeputeerden hebben voorwerk gedaan. De essentie blijft in stand.”