Maak liever een Procentennota

Zes miljard bezuinigen, of vier miljard? Een EU-boete voor Nederland van 1,2 miljard? Een plan halveren om 24 miljoen te bezuinigen op de ‘spionnen’ van de AIVD?

Bij de Algemene Beschouwingen, afgelopen week in de Tweede Kamer, buitelden de miljoenen en miljarden over elkaar heen. De geïnteresseerde burger hoort de bedragen langskomen en denkt: da’s een hoop geld.

Maar is het écht veel? Iedere aanwijzing voor proportie of perspectief ontbreekt. 100 miljoen weghalen bij wetenschappelijk onderzoek, op een totaal van 900 miljoen, zou weleens veel dramatischer kunnen zijn dan bij sociale zekerheid (budget bijna 80 miljard). Getalsmatig gezien althans.

Elk jaar op Prinsjesdag verschijnt er een Miljoenennota: het huishoudboekje voor de Nederlandse overheidsbegroting. Het kabinet zou er goed aan doen de naam te veranderen en de inhoud aan te vullen. Zou niet beter zijn: de Procentennota?

Het politieke debat wint aan helderheid wanneer in de Kamer niet alleen in (vaak demagogisch gebruikte) hele euro’s wordt gepraat, maar vaker ook in percentages van de gehele begroting, van het nationale inkomen (bbp) of andere grootheden.

Hand op de knip

Vier of zes miljard bezuinigen? Het lijkt hier te gaan om de mate waarin ‘Den Haag’ de hand op de knip mag houden. Maar in werkelijkheid luidt de vraag: hoeveel mag de rijksoverheid éxtra bijlenen, nu de belastinginkomsten blijven tegenvallen en de uitkeringen snel oplopen? Mogen wij, Nederlanders, de staatsschuld volgend jaar met 3,3 procent laten stijgen, zoals het kabinet voorstelt? Of mag dat zelfs 3,9 procent zijn, als we géén 6 miljard bezuinigen? Of toch liever 3,5 procent méér schuld maken, zoals oppositiepartijen voorstellen.

Niet dat met zo’n weergave van de feiten het probleem meteen is opgelost, maar het maakt het debat en de beeldvorming zoveel zuiverder, omdat het politieke keuzes blootlegt in plaats van dat het boosheid voedt over financieel knippen en scheren.

Cultuur een ‘linkse hobby’ van rijke mensen en verwende museum-medewerkers, musici, acteurs en andere kunstenaars? Op de Haagse begroting staat 700 miljoen euro voor de cultuursector: 2,2 procent van de totale begroting voor onderwijs, cultuur en wetenschap; 0,25 procent (in woorden: één kwart procent, vierhonderdste deel) van de totale rijksuitgaven. Veel of weinig? Wie zal het zeggen. Maar misschien kunnen we het politieke debat helpen als we vaker de feiten en omgerekende cijfers hun werk laten doen.