En we noemen het: Mandela

Mandela is, terwijl hij nog leeft, naamgever van van alles en nog wat Twee fotografen brengen een boek uit met foto’s van alle vernoemingen Het wordt morgen gepresenteerd op fotobeurs Unseen

Vanaf linksboven: Nederlandse acteur Mandela Weewee (29), vernoemd naar Nelson Mandela. Een kas met een nieuwchrysantensegment met de bijnaam van Mandela, de chrysant heet de ‘Madiba’.Eenkat die Nelson Mandela heet, in Berkel en Rodenrijs. En dehotelzaal Nelson Mandela van het Westcord Hotel in Garderen.

Verslaggever

Het Nelson Mandelaplein. Het Nelson Mandelapark. De Nelson Mandelalaan. Het standbeeld Mandela.

Met de oud-president van Zuid-Afrika kun je alle kanten op.

Dat merkten ook fotografen Jan-Dirk van der Burg en Stefanie Grätz toen zij begonnen met het project After Mandela, een fotoboek dat morgen wordt gepresenteerd op de fotobeurs Unseen in Amsterdam.

Van der Burg en Grätz fotografeerden alle vernoemingen (straten, mensen, plantsoenen, katten, zalen) naar de anti-apartheidsstrijder. Het bleken er dertig te zijn. Nooit eerder werd een persoon die nog in leven is zo vaak vernoemd. Eigenlijk ‘hoor’ je dood te zijn om een straat op je naam te krijgen, maar voor Mandela gaat dat dus niet op.

Fotograaf Jan-Dirk van der Burg vroeg zich al lange tijd af waarom de Nelson Mandelabrug in zijn geboorteplaats Zoetermeer eigenlijk zo heet. De brug is een enorme betonnen kolos die door kijkers van VPRO-programma Slag om Nederland uitgeroepen is tot één van de lelijkste plekken van Nederland. Niet echt een eerbetoon aan Mandela, dus. Van der Burg: „Probeert de gemeente Zoetermeer goede sier te maken met de naam Nelson Mandela?”

Om dat te onderzoeken zette hij samen met Stefanie Grätz (fotograaf van de Volkskrant) alle Mandela-plekken op de foto, en onderzocht tevens de herkomst van al die vernoemingen. En inderdaad: „De wens om Mandela als mondiaal icoon van vrede op te nemen binnen de gemeentegrenzen, bleek vaak groter dan de allure van de vernoemde locaties”, zegt Van der Burg. „Zo’n Mandelastraat blijkt vaak op een of ander industrieterrein te liggen.”

Ook bleken veel straten naar Mandela vernoemd uit protest. In de jaren tachtig voerden diverse gemeenten een eigen apartheidsbeleid, los van de landelijke overheid. Een Mandelastraat had als doel de burger „bewust te maken” van de strijd die in Zuid-Afrika aan de gang was. Soms ging dat beleid zo ver, dat gemeenten geen zaken meer deden met bedrijven uit Zuid-Afrika, of zelfs niet met bedrijven die zélf met Zuid-Afrika handelden. Zo mocht de toenmalige directeur van Shell (ook actief in Zuid-Afrika) zijn afscheidsfeestje niet geven in een gemeentelijk hofje van Delft. U gaat uw afscheid maar ergens anders houden, zei Delft. Geen Shell-feestjes in een stad met een Mandelastraat.

Kijk voor meer informatie over After Mandela op: nrch.nl/33xq