Druk op studentenwoningen in de stad neemt tijdelijk af

De druk op studentenhuisvesting in de stad neemt tijdelijk iets af, omdat de groei van het aantal studenten de komende jaren even stabiliseert. Dat blijkt uit een actualisering van de huisvestingsvisie ‘Studeren in de Topstad’ van de Amsterdamse hogeronderwijsinstellingen, die vandaag is verschenen.

De groei neemt minder toe dan geraamd. De instroom van het aantal studenten is recent gedaald en de gemiddelde verblijfsduur ook. Er komen zelfs eerst minder studenten naar de stad. In 2012 telde Amsterdam 103.240 studenten, in 2014 zijn dat er 102.060, volgens een raming van het ministerie van Onderwijs.

Bovendien blijkt uit schattingen op basis van enquêtes dat de huidige druk op studentenhuisvesting het afgelopen jaar is gedaald. In 2012 wilden nog 13.000 studenten graag in Amsterdam gaan wonen, een jaar later was het aantal woningzoekenden teruggelopen tot 8.000. Dit zou veroorzaakt kunnen zijn door nieuw opgeleverde studentenwoningen.

Maar de noodzaak van nieuwe woonruimte blijft, zo blijkt uit de nieuwe cijfers. De groei van het aantal studenten zal weer gaan aantrekken, waardoor er in 2018 naar verwachting 109.110 studenten in de stad zijn. Dit zal hierna mogelijk nog meer stijgen tot 120.490 in 2022.

Om die groei te kunnen bijbenen, zullen er van 2014 tot 2018 3.600 extra woningen voor studenten bij moeten komen. Voor de periode van 2018 tot 2022 zijn dat er nog eens 5.400.

„De druk neemt iets af de komende periode, maar de woningnood blijft hoog. Dat de groei nu stabiliseert, geeft de gemeente even de kans iets te doen aan het structurele tekort in de stad, in plaats van slechts de groei bij te benen”, zegt projectleider studentenhuisvesting van de UvA en HvA Lianne Hulsebosch.

De gemeente heeft zich in haar plannen voor de periode 2010-2014 voorgenomen 9.000 nieuwe studentenwoningen beschikbaar te stellen. De hogeronderwijsinstellingen dringen er bij de gemeente op aan voor de vier jaar daarna in nog eens 5.000 woningen te investeren.