Blanke rockers snappen niks van de liefde

Wie hebben al die lovesongs gezongen? En vooral voor wie? Een Vlaamse popjournalist tekende veel anekdotes op, en enkele conclusies. Leve de emancipatie van de muzen!

Ach, Pattie Boyd. Beatle George Harrison schreef de liedjes I Need You en Something voor haar: ‘Ergens in haar glimlach weet ze dat ik geen ander lief nodig heb.’

Een prachtige ballad waarop zijn vriend Eric Clapton gitaar speelt. Een vrouw zou zich toch vereerd moeten voelen. En wat doet Pattie als dank? Ze gaat eerst vreemd met gitarist Ronnie Wood en trouwt later met diezelfde Eric Clapton. Hij schrijft Layla voor haar. En ook nog Wonderful Tonight en Belle Bottom Blues. Clapton vindt dat Pattie te veel drinkt (pot verwijt ketel) en componeert daarover het minder flatterende The Shape You’re In. Eén muze, zes liedjes.

In het boek Lovesongs: voor wie zijn ze geschreven beschrijft de Vlaamse popjournalist Zaki (Jackie Dewaele, 1945) de achtergrond van zo’n 170 popliedjes. Goed idee, een boek over de origines van liefdesliedjes. Wie waren die muzes? Zaki toont zich hier de Leo Blokhuis van Vlaanderen: hij paart encyclopedische kennis van poptrivia aan een niet zo vlotte schrijfstijl en het onvermogen om de anekdotes in een breder verhaal te plaatsen.

Als er al een rode draad is, dan is het Zaki’s pleidooi voor de emancipatie van de muzen. Steeds benadrukt hij dat de bezongen vrouwen zelf ook heus wel wat kunnen. Als fotomodel, bijvoorbeeld. De voorkeur van popsterren voor modellen heeft soms zijn nadelen, legt Zaki uit. Peter Wolf van de J. Geils Band ging bijvoorbeeld met Angel Thompkins, die op een dag in de Playboy bleek te staan. Wolf maakte een lied over zijn gemengde gevoelens: Centerfold.

Dat Zaki Vlaams is, geeft wat originaliteit aan het boek: naast de wereldhits staan er ook Franse chansons en Vlaamse kleinkunst in. Dus na Rollin’ in the Deep van Adele en Whole Lotta Rosie van AC/DC krijg je dan ineens Gigippeke van Meule beik van Urbanus.

Zaki is ruimhartig, dus Calypso van countryzanger John Denver mocht ook in zijn boek. Terwijl dat lied niet over een vrouw gaat, maar over de mijnenveger die oceanograaf Jacques Cousteau gebruikte voor zijn befaamde onderwaterfilms.

Denver staat er ook in met Annie’s Song, geschreven in een skilift voor zijn vrouw Annie Martell, psychologe te Aspen: ‘Je vult mijn zinnen als een nacht in het bos.’ Ook dat liep niet goed af. Tijdens de scheiding zaagde Denver het echtelijk bed doormidden met een kettingzaag.

Vreemd is dat de behandelde liederen bijna allemaal van blanke mannen komen, voornamelijk rockers. Daardoor staat het boek vol lelijke liedjes die je op een romantische avond beter niet kunt opzetten. Soul- en countryzangeressen zingen veel hartverscheurender en volwassener over de liefde, maar die staan er nauwelijks in.

Blanke rockers begrijpen er niets van. Daarvoor geeft Zaki dan weer wel een aardige analyse. Rockers zijn de hele tijd op slopende tournees vol seks en drugs en onregelmatige werktijden: ‘Wat blijft er nog over voor thuis? Pieken van intense liefde, blijkbaar. En dan lege dagen vol uitputting en irritatie, met een hart dat zich moet sluiten om het leven weer aan te kunnen.’

Het idee voor het boek is overigens zó goed, dat er al zo’n boek bestond: The Girl in the Song van Michael Heatley en Frank Hopkinson. Sommige van Zaki’s anekdotes lijken erg op die uit dat boek. Zijn voorgangers hebben ook nog een vervolg geschreven: The Boy in the Song. Maar dat heeft Zaki blijkbaar niet gelezen.

George Harrison is trouwens altijd vrienden gebleven met Eric Clapton, ook al had die zijn vrouw overgenomen. Dat is nog eens vriendschap. Songs of Friendship is ook een mooi onderwerp voor een boek. Maar dat wordt wel een stuk dunner.