PVV’ers in Tweede Kamer met omstreden Prinsenvlag

Tijdens de Algemene Beschouwingen gisteren in de Tweede Kamer droegen zeker vier van de vijftien PVV-Kamerleden een speldje met de Prinsenvlag op hun revers. Behalve Martin Bosma, Reinette Klever en Machiel de Graaf ook Harm Beertema.

De vlag van de orangisten tijdens de Tachtigjarige Oorlog inspireerde de Afrikaners in Zuid-Afrika bij het maken van hun vlag en werd in de jaren dertig door de nationaal-socialistische NSB gebruikt. Sinds de Tweede Wereldoorlog is deze vooral populair bij rechts-extremistische groeperingen zoals de Nederlandse Volksunie en Stormfront. De kleuren van de vlag zijn, uit het Frans ‘vertaald’, oranje-blanje-bleu.

De Prinsenvlag wapperde ook op de demonstratie die Geert Wilders afgelopen zaterdag organiseerde.

Tijdens het debat gisteren riep D66-leider Alexander Pechtold Wilders op zich te distantiëren van de nazistische en antisemitische bezoekers op die bijeenkomst. Wilders beet Pechtold toe dat hij „een zielig, miezerig en hypocriet mannetje” was. Die termen herhaalde hij toen Pechtold hem aansprak op zijn toenadering tot extreem-rechtse Europese partijen: het Vlaams Blok, Lega Nord in Italië en het Franse Front National, met zijn „geschiedenis van antisemitisme”. „Ik word hier door de heer Pechtold ongeveer voor een halve nazi uitgemaakt, net als mijn achterban”, zei Wilders. „Ik laat niemand insinueren dat wij iets met extreem-rechts of met nazi’s hebben.”

In 2011 kwamen PVV’ers in opspraak door de Prinsenvlag. De toenmalige Tweede Kamerleden Wim Kortenoeven en Johan Driessen hadden de vlag voor de ramen van hun werkkamers in het Kamergebouw gehangen. Na de ophef die daarover ontstond, werden de vlaggen uit het zicht gehaald. Volgens Hero Brinkman, toen nog actief voor die partij, omdat de vlag „helaas besmet is door de NSB”.

De PVV wilde vanochtend niet reageren op de vraag waarom de speldjes gisteren door een deel van de fractie gedragen werden.