‘Ik ben mijn instrument’

De jonge jazzsaxofonist Ben van Gelder geldt sinds zijn debuutalbum Frame of Reference als grote belofte. Nu is er de opvolger, Reprise. „Ik speel nu veel ritmischer. Ik zoek bas en drums op. Dat ontbrak nog aan mijn spel.”

Ben van Gelder: „Vraag saxofonist Sonny Rollins waar hij het eerste aan denkt bij een nieuwe compositie? Ritme.” Foto Andreas Terlaak

Vorige week stond jazzsaxofonist Ben van Gelder (24) in de halve finale van de Thelonious Monk International Jazz Competition in Washington. De inzet: 25.000 dollar en een platencontract bij Concord Records. In de jury van de prestigieuze jazzcompetitie zaten mastodonten als Wayne Shorter en Branford Marsalis. Met veertien halve finalisten mocht de Nederlandse saxofonist een set van een kwartier spelen. Helaas haalde hij de laatste drie niet.

Achteraf, zegt Ben van Gelder nu in Rotterdam, was dit een leerzame maar niet per se positieve ervaring. „Want wát een geregisseerd circus was het! Ik dacht dat het om de muziek zou gaan, ik had het mij integerder voorgesteld. Eigenlijk was het beste moment in de kleedkamer: te zien hoe de grote jazzpianist Herbie Hancock nog even een nummer uitploos.”

Even is Ben van Gelder in Nederland. De Groningse, in New York woonachtige jazzsaxofonist doet met zijn Amerikaanse kwintet een tour in het teken van zijn nieuwe cd Reprise. Met kleine ogen zit hij aan de koffie. „We slapen met zijn allen bij jazzvriend, gitarist Reinier Baas”, lacht hij verontschuldigend. Los van de gezelligheid is zo’n Europese tournee een hoop geregel, ervaart de jonge bandleider. Hij vertelt hoe hij vanuit woonplaats New York soms telefoongesprekken om vijf uur ’s ochtends voert met een Weense promotor. „Hallo, hier Ben van Gelder, wéér. Weet je al wat meer voor die datum?” We noemen het de jazzblues. De promotors met hun valse beloftes, de niet uitbetaalde concerten. Kunnen wij musici heerlijk over klagen.”

Ben van Gelder, een van de twee zonen van de Groningse jazzwinkelier en vinylcollectioneur Sem van Gelder, viel al op jonge leeftijd op. Samen met zijn oudere broer, jazzpianist en net afgestudeerd arts Gideon van Gelder, en ook als solist won hij diverse prijzen – zoals in 2007 de Deloitte Jazz Award. Hij manifesteerde zich in diverse groepen als blikvanger met een opvallend mooie toon. Op zijn zeventiende verhuisde hij naar New York met een volledige vierjarige studiebeurs op zak voor de The New School for Jazz and Contemporary Music. Hij nam lessen bij jazzmusici als Lee Konitz en Mark Turner.

In 2009 kwam hij terug naar Amsterdam; naast zijn master aan het conservatorium studeerde hij kunstgeschiedenis. In 2011, op zijn 22ste, kwam het langverwachte resultaat van zijn rijpingsproces: zijn debuut Frame of Reference. Dit album, opgenomen met een band van veelbelovend twintigerstalent uit New York, was van een aanlokkelijke schoonheid. Overdachte jazz, met gevoel voor balans en timing. Van Gelder toonde een vloeiende, ronde manier van spelen. Geen geknetter of gekerm, maar golvende melodische frases die zich nestelden op de harmonische structuren van pianist Aaron Parks.

Zaterdag presenteert de saxofonist in het Amsterdamse BIMhuis zijn tweede cd: Reprise. Reprise is een „muzikale herneming van de eerste”. Wederom klinken mooie bedachtzame composities maar er zit ook spanning in, en Van Gelder durft duidelijk meer over de rand van het ravijn te kijken. Zijn ontwikkeling als saxofonist is in volle gang, merkt hij. „Ik speel veel ritmischer. Mooie melodieën worden sterker als de ritmes sterk zijn. Dat ontbrak nog aan mijn spel. Ik zoek bas en drums op. Naast de saaie dagelijkse techniekoefeningen luister ik veel muziek. Maar ik beluister de hele Blue Note-catalogus of elpees van Coltrane nu met heel andere oren. Hoe verhouden bas, drums, sax en piano zich ritmisch tot elkaar? Ook de meeste jazzhelden zeggen het. Vraag saxofonist Sonny Rollins waar hij het eerste aan denkt bij een nieuwe compositie? Ritme.”

Zeker wist de saxofonist dat hij terug naar New York zou gaan. Na het voltooien van beide studies vorig jaar kon Van Gelder zijn artiestenvisum aanvragen – „bureaucratisch door veel hoepels springen”. „Je moet aantonen dat je een ‘toevoeging bent aan de kunstwereld’.” En hoe bewijs je dat? „Met vijftien aanbevelingen en een portfolio met krantenknipsels. En het prijzenlijstje was handig.”

Hij kan sinds vorig jaar mei drie jaar lang werken in Amerika. Even rekent hij. „Ik heb uiteindelijk langer in New York gewoond als volwassen jongen dan in Nederland.” Duidelijk, hij voelt zich er thuis. Hij vindt er muzikale inspiratie, telkens weer. De noodzaak er te spelen op het scherp van de snede is hoog. Niets is vrijblijvend – de musici die hij tegenkomt zijn serieus met hun muziek bezig. Het zet hem aan tot nadenken over wat voor muziek hij wil maken. „Wat is mijn prioriteit? Niet mijn instrumentbeheersing, merk ik. Ik streef ernaar in mijn muziek uitdrukking te geven aan wie ík ben, zonder maniertjes, zonder licks van anderen. Spiritueler gezien: ik ben mijn instrument.”

In Brooklyn, in de buurt van de wijk Williamsburg, deelt hij zijn etage met twee huisgenoten. Er staat een piano, hij kan er studeren. Optredens zijn er in jazzclubs als Smalls, The Jazz Galery en The 55 bar. Maar genoeg muziekwerk heeft hij absoluut niet. „De markt in New York is verzadigd. Het is volkomen scheef omdat zoveel muzikanten voor een appel en een ei willen spelen. Terwijl de toegangsprijzen hoog liggen. Dat is niet vol te houden.”

Dus is jazzsaxofonist Ben van Gelder tevens barista bij een koffiespeciaalzaak. Een concreet tegenwicht voor het abstracte van de jazz. Het geeft zijn dagen structuur, betaalt de huur en na de koffiedienst wacht de muziek. „En ik heb er lol in! Jazz en koffie, het is een prima combinatie.”

De cd Reprise van Ben van Gelder is nu verkrijgbaar. Concertinformatie: benvangelder.com