Adres onbekend

Op de jaarlijkse buurtborrel bleek ik met een overbuurvrouw een voorliefde te delen voor bondige, novelle-achtige boeken. „Ken je Address Unknown?” vroeg ze. Ik had er zelfs nooit van gehoord. Een dag later ontving ik van haar de Engelse editie, een mooi, dun boekje waarop de auteursnaam Kressmann Taylor prijkte.

Een man, veronderstelde ik - ten onrechte. De schrijver is een vrouw en ze heet Kathrine Kressmann (1903 – 1996), geboren in Portland, en later getrouwd met Elliott Taylor, die net als zij aanvankelijk in de reclamewereld werkte. Kathrine publiceerde Address Unknown in 1938 in het blad Story onder een mannelijke naam, omdat een redacteur van het tijdschrift en haar echtgenoot het verhaal „te krachtig vonden om het onder de naam van een vrouw te laten verschijnen”.

Toch een mooi compliment, achteraf.

Het verhaal werd een sensatie, ook toen het een jaar later als boekje verscheen. Er werden algauw in Amerika 50.000 exemplaren van verkocht, er volgden allerlei vertalingen in het buitenland, ook in Nederland. Maar toen Hitler oprukte, kwam het boekje in Europa snel op de lijst van verboden boeken terecht.

Het raakte na de oorlog in de vergetelheid, Kathrine werd docent journalistiek en schreef nog enkele andere boeken. Pas in 1995 werd Address Unknown door Story Press heruitgegeven ter herdenking van de vijftigjarige bevrijding van de concentratiekampen. De laatste Nederlandse vertaling (bij uitgeverij Anthos) van Tinke Davids onder de titel Adres onbekend dateert van 2002. Merkwaardig genoeg was er bijna geen krant – ook de kwaliteitskranten niet - die het boekje recenseerde.

Had ik wat gemist? Jazeker. Het slechts 50 pagina’s tellende Address Unknown is de treffende uitwerking van een briljante ingeving, gebaseerd op eigen ervaringen. Kressmann Taylor had in Amerika aardige, intellectuele Duitse vrienden die kort voor de oorlog naar Duitsland terugkeerden. Daar ontpopten ze zich in korte tijd als gezworen nazi’s. Toen ze bij een bezoek aan Californië een oude Joodse kennis ontmoetten, negeerden ze hem.

Kressmann Taylor verdiepte zich in de situatie. „Wat me het meest zorgen baarde”, schreef ze later, „was dat niemand in Amerika zich bewust was van wat zich in Duitsland afspeelde, en dat het de mensen trouwens niets kon schelen. In 1938 was het isolationisme in Amerika heel sterk; de politici zeiden: wat er in Europa gebeurt, gaat ons niet aan, en Duitsland is prima.”

In een krant las ze hoe Amerikaanse jongeren, tijdelijk studerend in Duitsland, in gevaar waren gebracht door de Hitler-grappen die hun vrienden per brief vanuit Amerika opstuurden. Ze had haar verhaal rond. Toen het in 1939 uitkwam, schreef The New York Times Book Review: „Het is de meest effectieve aanklacht tegen het nazisme die in druk is verschenen.”

Adress Unknown bestaat uit een gefingeerde, korte briefwisseling van 1932 tot 1934 tussen Max Eisenstein, een Joodse Amerikaan in San Francisco, en Martin Schulse, zijn zakenpartner-vriend die met zijn gezin naar Duitsland is teruggekeerd. Schulse bekeert zich snel tot het nazisme. Als een zuster van Eisenstein, reizend door Duitsland, in gevaar komt, alarmeert hij Schulse. Kan die niet iets voor haar doen?

Schulse weigert, waarna Eisenstein op uiterst subtiele wijze wraak op hem neemt. Wie het precies wil nalezen: Adres onbekend is in Nederland nog altijd verkrijgbaar.