De wereld beter maken is best moeilijk

In 2015 zou de wereld er beter aan toe zijn, beloofden landen elkaar in 2000 Deze week, tijdens de Algemene Vergadering van de VN, is er een top over de doelen Het wordt tijd voor een nieuw lijstje, na de acht doelen van 2000

foto istockphoto

verslaggever

Nog vijftien maanden te gaan tot 2015, het jaar dat de deadline van de Millenniumdoelen verstrijkt. De tijd begint te dringen voor de Verenigde Naties, die deze ontwikkelingsdoelen op het gebied van honger, gezondheid, onderwijs en gelijkheid in 2000 vastlegden. Deze hele week wordt tijdens de Algemene Vergadering van de VN vergaderd over de oude én de nieuwe doelen.

Het belangrijkst is het Special Event van morgen. Dan wordt namelijk vooruitgekeken naar wat ‘de post 2015-agenda’ is gaan heten. Er ligt een voorstel voor nieuwe doelstellingen, die veel sterker raken aan economische en politieke verhoudingen. De vraag is in hoeverre die post 2015-agenda zal worden omarmd. Niemand is tegen het uitbannen van kindersterfte. Maar over vrede, klimaatverandering en handelsvoorwaarden is het lastiger afspraken maken.

In 2000 beloofden de landen van de wereld voor het eerst samen dat ze armoede zouden halveren, dat ze kinder- en moedersterfte zouden terugdringen en nog vijf andere zaken. Met de nieuwe doelen, die in 2030 verwezenlijkt zouden moeten zijn, komen de VN tegemoet aan critici die vinden dat de huidige doelen symptoombestrijding zijn: het uitdelen van malarianetten en het opzetten van voedselprogramma’s verandert immers niets aan de oorzaken van armoede, zoals oorlog, economische uitsluiting en rechteloosheid in fragiele staten.

Daarbij komt dat de wereld in een decennium is veranderd en het denken over ontwikkeling ook. De wereldbevolking groeide naar 7 miljard (8 miljard in 2030), met de sterkste aanwas in Afrika. Er is meer aandacht voor het gebrek aan goed bestuur in ontwikkelingslanden, waardoor schrijnend onrecht blijft bestaan, en voor economisch onrecht, verankerd in bijvoorbeeld het handelsstelsel. Fikse economische groei gaat vaak samen met straatarme regio’s of bevolkingsgroepen (vrouwen, kleine boeren en etnische minderheden). Ontwikkelingsorganisaties hameren daarnaast op de overal snel uitdijende kloof tussen arm en rijk. En dan waren klimaatverandering en milieuvernietiging in 2000 nog lang niet zo bedreigend als nu.

Voor het samenstellen van de nieuwe doelen benoemde Ban Ki-moon vorig jaar persoonlijk een panel van regeringsleiders, politici, wetenschappers en mensen uit het bedrijfsleven – van de Liberiaanse president Ellen Johnson Sirleaf tot de Nederlandse Unilevertopman Paul Polman. Dat sprak met 5.000 ngo’s en 250 topmensen van bedrijven en liet reusachtige bevolkingsenquêtes houden. In mei kwam het met een rapport dat een vlucht voorwaarts bleek: de huidige doelen moeten uitgebreid met een nieuwe, sociaal-economische agenda die de wereld gelijker en duurzamer moet maken. Als het aan het panel ligt, blijft het niet bij goede voornemens. Alle doelen moeten meetbaar worden.

Botsende belangen

Een greep uit de voorstellen: maak regeringen transparant, zorg voor goede instituties. Maak het handelssysteem eerlijker. Verdubbel het aandeel duurzame energie. Maak een eind aan belastingontduiking.

Het is de vraag hoe de delegaties van de VN deze week met deze ontwikkelingsagenda zullen omgaan. Die botst namelijk met heel wat meer politieke en economische belangen dan die van 2000. De bedoeling is, dat ook deze nieuwe doelen uiteindelijk worden aangenomen door de Algemene Vergadering, in 2015. Maar los van het feit dat het nog moeilijk zal worden ze in pakkende slogans te persen, lijkt het bijna ondenkbaar dat landen akkoord zullen gaan met streefcijfers als het gaat om, bijvoorbeeld, het wegnemen van landbouwsubsidies, dat ze zich zullen committeren aan afspraken op het gebied van burgerrechten en goed bestuur of dat ze akkoord zullen gaan met het uitbannen van interne conflicten die ze zelf als gelegitimeerd zien.

Morgen wordt vanuit New York een communiqué verwacht over het ‘pad naar 2030’. Er is geen enkel teken dat aan het belangrijkste bezwaar tegen de huidige millenniumdoelen tegemoet zal worden gekomen. Zulke doelen blijven afspraken. Het zijn geen verdragen en er kunnen geen rechten aan worden ontleend.