Buitengamers in het verzet

Half Nederland zit binnen Grand Theft Auto V te spelen Tijd voor de andere helft om de straat op te gaan Beken kleur: groen of blauw?

Er speelt zich in Nederland een verborgen strijd af, vooral rond monumenten. Foto’s Ingress

Verslaggever

Gamers komen weer naar buiten. Ze hangen rond bij kerken, monumenten en kunstwerken. Ze dwalen door de straten, met een smartphone in de hand. Ze spelen Ingress. Hun speelterrein is de wereld.

Wie de Ingress-app voor het eerst opent, ziet een strakblauw stratenplan op een zwarte achtergrond. Bezienswaardigheden in de buurt lichten op als heldere bakens. Dit zijn ‘portals’, in het jargon van het spel. Zo’n portal kan een kapel of standbeeld zijn, maar ook een station of graffitimuur.

Bedoeling van het spel is om deze portalen aan te vallen, in te nemen, te verdedigen en aan elkaar te koppelen. Maar dat kan alleen als je je binnen een straal van 40 meter van zo’n portaal bevindt. Wie Ingress speelt, zal dus kunstwerken en kerken moeten afstruinen – binnen blijven zitten is er niet bij.

Ingress is ontwikkeld door Niantic Labs, een start-up die vanonder de vleugels van Google opereert. Oprichter John Hanke was jarenlang verantwoordelijk voor Google Earth en Google Maps. Cruciaal verschil met die diensten, is dat gebruikers van Ingress niet vanachter hun computer de wereld verkennen, maar dat ze dat in het echte leven doen, in de buitenlucht.

Het verhaal achter Ingress is flinterdun en doet er eigenlijk niet veel toe. Exotische materie lekt onze dimensie binnen. Wereldwijd strijden er twee teams om de wereldheerschappij. Het groene team (the Enlightened) wil de exotische materie omarmen, blauw (the Resistance) moet er niets van hebben.

In grote steden zou Ingress het beste tot zijn recht komen, vanwege de hogere monumentendichtheid, maar ik test het spel voor het eerst in Goirle, mijn ouderlijk dorp. Zelfs in deze Brabantse grensgemeente blijkt de strijd tussen blauw en groen al losgebarsten. De kerk en het Christusbeeld tussen de Kloosterstraat en Tilburgseweg zijn in handen van het verzet, maar de rest van Goirle is gifgroen.

Met telefoon in de hand sta ik op straat. Het dichtstbijzijnde portaal blijkt een kluitje standbeelden in het parkje om de hoek. Ik hack en verzamel. Dan stuurt de app me naar een pleintje achter de snackbar. Er blijkt een standbeeld van een fabrieksarbeider te staan. Nooit geweten.

Het duurt even voordat ik de taaie hackerterminologie van het spel heb doorgrond. Aanvallen doe je bijvoorbeeld door ‘XMPs’ te vuren, verdedigen door ‘resonators’ te ‘deployen’. Deze cyberpunkschil schrikt misschien af, maar erachter schuilt een heerlijke buitenspeel-app.

Ik krijg de smaak te pakken. Van het Christusbeeld is het nog maar een klein stukje naar het zwierige standbeeld in het winkelcentrum. En dan kan ik net zo goed nog even doorlopen naar de molen in de Molenstraat. Via de kerk maak ik het rondje weer af. Inmiddels heb ik het halve dorp doorkruist.

In de trein naar Utrecht houd ik de app geopend en ben getuige van de verborgen strijd die zich in Nederland afspeelt. Tilburg blijkt een groen bolwerk, maar in Den Bosch en Utrecht heerst blauw.

Op het chatkanaal in de app wisselen spelers informatie uit, smeden ze plannetjes en worden spelers bij elkaar getrommeld. „Er loopt een kikker in het park!” Of: „De smurfen hebben toegeslagen in west. Wie gaat er mee opruimen?” Maar ook: „Ik zie dat je in de buurt bent! Even koffie doen?”

Sinds een paar updates kunnen gebruikers van Ingress nu zelf bijzondere plekken en gebouwen als portaal aandragen. Dat is natuurlijk wat Ingress zo interessant maakt voor Google en Niantic, dat ook een reisgids-app heeft ontwikkeld: de duizenden spelers verzamelen onbewust een schat aan informatie, van lijsten met lokale bezienswaardigheden tot veelgebruikte looprouten. En ze hebben er nog lol in ook. Inmiddels is het spel al meer dan een miljoen keer gedownload.

Dinsdagavond, 11 uur. Bij Pauw & Witteman zitten geen interessante gasten. En als ik een hond had gehad, zou ik nu toch ook naar buiten moeten? Ik trek mijn jas aan. Voor het verzet.