Rotterdam: revalideren in het logeerhuis voor 10 euro per dag

In De Buren in Rotterdam kunnen mensen terecht die na een operatie moeten herstellen, maar niemand hebben om voor hen te zorgen.

Marjan (60) is vanmorgen aangekomen. Een dag eerder is ze geopereerd. Haar borstprotheses moesten vernieuwd. Ze is er beter aan toe dan de vorige keer. Maar thuis voor zichzelf zorgen, kan ze niet.

Wie kan dat wel? Haar kinderen wonen buiten Rotterdam, hebben drukke banen en zelf kinderen. Hulp aan huis is te duur, Marjan leeft van een bijstandsuitkering.

Logeerhuis De Buren bleek de oplossing. Een gewone vierkamerflat in de Rotterdamse wijk Ommoord. De vier kamers zijn bestemd voor mensen die na een operatie moeten herstellen, maar niemand hebben die voor ze kan zorgen. Dat doen vrijwilligers uit de buurt, zij verlenen burenhulp. De bezoekers betalen tien euro per dag.

Mia Bronder (51) is coördinator van het logeerhuis sinds de start in 2009. Het logeerhuis is een initiatief van stichting KSA/GCW, die levensbeschouwelijk vrijwilligerswerk ondersteunt namens de diaconieën van protestants-christelijke kerken en gemeenten in de regio Rotterdam. Het geluk was dat de Johanitterorde, een orde van protestantse adel, in 2009 het logeerhuis financieel wilde ondersteunen als ‘jubileumproject’ ter ere van het honderdjarig bestaan. „Anders hadden we dit huis nooit kunnen kopen”, zegt Mia Bronder.

In de huiskamer dekt Tini Noordzij (56) de tafel voor de lunch. Het logeerhuis lijkt in niets op een ziekenhuis en dat is ook de bedoeling. „Als mensen zich op hun gemak voelen, herstellen ze beter”, zegt Bronder. Tini Noordzij: „Mensen gaan hier gezonder weg, dan ze binnenkomen. Dat vind ik leuk.”

Bronder zorgt dat de 21 vrijwilligers goed over de week verdeeld zijn, dat er altijd ’s morgens iemand is en in de middag of avond weer. Zij helpen met wassen en aankleden, schenken thee in, dweilen eens de vloer en maken een praatje. De gasten, want zo worden ze nadrukkelijk genoemd, doen zelf wat ze zelf kunnen. Wondverzorging en andere medische handelingen zoals medicijnen toedienen, doen medewerkers van Thuiszorg.

De eerste jaren verbleven vooral ouderen in het logeerhuis. Die hadden bijvoorbeeld een heup gebroken en moesten herstellen. De laatste jaren ziet Bronder steeds vaker gasten met sociale problemen. „Als je moet herstellen van een operatie en je water is afgesloten omdat je schulden hebt, tja, dan kan de verpleegster van Thuiszorg niet helpen.” De periode in het logeerhuis wordt in dergelijke gevallen ook gebruikt om het leven weer een beetje op orde te krijgen.

Marjan zit in de kussen. Ze is blij dat ze in het logeerhuis terecht kon, maar is bitter over de overheid die het volgens haar volkomen laat afweten. „Het is echt ieder voor zich. Als je geen geld hebt, word je aan je lot overgelaten. Iedereen moet zijn eigen boontjes doppen, dat is de trend.”