Onderhandelen over het klimaat 1988: Oprichting ‘Laten we ophouden met gewauwel’

Duizenden leden van milieuorganisaties, wetenschappers, beleidsmakers en politici zijn komende week in Stockholm voor de vijfde klimaatconferentie van de Verenigde Naties. Een geschiedenis van het IPCC in 6 stappen.

Door onze redacteur Paul Luttikhuis

Foto AFP

„Het wordt tijd dat we ophouden met het gewauwel en gewoon zeggen dat het broeikaseffect bestaat en dat het ons klimaat beïnvloedt.”

Deze beruchte woorden spreekt Jim Hansen, klimaatwetenschapper van de NASA, tijdens een hoorzitting in de Amerikaanse senaat in juni 1988. Hansen heeft geluk, uitgerekend die middag is het ruim 36 graden Celsius in Washington. Niet dat het iets zegt over klimaatverandering – want ‘klimaat’ is nu eenmaal niet hetzelfde als ‘weer’. Maar het stimuleert de verbeeldingskracht van de senatoren.

Het jaar daarvoor is de boeken ingegaan als het warmste sinds het begin van de metingen. En 1988 lijkt het record alweer te breken. Steeds meer wetenschappers waarschuwen dat we niet ongebreideld kunnen doorgaan met het verstoken van fossiele brandstoffen als steenkool, olie en gas. De kooldioxide die daarbij vrijkomt zal als een verstikkende deken in de atmosfeer achterblijven en de aardse temperatuur opdrijven.

De kans dat dit alles toeval is, zegt Hansen, is niet meer dan 1 procent. ‘De opwarming van de aarde is begonnen’, kopt The New York Times een dag later.

Wereldwijd nemen de zorgen toe over temperatuurstijgingen en veranderingen in het klimaat die daarvan het gevolg kunnen zijn. De Verenigde Naties besluiten nog hetzelfde jaar een speciale organisatie op te richten die het klimaat in de gaten moet houden. Het IPCC, het Intergouvernementeel Panel voor Klimaatverandering, zal voortaan eens in de paar jaar rapporteren hoe het klimaat verandert.