Als militair verhuist, dut Assen in

De Johan Willem Friso kazerne in Assen moet sluiten. Militairen verhuizen, banen verdwijnen. „Te jong om te stoppen, te oud om weer te solliciteren.”

Militairen op het plein van de Johan Willem Friso kazerne in Assen. De meeste van hen zullen in 2017 naar Havelte moeten verhuizen. De Johan Willem Friso sluit dat jaar. Foto Bas Czerwinski

Auto’s in de rij voor de toegangspoort, lachende militairen in de koffiekamer, soldaten in opleiding marcheren op gympen over het kazerneterrein. Twee dagen nadat bekend is geworden dat de Johan Willem Friso kazerne in Assen moet sluiten, lijkt geen bedompte sfeer te heersen. De geruchten over sluiting hadden de militairen van de luchtmobiele brigade die hier gelegerd zijn, al bereikt.

Op Prinsjesdag verscheen generaal Mart de Kruif, de commandant van de landmacht, om ze te vertellen dat Defensie opnieuw moet bezuinigingen. Assen is een van de slachtoffers. De meeste mensen die hier werken verhuizen in 2017 naar Havelte, verderop in Drenthe: de zeshonderd mannen en vrouwen van luchtmobiel, tweehonderd rekruten en hun zestig opleiders. De honderd militairen van de geneeskundige compagnie worden ondergebracht in het Gelderse Schaarsbergen. Alleen voor de Johan Willem Friso kapel zoekt Defensie nog onderdak.

Voor de gemeente Assen komt de sluiting keihard aan. De provinciehoofdstad verliest een van de belangrijkste werkgevers. Onduidelijk is nog wat de sluiting betekent voor de 150 bedrijven die veel zaken doen met de kazerne.

Het hier gelegerde bataljon komt voort uit de beruchte stoottroepen die in 1944 zijn opgericht door prins Bernhard en is altijd gevestigd geweest in de neorenaissancistische kazernes aan De Vaart in Assen. „Hier ligt ons esprit de corps”, zegt sergeant-majoor Erwin Dees in een koffieruimte van het bataljon, tussen de vitrines met onder andere historische gevechtshelmen. Verderop ligt het museum van het regiment stoottroepen waar veteranen gesneuvelde maten kunnen herdenken. „Het zou wel pijnlijk zijn als we die historie straks ergens in een keldertje moeten wegstoppen”, zegt Dees.

Veel mannen en vrouwen die op deze kazerne werken, komen uit het noorden, vaak uit Assen zelf. Zoals kapitein Bernard Zwarts, hij werkt hier al meer dan tien jaar en woont in de buurt. Er heerst volgens hem „een nuchtere boerenmentaliteit”, geen haantjesgedrag, mensen groeten elkaar. In Havelte, waar hij al eens was gestationeerd, is dat anders. „De kazerne daar is veel groter en men kent elkaar minder goed.”

De schade voor de militairen is echter te overzien en acceptabel. „Je moet een uur eerder uit bed, je bent een uur later thuis”, zegt Dees. Ze hadden het slechter kunnen treffen. In Ermelo wordt een heel bataljon opgeheven. In Drenthe blijven banen behouden.

Dat geldt echter niet voor de in totaal honderd niet-militairen die hier werken – de bewaker, de sportinstructeur, de bedrijfsarts en cateringmedewerker. In de keuken van de kantine hangt nu nog elke dag de geur van soep. In enorme pannen worden aardappelen gekookt. Als de troepen vertrekken is dat voorbij. „Niet voor iedereen is plek in Havelte”, zegt cateringmanager Dick Dijkstra.

Chef-kok Peter Verbeek houdt rekening met een baan buiten defensie. „Maar daar liggen ze ook niet voor het oprapen.” Zeker niet in Drenthe, waar de werkgelegenheid al jaren terugloopt. „Mijn kinderen, die in Assen naar school gaan, vroegen aan me: ‘Wat ga jij dan doen als de kazerne sluit?’ Misschien wel verhuizen, zei ik.” Hij is even stil. „Niet de meest vrolijke boodschap.”

Verhuizen doet schoonmaakster Sien de Jonge absoluut niet. Daarvoor heeft ze het veel te druk met de voetbalclub en het wijkforum. Achttien jaar maakt ze het gebouw van de geneeskundige compagnie schoon. Ze viert de feestjes mee, als er iets geregeld moet worden, bellen de militairen haar. Daarvoor kreeg ze een medaille van verdienste. De sluiting is voor haar „een ramp”. Als de troepen zijn vertrokken verliest de vijftiger haar baan, net als een vijftiental andere schoonmakers. Ze is, naar eigen zeggen, „te jong om te stoppen en te oud om opnieuw te solliciteren.”

De gemeente Assen en het provinciebestuur lobbyen in Den Haag nog voor behoud van de kazerne en inwoners bereiden protestacties voor tegen de sluiting. Sien de Jonge vertrouwt er op dat de plannen nog worden afgeblazen. Cateringmanager Dijkstra is daar minder gerust op. In zijn werkkamer hangt een actiesjaaltje met de tekst ‘Assen kazerne’. Die is nog van twee jaar geleden, toen het vorige kabinet de kazerne wilde sluiten. Dijkstra: „Toen is het ons wel gelukt. Laten we dat sprankje hoop houden.”