Zeppelin die eigen opwaartse kracht regelt

Ha, daar is weer een nieuw soort luchtschip. Aeroscraft heet de laatste nazaat van de zeppelin en hij heeft vorige week voor het eerst gevlogen. Aan touwtjes weliswaar; over een paar weken moet de eerste vrije vlucht plaatsvinden.

Aeroscraft is in verschillende opzichten bijzonder. Het toestel heeft een stijve huid van aluminium en koolstofvezel, die volgens het Californische bedrijf Aeros zelfs bestand is tegen kogels. Luchtschepen hadden voorheen altijd overdruk nodig van het lichter-dan-lucht-gas helium binnenin om hun vorm te handhaven. Met één kogel konden ze worden lekgeprikt. Overdruk of niet, Aeroscraft is vormvast.

Een ander probleem van luchtschepen: hun opwaartse kracht kon nauwelijks geregeld worden. Lading lossen moest worden gecompenseerd door ballast innemen, anders zou het schip naar de stratosfeer verdwijnen. Helium lozen zou te duur zijn. Aeros kan de opwaartse kracht naar believen regelen. Die opwaartse kracht, heeft Archimedes ons geleerd, is gelijk aan het gewicht van de door helium verplaatste lucht (minus het gewicht van het helium zelf). Comprimeren van het helium, waarbij tegelijkertijd lucht wordt binnengelaten in de vrijkomende ruimte, vermindert dus de opwaartse kracht. Zo kan tijdens lossen het schip stabiel blijven zonder dat extra ballast nodig is.

Helium draagt tot 60 procent van het gewicht van een Aeroscraft. De rest komt van propellers aan de buitenzijde, aangedreven door dieselmotoren. Het schip zelf heeft een vleugelprofiel. Tijdens voorwaartse vlucht verhoogt dat het draagvermogen.

Het huidige prototype is ontwikkeld met 35 miljoen overheidsgeld en hulp van NASA. Het is 80 meter lang en 30 meter breed; ruim half zo groot als het kleinste productiemodel dat Aeros wil maken. Er moeten verschillende modellen komen. Het grootste wordt 230 meter lang en moet 200 ton vracht kunnen dragen. De topsnelheid wordt ruim 200 km per uur, de maximum vlieghoogte 3.700 meter en het bereik zo’n 10.000 kilometer.

Volgers van het luchtschipwezen weten dat scepsis wel op zijn plaats is. Al decennia worden door uitvinders steeds weer nieuwe ontwerpen gepresenteerd. De toepassingen zijn altijd het afleveren van zware ladingen in ontoegankelijke gebieden, vage militaire toepassingen (hoe makkelijk is zo’n trage gigant als doelwit voor een raket?) of vredige toeristische rondvluchten. Daarna hoor je er nooit meer van.

Aeros begon in 2006 en zou in 2010 gaan vliegen. Het bedrijf ligt dus flink achter op schema. Nu is er alleen nog 3 miljard nodig voor het opschalen van het huidige prototype en het bouwen van productielijnen. Miljoenenmarkten liggen in het verschiet – klanten zouden in de rij staan om 25 tot 30 miljoen dollar te mogen betalen voor een jaar gebruik van één toestel. Eerst zien, dan geloven. Het eerste exemplaar vliegt, dat wel.

Herbert Blankesteijn

Video’s op nrc.nl/wetenschap