Tel de plannen op en je ziet ellende

Niet ieder wordt door maat-regelen even hard getroffen

De plannen van het kabinet raken de ene Nederlander meer dan de ander. En de een misschien véél meer dan de ander. Stel je voor: een getrouwde man van begin vijftig met een eigen huis, twee kinderen, en een schoonmoeder op de wachtlijst voor een verzorgingstehuis. Misschien zag hij gisteren feestvierende toeschouwers van Prinsjesdag langs lopen, uit het raam van zijn kantoor op een Haags ministerie.

Het beste nieuws van zijn dag had kunnen zijn: de nullijn voor ambtenaren gaat niet door. Maar moest hij daar vrolijk van worden? Een sigaar uit eigen doos: de pensioenpremie gaat omlaag, waardoor hij meer salaris overhoudt. Maar zijn pensioenopbouw wordt dan ook minder. Of het gaat ten koste van secundaire arbeidsvoorwaarden: die kunnen nu worden ingewisseld voor meer loon.

En verder: moest hij zijn schoonmoeder (diabetespatiënt, versleten knieën) nu in huis nemen? Met een extra badkamer, op de begane grond, kon het misschien. Maar de btw op verbouwingen gaat omhoog van 6 naar 21 procent. En zou ze haar eigen huis ooit verkocht krijgen? In het bijna onvoorstelbare geval dat ze een plek in een verzorgingstehuis zou krijgen, was dat óók een probleem: haar vermogen, dat onverkoopbare huis, telt mee voor de eigen bijdrage aan de AWBZ. En ze raakt hoe dan ook de compensatie kwijt voor het eigen risico in de zorg, die ze had als chronisch patiënt.

De korting op de kinderbijslag kost hem bijna 500 euro per jaar. De schoolboeken van zijn oudste kind moet hij weer zelf gaan betalen, de frisdrank wordt ook duurder. En als alleenverdiener gaat hij er al op achteruit door de plannen van de regering: voor zijn vrouw krijgt hij geen heffingskorting meer op de inkomstenbelasting. Als ze wel ging werken, moest zijn jongste naar de naschoolse opvang en kreeg hij opvangtoeslag. Maar al die toeslagen moeten van deze regering opgaan in één – sobere – ‘huishoudentoeslag’.

Misschien vond hij de ‘compacte overheid’ uit de Troonrede nog het meest verontrustend. Het zou voor een mens te veel ellende in één keer zijn, maar toch: waarom zou híj zijn baan niet kunnen verliezen? Het geld van zijn ontslagregeling onderbrengen in een stamrecht bv, fiscaal gunstig, zit er dan niet in. Dat mag niet meer. Wie waren dan toch die feestvierders beneden?