Onderzoek naar vluchteling onthult lijsten met 4.700 gedode Afghanen

De Afghaanse dodenlijst bestaat uit 154 pagina’s in het Dari met de namen van ongeveer4.700 mensen die in 1978 en 1979 in opdracht van de toenmalige Afghaanse autoriteiten zijn geëxecuteerd. Op de lijsten worden de doden alfabetisch weergegeven, onder vermelding van hun naam en de naam van hun vader, beroep, woonplaats en het feit waarvan ze zijn beschuldigd. Beeld Openbaar Ministerie

In een strafrechtelijk onderzoek naar een Afghaanse vluchteling in Nederland is de politie gestuit op lijsten met bijna 5.000 namen van mensen die door het toenmalige communistische regime in Afghanistan eind jaren zeventig zijn gemarteld en gedood.

Volgens het Openbaar Ministerie gaat het om gedetailleerde en niet eerder bekend geworden informatie over Afghanen die door hun nabestaanden al lange tijd worden gezocht. De dodenlijsten zullen vanmiddag worden gepubliceerd op de speciale website warcrimes.nl van het OM en ze gaan naar het Rode Kruis. „Het is informatie die heel belangrijk is voor Afghaanse nabestaanden, die al tientallen jaren in grote onzekerheid leven over het lot van familieleden of vrienden”, zegt Thijs Berger. Hij is officier van justitie van de afdeling internationale misdrijven van het OM.

De inlichtingen zijn vergaard in een strafrechtelijk onderzoek dat het landelijk parket van het OM in 2010 begon naar de Afghaan Amanullah Osman. Hij werd verdacht van het plegen van oorlogsmisdrijven tijdens het communistische bewind in Afghanistan in 1978 en 1979.

Osman kwam in 1993 als vluchteling naar Nederland. In verhoren gaf hij toe dat hij hoofd was geweest van de Afdeling Verhoor van de Afghaanse Veiligheidsdienst (AGSA), waar mensen werden gemarteld. Hij zei dat hij documenten had getekend in zaken van politieke tegenstanders van het regime die geëxecuteerd zouden worden. Osman kreeg in Nederland geen vluchtelingenstatus wegens aanwijzingen voor betrokkenheid bij oorlogsmisdrijven. Maar hij werd ook niet uitgezet, omdat hij in Afghanistan groot gevaar zou lopen. Hij stierf vorig jaar op 67-jarige leeftijd een natuurlijke dood in Nederland.

In het onderzoek naar Osman wist de politie ook de originele transportorders te verzamelen van de Afghaanse veiligheidsdienst uit 1978 en 1979. Ze hebben betrekking op het transport van met name genoemde mensen, van en naar gevangenissen als de beruchte Pul-i-Charki bij Kabul. Op 27 transportorders staat de handtekening van Osman. In deze documenten werden gevangenen omschreven als moslimfundamentalisten, intellectuelen, studenten, ambtenaren, militairen, winkeliers en schurken.

Door het wereldwijd horen van getuigen en nabestaanden en onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut verzamelde de Nederlandse politie uniek bewijsmateriaal. Het belangrijkste materiaal – 154 pagina’s in het Dari met namen van mensen die in 1978 en 1979 volgens de toenmalige Afghaanse autoriteiten zijn geëxecuteerd – kreeg de politie van een 93-jarige Duitse vrouw in Hamburg, die actief was bij Amnesty International. Een deel van de inlichtingen zal worden gebruikt in lopende strafrechtelijke onderzoeken tegen Afghaanse vluchtelingen in Nederland die verdacht worden van oorlogsmisdrijven.

Justitie heeft een deel van het materiaal overgedragen aan collega’s in andere Europese landen waar voormalige leden van de Afghaanse geheime dienst naartoe zijn gevlucht.