Critici kraken en prijzen ‘de nieuwe Pynchon’

Bleeding Edge, de roman van Thomas Pynchon waar al enige tijd reikhalzend naar uit werd gekeken, is in de VS en Groot-Brittannië met wisselende kritieken ontvangen. “Full of verbal sass and pizzazz, as well as conspiracies within conspiracies, Bleeding Edge is totally gonzo, totally wonderful. It really is good to have Thomas Pynchon around, doing

Bleeding Edge, de roman van Thomas Pynchon waar al enige tijd reikhalzend naar uit werd gekeken, is in de VS en Groot-Brittannië met wisselende kritieken ontvangen.

“Full of verbal sass and pizzazz, as well as conspiracies within conspiracies, Bleeding Edge is totally gonzo, totally wonderful. It really is good to have Thomas Pynchon around, doing what he does best.”

Zo bëeindigt criticus Michael Dirda van The Washington Post zijn bespreking van Bleeding Edge, de net gepubliceerde roman van Thomas Pynchon. Dirda is kortom enthousiast, maar andere critici zijn minder onder de indruk.

Afgelopen januari kwam de geruchtenmachine over een nieuwe Pynchon op gang, wat bij de literaire pers voor hooggespannen verwachtingen zorgde.

Er kwam zelfs een trailer voor het boek:

Nieuwe boeken van Pynchon, die de afgelopen jaren steevast genoemd wordt als kanshebber voor de Nobelprijs voor Literatuur (ook dit jaar duikt zijn naam weer op in het tiplijstje van gokkantoor Ladbrokes), kunnen doorgaans rekenen op lange, en meestal positieve besprekingen in de Amerikaanse en Britse media. Zo schreef Dirda over Pynchons vorige roman, het in 2009 verschenen Inherent Vice, dat het zo’n geslaagde roman was “dat je zou willen dat het twee keer zo lang was”.

Michiko Kakutani van de New York Times kraakte Inherent Vice, en ook in het geval van Bleeding Edge is haar reactie zuinig. Het boek

“is a scattershot work that is, by turns, entertaining and wearisome, energetic and hokey, delightfully evocative and cheaply sensational; dead-on in its conjuring of zeitgeist-y atmospherics, but often slow-footed and ham-handed in its orchestration of social details”.

De Britse The Telegraph heeft dan weer de maximale vijf sterren over voor Bleeding Edge. Pynchons achtste roman

“is the best and most surprising thing he’s written since those great books”

, waarmee gerefereerd wordt aan de drie boeken die volgens recensent Tim Martin de beste Pynchons zijn: V uit 1963, Gravity’s Rainbow uit 1973 en Mason & Dixon uit 1997.

Bij The Guardian ten slotte slaat men weer door naar de andere kant.  In Bleeding Edge

“Pynchon seems to have eliminated not just the creaky conventions of the realist novel, but most of the human interest, too. This postmodern novel, like many others, often degenerates into a crude cartoon; and it looks particularly grievous when, like so many postmodernists, he tries to hack a path back through all that irony and pastiche to sincerity”.