Absurde wendingen in een thriller die echt wil zijn

Van geloofwaardigheid moet Prisoners het niet direct hebben. Zou het echt zo zijn dat de politie welgeteld één rechercheur op de zaak zet, als er op klaarlichte dag twee kleuters verdwijnen? Okee, die rechercheur wordt gespeeld door Jake Gyllenhaal en dat is een filmster die heel wat kan, maar een tikje onwaarschijnlijk blijft het toch wel. Zo bevat deze absurd lang uitgevallen thriller wel meer elementen die nuchter bekeken belachelijk zijn. Dat zou niet echt storend zijn als de film niet zo nadrukkelijk meer wil zijn dan een doorsneethriller – met camerawerk van de gelauwerde Roger Deakins, met een hele trits acteurs die op Hollywoods A-lijst staan, en een Canadese regisseur, Denis Villeneuve, die met zijn vorige film genomineerd was voor een Oscar. Met zoveel kwaliteit voor en achter de camera mag je iets meer verwachten dan degelijk vermaak.

Hugh Jackman speelt voor het eerst in lange tijd weereens een serieuze rol, als wanhopige vader die het recht in eigen hand neemt, wanneer de politie de vermeende ontvoerder van zijn dochtertje moet laten gaan wegens gebrek aan bewijs. Gyllenhaal is de politieman die binnen de wet de zaak moet zien op te lossen. Prisoners is eigenlijk de zoveelste variant op het martelingsthema dat na 11 september in zoveel films opduikt: hoe ver mag je gaan voor de veiligheid van je naasten?

De wereld van de film wil nadrukkelijk ‘echt’ zijn met verwijzingen naar Bruce Springsteen, de economische crisis, veel baarden en houthakkershemden. Maar de plot blijft er een van een horrorfilm uit de B-categorie.

Peter de Bruijn