Riskante berging cruiseschip begint

Vanmorgen is een poging begonnen om het voor de kust van Toscane gestrande cruiseschip Costa Concordia recht te trekken. Zoiets is nog nooit eerder gebeurd.

Bergingswerkers bereidden vanmorgen vroeg de poging voor om de Costa Concordia, rechts in beeld, weer overeind te trekken. Foto AFP

De zon schijnt na het zware onweer van vannacht, de zee is kalm, de 36 kabels staan strak. Om negen uur vanochtend is het startsein gegeven voor een poging de Costa Concordia, begin 2012 gekapseisd voor het Italiaanse eilandje Giglio, weer recht te trekken.

Tegen tien uur stond er een trekkracht van tweeduizend ton op elk van de zware stalen kabels. In stappen van twintig ton zou die worden verhoogd, naar vierduizend ton per kabel. Langzaam, want dit is een operatie zonder precedent en met grote risico’s. De Costa Concordia is gekapseisd op de rotsen voor de kust en daarbij aan stuurboordzijde ernstig beschadigd. De grootste angst is dat het verroeste, bijna driehonderd meter lange schip breekt. De hele operatie zou twaalf uur duren.

Op 13 januari 2012 kapseisde het cruiseschip voor de kust van Giglio na een manoeuvre van de inmiddels wereldberoemde kapitein Schettino, die een zeemansgroet aan een vriend op het eiland wilde brengen. Daarbij kwamen 32 van de ongeveer 4.200 opvarenden om het leven. Twee lichamen zijn nog altijd niet gevonden en bevinden zich mogelijk in compartimenten van het schip die tot nog toe ontoegankelijk waren.

De bedoeling is het schip met stalen kabels overeind te trekken en te plaatsen op een stalen platform dat op de zeebodem is gebouwd. Een muur van containers aan bakboordzijde moet het schip overeind houden en voorkomen dat het op z’n andere kant het water in valt. Als het schip in evenwicht is gebracht op het platform, zal het na een provisorische reparatie van de romp en het aanbrengen van een drijfkussen van containers aan stuurboordzijde door sleepboten naar een andere haven worden gevaren. Daar wordt het cruiseschip naar alle waarschijnlijkheid gesloopt.

Met 500 mensen van het Amerikaanse bergersbedrijf Titan en het Italiaanse Microperi is dag en nacht aan de operatie gewerkt. Zij namen het stokje in mei 2012 over van het Nederlandse Smit Internationale. De Nederlandse bergers pompten direct na het ongeluk brandstof uit het schip en brachten de ligging van de Costa Concordia in kaart. De aanbesteding voor de berging verloren zij van de Amerikanen.

Titan heeft deze zomer moeten toegeven dat hun eerdere raming van 250 miljoen euro voor de operatie niet klopt; het gaat zeker twee keer zoveel kosten. De Italiaanse burgerbescherming heeft aangegeven dat het gehele bedrag voor rekening komt van de verzekering van eigenaar Costa Costiere.

Als het schip de eerste uren goed doorkomt, „komt de rest wel goed,” zegt Franco Gabrielli van de Italiaanse burgerbescherming. „Geduld en precisie zijn het belangrijkst. We zullen continu monitoren wat er gebeurt om eventueel in te kunnen grijpen.”

De hijs-techniek (parbuckling genoemd) is nog nooit bij zo’n groot schip gebruikt. Het is onbekend hoe de romp van het schip er aan toe is na anderhalf jaar met een scheur op zijn kant te hebben gelegen.

De schade van een mogelijke breuk zou enorm zijn. Het wrak ligt vol met rioolwater, reinigingsmiddelen en zware metalen. Als dat in zee stroomt, zal het natuurgebied van Giglio zwaar worden beschadigd.

Op de kade van de haven doen journalisten in allerlei talen verslag. De 75-jarige Giovanna laat zoals iedere dag haar hond uit in de haven. Ze draagt wat onwennig een badge met ‘inwoner’ erop. „Ik kan me mijn uitzicht zonder dat schip nauwelijks nog herinneren”, zegt ze. „Missen zal ik het niet, nee, het is wel mooi geweest. Ik wil mijn rustige eiland terug.”

Als om negen uur het verlossende ‘we zijn begonnen’ komt, door het onweer van vannacht drie uur later dan gepland, sjort Giovanna haar hondje weer mee en verlaat ze de drukke haven. „We hebben gisteren met het hele dorp gebeden voor deze operatie. Dat ga ik nu maar weer doen.”