Van baseliner tot textielboer

Hij stond in de halve finale op de US Open en was nummer elf van de wereld. Oud-prof Sjeng Schalken (37) is nu zakenman: marktleider in tenniskleding. „Als tennisser gaf ik er niets om.”

„,Zouden mensen wel in mijn kleding willen lopen?’, vroeg ik me af. Ik was als tennisser geen uitgesproken persoonlijkheid. Foto Ilvy Njiokiktjien

The turtle. Zo noemde John McEnroe tennisser Sjeng Schalken tijdens zijn actieve tennisloopbaan. De Nederlander was in de ogen van de Amerikaan vaak minder getalenteerd dan zijn tegenstanders, maar was wel nummer elf van de wereld. „Ik was misschien ietsje geconcentreerder dan de rest. Wilde net iets liever winnen. Als er een kansje voorbij kwam sloeg ik toe. Dan kan je blijkbaar met een gebroken lichaam en een middelmatige service ver komen”, zegt hij in zijn kantoor in Baarn.

De 37-jarige Schalken is als ‘textielboer’ – zoals hij zich gekscherend noemt – bezig aan een tweede leven. De Limburger heeft in acht jaar tijd een weg gevonden in de wereld van de tenniskleding. Zijn vrouw Ricky werd soms recht in het gezicht uitgelachen. ‘Heb je al een shirtje verkocht?’, zeiden ze dan. Nu is Sjeng Sports met Björn Borg marktleider van tenniskleding in Nederland.

Het Nederlandse Davis-Cupteam, dat vanaf vandaag in Groningen tegen Oostenrijk speelt, loopt in zijn kleding rond. „Ik gaf er als tennisser niets om. De kleding moest goed zitten, meer niet. Nu spelen ze met mijn naam. Wij hebben op verzoek van de bond een eigen kledinglijn voor het team gemaakt. Rood-wit-blauw met een oranje touch. Daar lopen de trainers, spelers en scheidsrechters van de bond in.”

Schalken laat zijn gedachten terug gaan naar de tijd dat hij nog actief was als profspeler. Zijn vrouw Ricky vatte het idee op een kledinglijn voor dertig plussers te beginnen onder de naam Sjeng Schalken Sportswear. „Ik zei: ‘Je doet maar. Ik kijk er niet naar om’. Ze deed alles zelf. Ze ging naar Turkije om kleding in te kopen, benaderde zelf sportzaken, huurde een loods voor de opslag en deed de administratie op een laptopje. Er was eigenlijk niet goed over nagedacht. Achteraf was het zo onprofessioneel. Ze viel in elke kuil waar je als amateur maar in kunt vallen. Er bleek vaak in zeventig procent van de handel fouten te zitten. Die spullen kwamen dan weer terug. Het groeide haar volledig boven het hoofd. Ze ging door een hel. Er was heel wat geld in de Maas gegooid. Dan heb je het over een getal met zes cijfers. Het was een kansloos avontuur.”

Gala

Schalken had het idee van een eigen merk alweer achter zich gelaten toen hij per toeval op een gala van ‘spieren voor spieren’ naast Anton Holland aan tafel kwam te zitten. De baas van Dutch Brand House International hoorde het verhaal van de oud-tennisser aan en daagde hem uit het met zijn assistentie opnieuw te proberen.

Schalken nam driekwart jaar bedenktijd en besloot de stap te zetten. Ze stippelden samen een strategie uit en kwamen uit bij het basisidee van Ricky: een kledinglijn voor dertig plussers. „Ricky wilde er helemaal niets meer van weten. ‘Zouden mensen wel in mijn kleding willen lopen?’, vroeg ik me af. Ik was als tennisser geen uitgesproken persoonlijkheid. Het bleek toch aan te slaan. Mede met dank aan de gunfactor.”

De tenniskleding van Schalken is nu in zo’n tweehonderd winkels in Nederland te koop. Ook in België heeft hij een vaste voet aan de grond gekregen. Schalken claimt in een stagnerende markt zelfs een omzetgroei van drie procent. „De budgetten zijn overal echt serieus teruggeschroefd.”

Drie maanden per jaar is hij van huis. „Ik heb misschien wel driehonderd keer een gratis clinic gegeven bij plaatselijke tennisclubs. De sportzaak komt dan in beeld, ik kan mijn merk aanprijzen en de kinderen op de tennisclub hebben een mooie dag. Dat is winst voor iedereen. Als je het gevecht met een concurrent aan gaat, heb je toch een streepje voor. Jezelf laten zien is belangrijk. Want jonge mensen weten niet dat ik ooit tennisser ben geweest.”

Zusjes Williams

Elf jaar geleden beleefde Schalken op de US Open het hoogtepunt van zijn carrière toen hij de halve finale bereikte. Zijn naam stond op het affiche van Super Saturday tussen Pete Sampras, Andre Agassi, Lleyton Hewitt en de zusjes Williams. „Heel onwerkelijk. Achteraf besef ik pas hoe groot die prestatie was”, mijmert Schalken.

Nu concurreert hij met de gevestigde kledingmerken van oud-spelers als Fred Perry, René Lacoste, Sergio Tacchini en Björn Borg. „Ja, dat is misschien wel net zo onwerkelijk.”