Stop dat gepolder en ga eens regeren

Rutte en Samsom proberen nieuwe zuilen op te richten: werkgevers, bonden, milieugroepen. ‘Draagvlak’ willen ze. Maar waar het kabinet draagvlak zoekt, vindt het remkracht, schrijft Alexander Pechtold.

Zondag zei Bernard Wientjes, voorman van VNO, bij Buitenhof dat de Eerste Kamer moet instemmen met alle maatregelen uit het sociaal akkoord en dat de politiek hooguit binnen de grenzen van het sociaal akkoord kon onderhandelen met het kabinet. Als de senaat niet instemt met de pensioenwetten van de polder, dreigt de VNO-voorman het sociaal akkoord op te zeggen. Overigens zijn de gehele oppositie en vele deskundigen, met de Raad van State voorop, zeer negatief over deze pensioenwetten. Onwillekeurig denk ik op dat soort momenten: wie heeft hier de democratisch gelegitimeerde macht?

Omwille van het draagvlak in de polder sluit het kabinet akkoorden dat het een lieve lust is: sociaal akkoord, pensioenakkoord, zorgakkoord, onderwijsakkoord, energieakkoord. Geen jongere praat mee over pensioenwetten, maar een klein groepje grote bedrijven dwingt een speciale pensioenregeling af voor inkomens boven de 100.000 euro waarvan de uitvoeringskosten astronomisch zijn. Zo kan het gebeuren dat FNV-voorzitter Ton Heerts de invloedrijkste speler is als het gaat om sociaal-economische politiek. Greenpeace en 46 andere organisaties beslissen mee over het woningbouwbeleid via het energieakkoord.

Zet belangengroepen aan tafel en volgens VVD en PvdA ontstaat het draagvlak vanzelf. Is dat wel zo? Het gaat mij er niet alleen om dat te veel macht afstaan aan de polder vanuit democratisch oogpunt problematisch is. De Vereniging Eigen Huis zegde geen steun toe aan het energieakkoord; FNV en CNV voeren openlijk campagne tegen het pensioenakkoord dat de rekening bij werkenden en jongeren legt. Onderwijsbond AOB steunt het onderwijsakkoord niet. Ton Heerts dreigt het sociaal akkoord op te zeggen als de nullijn voor ambtenaren niet van tafel gaat. Alle akkoorden ten spijt neemt de steun voor het kabinetsbeleid razendsnel af. De oorspronkelijke daadkracht uit het regeerakkoord wordt zo vermalen in nieuwe zwakkere akkoorden. Waar het kabinet draagvlak zocht, vond het remkracht.

Uitzondering daarop was het woonakkoord. In dat politieke akkoord spraken het kabinet, D66, ChristenUnie en SGP af om, tegen het taboe in, de hypotheekrenteaftrek langzaam te beperken en de huurmarkt te hervormen, zodat er meer doorstroming komt op de huurmarkt en mensen in de toekomst niet meer tien jaar op een huis hoeven te wachten. Aedes, de koepel van woningbouwcoöperaties, verzette zich hevig tegen deze beperking van zijn machtspositie. Maar toen de politieke meerderheid en minister Blok standvastig bleken en niet accepteerden dat Nederland de grootste gesubsidieerde huursector heeft van Europa, werden de coöperaties langzaam constructiever. Het kán dus wel: hervormingen doorvoeren met politiek.

Behalve dit politieke akkoord kiest het kabinet voor mistige polderakkoorden. Rutte en Samsom proberen, misschien onbewust, nieuwe zuilen op te richten: werkgevers, vakbonden, milieugroeperingen en andere maatschappelijke belangenverenigingen worden geacht hun achterban te vertegenwoordigen, zoals vroeger de leiders van zuilen dat deden. Maar de tijden zijn veranderd. Als KVP’er Romme zich aan een zaak verbond, voelden veel katholieken zich daaraan verplicht. Niet alleen omdat paters en priesters de volgelingen eraan herinnerden op zondag in de kerk, maar ook omdat mensen het morele en politieke gezag van hun voormannen erkenden.

Hoe anders is dat nu. Als ik voor mezelf schrijf: ik ben lid van de ANWB omdat ik weinig verstand heb van wat er onder de motorkap gebeurt, niet omdat ik een politieke lobby wil tegen tolpoortjes of voor rekeningrijden. Veel werkenden vergaat het nu zo: ze zijn lid van FNV of CNV omdat zij willen dat iemand namens hen onderhandelt over arbeidsvoorwaarden, of omdat ze hulp willen bij het invullen van hun belastingformulier en juridische bijstand bij een onverhoopt ontslag. Niet omdat ze tegen de verhoging van de AOW-leeftijd zijn.

In 2011 spraken Rutte, Verhagen en Cohen af de AOW-leeftijd te verhogen, te beginnen in ... 2020. Dit uit angst voor arbeidsonrust en om draagvlak te krijgen door een deal met FNV. D66 verzette zich tegen dit halfhartige voorstel: als er een probleem is, moet je meteen beginnen met de oplossing, niet over negen jaar. Vorig jaar bij het – politieke – Lenteakkoord zagen wij onze kans schoon om in 2013 te beginnen met het verhogen van de AOW-leeftijd en de economische problemen direct aan te pakken door meer mensen langer aan het werk te houden.

De voorspelde onrust bleef uit. Hooguit een paar duizend mensen demonstreerden met Agnes Jongerius tegen een van de ingrijpendste sociaal-economische maatregelen van de laatste decennia. Blijkbaar lieten veel werkenden zich, anders dan de FNV-top en de traditionele partijen, ervan overtuigen dat wat langer doorwerken een verstandige maatregel is om de Nederlandse economie te versterken en de overheidsfinanciën op orde te brengen. Bij de laatste verkiezingen hoorde je er niemand meer over. Zelfs SP-leider Roemer nam het in zijn begroting mee.

Onder ideologische druk van de PvdA begon het kabinet aan de ‘herzuiling’ door akkoorden. Steeds duidelijker wordt dat werknemers zich niet verbonden voelen met het politieke denken van vakbondsbestuurders, maar om pragmatische redenen lid zijn van een bond. De nieuwe zuilen zijn aan de onderkant te verkruimeld om het beleid van VVD en PvdA te stutten. Niettemin perken de brokstukken van de zuilen de mogelijkheden sterk in om tot politiek draagvlak te komen.

De restauratie van de verzuiling wordt ver doorgevoerd. Kritiek op het uitstellen van de hervorming van de WW en het ontslagrecht verwerpen polderbestuurders met een verwijzing naar het oude dak boven de zuilen: „Nationaal belang!” Maar het geloof dat de moeizaam bereikte akkoorden en het uitstel van de modernisering van onze economie het nationaal belang is, heeft weinig aanhangers.

Overigens zie ik wel degelijk een belangrijke rol weggelegd voor maatschappelijke organisaties. Een maatschappij waarin de staat en markt alles naar zich toetrekken is niet de mijne: er moet een krachtige laag zijn tussen het individu en de overheid in. Zelfs de individualistische zzp’ers verenigen zich om hun belangen beter te verdedigen. Het gaat erom dat de politiek het primaat heeft bij politieke besluiten.

De paradox is dat Rutte-II een jaar heeft gewerkt aan draagvlak waardoor het draagvlak is weggevallen. De kloof tussen de ideologische wens om te polderen en de beleving van mensen is groot: men verwacht daadkracht in deze economisch moeilijke tijd, geen eindeloze overleg en afgezwakte compromissen. Als de politiek richting geeft, kunnen mensen zien wie besluiten neemt en wie daarvoor verantwoordelijk is, maar ook wie de koers niet steunt. Nu hebben we een halfbakken beleid van geplande hervormingen op de arbeidsmarkt en ambities die steeds maar weer worden uitgesteld. Een beleid waarvoor velen medeverantwoordelijk zijn, maar waarvoor niemand verantwoordelijkheid draagt. Paradoxaal genoeg herkennen zowel behoudzuchtige als hervormingsgezinde Nederlanders zich daar niet in.

Laat het kabinet de sleutels van het economische motorblok terugpakken van VNO-voorman Wientjes. Na een jaar zonder succes zoeken naar draagvlak, heeft het kabinet nog één kans. Die kan alleen benut worden door een duidelijke en zelfbewuste koers, zoals nog niet zo lang geleden vastgelegd in het regeerakkoord. Dat zal weerstand oproepen bij een deel van de bevolking en misschien tot een Malieveld vol vakbondsbestuurders en werkgevers leiden. Maar veel mensen zullen het steunen dat het kabinet economische hervormingen eindelijk doorvoert. Een kabinet dat staat voor zijn beleid en dat tegen weerstanden in hervormingen verdedigt, schept vertrouwen en draagvlak.