Ik wil een Pieter van Vollenhoven Prijs voor ongevaarlijke poëzie

Zeven keer heb ik het opiniestuk van schrijver Peter Drehmanns op het nrc-boekenblog gelezen en nog steeds heb ik niets gevonden waar ik het mee oneens kan zijn. Drehmanns vaart uit tegen behaagzieke schrijvers die zich verlangend naar verkoopcijfers ‘amper verzetten tegen de vertrutting en vulgarisering van ons vak’. Hear hear!

(Ik vond wel een paar kleinigheden: zo klaagt Drehmanns over een tv-interview met A.F.Th. van der Heijden, dat alleen maar over zijn gestorven zoon ging, en niet over zijn schrijverschap – terwijl je bij hem juist ziet hoe rouw en geïntensiveerd schrijverschap onontwarbaar worden. En, o ja, Drehmanns schrijft neerbuigend over Herman Brusselmans. Dat is onaanvaardbaar).

Drehmanns – van wie deze week de roman De man die brak verscheen – haalt zelfs het g-woord van stal. Gevaarlijk. Hij wil ‘gevaarlijke en ongemakkelijke romans schrijven, verlevendigd met ironie, met wanhopige tederheid.’ Waarbij de ellende is dat er niets ongevaarlijker is dan een ongelezen boek.

Intussen bestáát er wel degelijk gevaarlijke poëzie, bijvoorbeeld die van de met de Prins Claus Prijs bekroonde Egyptische dichter Ahmed Fouad Negm (1929). Geweldige man: een authentieke Egyptische seculier, gevangengezet door Nasser én Sadat, terwijl hij vooral Mubarak onophoudelijk beledigde. Een man die simulatiespuugt in de richting van de moskee als de luidruchtige gebedsoproep zijn gesprek dreigt te onderbreken. En wereldberoemd in heel Egypte, dankzij zijn jarenlange samenwerking met zanger Sheikh Imam. Zijn poëzie is een kunst ‘waarin de Arabische spreektaal in al zijn schakeringen grote poëtische hoogten bereikt’, aldus de jury.

Overal op het net staan anekdotes over de man die bij zijn buren bekend staat als ‘Oom Achmed’, maar het vinden van een Engelse vertaling van zijn gedichten is lastiger. (Zo stuit een poging om een stuk in Index on Censorship te lezen op de omineuze melding: ‘Sorry, you do not have access to this article’). Dan biedt shoah.org.uk uitkomst:

The poor dwell

In the slums.

Their day is a cloud,

Their night is tears.

Feeble arms,

But with some strength,

That turn the dry land to green.

God, wat een waardeloze poëzie.

Misschien kan er naast de Prins Claus Prijzen een Pieter van Vollenhoven Prijs worden opgericht, voor Ongevaarlijke Poëzie. Dan hebben we eindelijk weer een reden om Drs. P. in het zonnetje te zetten, de schrijver bij wie gevaar nog gewoon een kwestie van verkeersveiligheid is – maar dan op existentieel niveau:

Wij zijn hier aan de oever

Van een machtige rivier.

De andere oever is daarginds,

En deze hier is hier.

De oever waar we niet zijn

Noemen wij de overkant

En deze wordt dan deze kant

Zodra we daar zijn aangeland.

Onthoudt u dat dus goed.

Want dat is van belang

voor als u oversteken moet.