Brede blik op ‘Corps de Ballet’

Het klassieke corps de ballet is wit en vrouwelijk, vederlicht en elegant, uniform en dienend. Maar het hedendaagse ‘lichaam van het ballet’, hoe ziet dat eruit? In Corps laat Het Nationale Ballet drie interpretaties van het fenomeen corps de ballet zien. Het levert een onalledaagse combinatie van stijlen op.

Het wat stroperig gedanste Les Sylphides van Michael Fokine uit 1909 voldoet in zowel kostumering als bewegingstaal aan het traditionele beeld. Dan volgt, als een soort diapositief, Hans van Manens Corps uit 1985. Van Manen voert een mannelijk corps de ballet op, gestoken in zwarte ‘worstelpakjes’. Aards en krachtig zijn ze, en in plaats van te dienen als levende, decoratieve omlijsting voor de dansen van de solisten (zoals in Les Sylphides) eisen deze vijftien kerels een belangrijke rol voor zichzelf op met hun geladen, dreigende aanwezigheid vol ingehouden agressie. Drie vrouwelijke solisten zorgen voor sfeerwisselingen, waarbij bijvoorbeeld de even ongrijpbare als exacte Jurgita Dronina voor onrust zorgt. Goed dat dit intrigerende werk na achttien jaar weer eens te zien is.

En dan: het heden. Emio Greco en Pieter Scholten onderzoeken in Het lichaam van het nationale ballet samen met dertig dansers het fenomeen corps de ballet. Op de hartenklop in de soundtrack van Sébastien Gaxie gaat het dus over individualiteit versus collectiviteit, uniformiteit en anonimiteit. En over samenwerking, één worden in beweging, maar niet, zoals in de klassieke dans, precies op de tel en ‘zonder te ademen’, maar juist dóór te ademen – synchroniciteit is van ondergeschikt belang. Her en der verwijzen bewegingen, muziek of decorelementen naar de romantische oorsprong van het corps de ballet, en bij vlagen boeit de choreografie wel degelijk, maar zonder dwingende vorm vloeit de spanning en daarmee de aandacht te vaak weg.