Samen staan ze sterker

Sinds de bezuinigingen werken de gezelschappen vaker samen.

Al jaren voor de bezuinigingen had Niek Idelenburg, artistiek en zakelijk leider van Holland Opera in Amersfoort, aan andere gezelschappen met een eigen zaal voorgesteld om in elkaars zalen te gaan spelen. Niet voor een enkele voorstelling, maar voor iets langere tijd om zo ook educatieve of andere randprogrammering te kunnen verzorgen. De ontvangende instelling zou zorgen voor marketing en publiciteit.

Echt reactie kreeg hij nooit. Tot vorig jaar iedereen door de bezuinigingen werd getroffen. ‘Hé Niels, hoe zit dat nu met het plannetje van jou?’, kreeg hij als vraag. Sindsdien ging het rap. „Met Kwatta, Laagland, het Houten Huis en De Stilte wisselen we nu uit. Het loopt. Wij zijn naar Laagland in Sittard gegaan, we hadden daar zoveel aanloop dat we er wel weken hadden kunnen staan. De Stilte heeft bij ons in Amersfoort gestaan voor drie voorstellingen. We hadden er wel vijf kunnen verkopen.”

Voor Idelenburg een voorbeeld hoe samenwerking sinds de bezuinigingen makkelijker tot stand komt. Die samenwerking kan meerdere doelen hebben. Kosten kunnen gedeeld worden door faciliteiten te delen, maar ook kunnen gezelschappen elkaar helpen door ze met een ander publiek in contact te brengen. Het gebeurde al, dat wel. Zeker binnen disciplines, zoals tussen muziekensembles of dansgezelschappen.

Maar meer dan in het verleden wordt door gezelschappen uit verschillende disciplines samengewerkt. Het Nederlands Blazersensemble maakt dit seizoen een productie met Hotel Modern, een jong gezelschap dat toneel en video combineert. „Zij hebben een heel ander publiek dan wij. Dat kan nu met onze muziek kennismaken en omgekeerd”, zegt Niek Wijns van het NBE. „Uiteindelijk hoop je zo meer publiek te trekken.”

Het relatief jonge gezelschap Het Geluid uit Maastricht heeft in de veel grotere Nationale Reisopera een nieuwe partner gevonden. „Zij willen graag profiteren van onze ervaring met het werken op locatie, juist met kleine voorstellingen”, zegt Gable Roelofsen. Eerder werkte Het Geluid al samen met de Veenfabriek om een huiskamertournee te doen. „Wij wilden graag meerjarige subsidie om de stap naar een landelijk gezelschap te kunnen maken vanuit Maastricht”, zegt Roelofsen. „Nu proberen we dat via onorthodoxe samenwerkingen.”

Operagezelschap Hollands Diep uit Dordrecht maakt een voorstelling van Boris Goedonov (opera van Moesorgski) bij de tentoonstelling met werken uit de Hermitage die in het Dordrechts Museum komt. „Daar krijgen we 1,5 ton voor”, zegt directeur en artistiek leider Cilia Hoogerzeil. Haar gezelschap werkt ook samen met VocaalLab, dat wel subsidie heeft gekregen. „Zij kunnen soms de ontwikkelkosten voor een nieuwe voorstelling dragen. Net zoals zij het maken van de trailer betalen voor Gilgamesj, een voorstelling voor 2015. Met die trailer kunnen we theaters prikkelen om de voorstelling alvast te bestellen.”