Oude producties hernemen

Veel gezelschappen spelen op safe. Voor nieuw werk is vaak geen geld.

Dit najaar begint weer een tournee van Ghost Track, een grote productie van dansgezelschap LeineRoebana met Indonesische dansers. „Daarvoor hebben we jarenlang onderzoek gedaan, we zijn ervoor in Indonesië geweest en halen er steeds Indonesische dansers voor naar Nederland. Behalve de reprise in Nederland toeren we er ook mee door het buitenland”, vertelt Andrea Leine. „Het was een forse investering en die halen we eruit. Maar we kunnen het niet meer doen, het risico is te groot.”

LeineRoebana heeft nog subsidie, maar met 3 ton de helft van de vorige periode. Het gezelschap is een van de 39 die niet alleen minder grote, maar ook in zijn totaliteit minder nieuwe producties gaat maken. „We spelen op safe”, aldus Leine.

En dat geldt voor veel gezelschappen die hun subsidie gekort of geschrapt hebben zien worden. Minder ontwikkelen scheelt kosten: van auteurs of componisten, van musici of acteurs die minder hoeven te repeteren, van techniek of decors. Dan spelen de gezelschappen en ensembles liever meer reprises van stukken die hun waarde al bewezen hebben. Stukken waarvan ze weten dat er publiek op afkomt.

Grotere en kleinere gezelschappen nemen er hun toevlucht toe. „Als wij nieuw werk doen, moeten we ook nieuwe partituren schrijven. Dat kost tijd en geld”, zegt Niek Wijns van het Nederlands Blazers Ensemble.

„Liever een productie minder dan met de kaasschaaf langs de budgetten van producties gaan. We willen wel kwaliteit behouden”, zegt Henk Schoute van theaterproductiehuis Zeelandia.

Sommige gezelschappen spelen de komende jaren alleen nog maar reprises. Frank Groothof, bekend om zijn vertellingen voor kinderen bij klassieke muziek, bijvoorbeeld. „We maakten enkele nieuwe producties per jaar, twee à drie, maar nu zullen we niet meer dan één productie per seizoen kunnen spelen. En dan geen nieuwe voorstelling maar een reprise”, zegt zijn zakelijk manager Hilda van der Weij. De eerste reprise wordt een solovoorstelling.

Wel worden er nieuwe podia gezocht. Optreden op locatie wordt populairder. Een enkel gezelschap heeft het huiskameroptreden ontdekt. Zo komt acteur en artistiek leider Sabri Saad El Hamus van De Nieuw Amsterdam voor 850 euro bij mensen thuis om daar de voorstelling te laten zien, die eerder in het theater is gespeeld. „Daar verdienen we extra geld mee en zo halen we ook ons aantal speelbeurten dat voor de subsidie van de gemeente Amsterdam is vereist. Met de verkoop van voorstellingen gaat het niet zo goed, en dat geldt niet alleen voor ons”, zegt zakelijk leider Nora Duijf.

Ook LeineRoebana heeft de huiskamer van de liefhebbers gevonden. Andrea Leine: „Mensen vragen ons om bij ze op te treden als ze jarig zijn. Dat levert niet alleen geld op, maar ook nieuw publiek. Sommige van die gasten zie je later weer in de zaal.”