Nederland biedt excuses aan voor executies Indonesië

Ambassadeur Tjeerd de Zwaan kijkt naar een reliëf waarop de ramp waaraan Nederlandse militairen schuldig zijn wordt afgebeeld. Foto ANP / Ahmad Suhaidi

De Nederlandse ambassadeur in Indonesië heeft vanochtend in Jakarta namens de Nederlandse regering excuses aangeboden vanwege de executies tijdens het militair optreden in de periode tussen 1945 en 1949. Familieleden van weduwen uit Zuid-Sulawesi woonden de bijeenkomst bij.

De ambassadeur richtte zich in het bijzonder tot de weduwen uit Bulukumba, Pinrang, Polewali Mandar en Parepare in Zuid-Sulawesi. Onlangs is met tien weduwen uit Zuid-Sulawesi een schikking getroffen. Zij konden er zelf niet bij zijn vanwege hun leeftijd, maar van sommigen van hen was familie aanwezig.

“De Nederlandse regering is zich ervan bewust een bijzondere verantwoordelijkheid te hebben voor de Indonesische weduwen van slachtoffers van standrechtelijke executies zoals begaan door Nederlandse militairen. Namens de Nederlandse regering bied ik excuses aan voor deze excessen.”

Excuses onderdeel van schikking tussen staat en weduwen

Hun advocaat Liesbeth Zegveld had geëist dat de ambassadeur zijn excuses zou aanbieden in Sulawesi. Het ministerie van Buitenlandse Zaken wees er echter op dat het gaat om excuses voor alle standrechtelijke executies, en niet alleen voor die in Zuid-Sulawesi. Daarom is voor Jakarta gekozen. De ambassadeur gaat volgende week naar Sulawesi om verslag te doen van de bijeenkomst.

Het kabinet besloot eind augustus tot het aanbieden van de excuses. Ze zijn onderdeel van een schikking tussen de staat en de weduwen wier mannen standrechtelijk zijn geëxecuteerd. Eerder kregen de weduwen van de executies in Rawagede en Zuid-Sulawesi een schadevergoeding van twintigduizend euro.

Met de excuses hoopt de regering bij te dragen aan de afsluiting van een ‘moeilijke periode’ voor deze groep, die ‘zo direct is getroffen door het geweld tussen 1945 en 1949’. “De Nederlandse regering wil de blik graag gezamenlijk met Indonesië op de toekomst richten. Indonesië en Nederland, Indonesiërs en Nederlanders hebben elkaar veel te bieden”, besloot de ambassadeur zijn toespraak. (Novum)