Dramatische videobeelden om de politieke zaak te bepleiten

In deze rubriek bespreekt Martijn Kleppe maandelijks het gebruik van een nieuwsfoto. Vandaag: Strategisch gebruik van schokkend beeldmateriaal.

Still uit één van de dertien video’s op de site van de Amerikaanse senaatscommissie voor inlichtingendiensten. De locatie, volgens de site, is Kafr Batna, een buitenwijk van Damascus. De video werd op 21 augustus op YouTube geplaatst.

Het is een bekende truc. Wanneer het erom spant, zet je overtuigend beeldmateriaal in. Obama probeerde het vorige week in een poging Amerikaanse congresleden te overtuigen van de noodzaak tot militair ingrijpen in Syrië.

Een aantal leden van de senaatscommissie voor inlichtingendiensten kreeg video’s voorgeschoteld waarop te zien is hoe slachtoffers, waaronder veel kinderen, spartelend op de grond liggen terwijl de camera inzoomt op de ogenschijnlijk vergrote pupillen.

Inmiddels zijn deze video’s op de site van deze commissie geplaatst (http://nrch.nl/33a7) waarbij wordt vermeld dat twaalf van de dertien video’s afkomstig zijn van een website van de Syrische oppositie. CNN, die zelf de authenticiteit van de video’s niet kon garanderen, meldde dat het volgens officiële bronnen bij de Amerikaanse inlichtingendiensten zou gaan om burgers die omkomen door het zenuwgas sarin.

Na de diplomatieke ontwikkelingen van deze week blijft het onduidelijk of deze video’s het verschil zouden hebben gemaakt bij de keuze voor militaire interventie. Maar het beïnvloeden van de publieke opinie met behulp van dramatisch beeldmateriaal, waarvan de bron niet duidelijk is, komt veel vaker voor.

In februari 2003 liet Colin Powell, tijdens een toespraak bij de Verenigde Naties, beeldopnames zien van vrachtwagens en chemische opslagplaatsen waaruit zou blijken dat er in Irak biologische wapens konden worden gemaakt. Deze satellietfoto’s lieten zien waar de massavernietigingswapens zich zouden bevinden.

We kennen de uitkomst van de oorlog in Irak. De wapens zijn nooit gevonden en ook Powell gaf later toe dat zijn informatie en beeldmateriaal niet klopten. Maar achteraf maakt dat niets uit. De eerste klap is een daalder waard en beelden maken nu eenmaal meer indruk dan politici die hun mening verkondigen aan de vergadertafel.

Dit optreden van Powell staat niet op zichzelf. Tijdens de Cubacrisis in 1962 deden de Amerikanen iets dergelijks door in diezelfde VN Veiligheidsraad satellietfoto’s te tonen waaruit bleek dat de Sovjet-Unie raketten plaatste op Cuba en daarmee de Verenigde Staten onder vuur kon nemen.

Het is opmerkelijk dat Obama beelden gebruikt waarvan de authenticiteit niet onomstotelijk vaststaat. Terwijl missers op de loer liggen.

In de chaotische berichtgeving na de gifgasaanval op 21 augustus maakte de BBC een grote blunder. Het toonde een foto waarop de lichamen van dode slachtoffers te zien zouden zijn. In werkelijkheid was het een foto uit Irak die fotograaf Marco di Lauro maakte in 2003. De BBC vermeldde er bij dat ze de foto had verkregen via een activist. Het illustreert het belang van beeldmateriaal in conflictsituaties. Politici, activisten maar ook hulporganisaties maken er dankbaar gebruik van.

Deze week nog twitterde cameraman Joris Hentenaar een foto van een moeder die rouwt om haar zoon met daarbij de suggestie dat het beeld uit Syrië kwam. Tineke Ceelen, directeur van Stichting Vluchteling, retweette het bericht. Femke Halsema, die voorzitter is van de stichting, deed hetzelfde. Daardoor bereikte de foto haar ruim tweehonderdduizend volgers.

Binnen een uur ontdekte GeenStijl-redacteur Pritt dat ook deze foto zes jaar eerder was gemaakt in Irak. Hentenaar bood zijn excuses aan en haalde de foto offline. Op dat moment hadden de volgers van Halsema en Ceelen dezelfde foto allang weer doorgestuurd.

De voorbeelden laten zien dat beelden nooit voor zich spreken en kijkers zich altijd moeten afvragen: Wanneer is een foto gemaakt? En wie heeft er baat bij dat de beelden getoond worden?

Martijn Kleppe werkt als onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en is gespecialiseerd in persfotografie . Meer foto’s op nrc.nl/beeldverhaal. Tips en opmerkingen: beeldverhaal@nrc.nl.