De veerkracht van de Noren

Ruim twee jaar na de terreuraanslagen van de extreemrechtse Anders Breivik, waarbij 77 mensen om het leven kwamen, heeft Noorwegen bewezen hoe stevig de democratie in het land is. Na een verkiezingscampagne waarin het drama van 22 juli 2011 nauwelijks een rol speelde, hebben de Noren maandag hun vertrouwen opgezegd in de coalitie onder leiding van de Arbeiderspartij van premier Jens Stoltenberg, die het land acht jaar heeft geregeerd. De leider van de conservatieve partij Høyre, Erna Solberg, kan nu een rechtse coalitie gaan vormen en dan het premierschap overnemen.

Los van de verdiensten van links dan wel rechts, is het toe te juichen dat de Noren de parlementsverkiezingen niet hebben laten domineren door het terrorisme van Breivik. Het ging afgelopen weken over gewone politieke thema’s als besteding van gelden uit het staatsoliefonds, privatiseringen, de belastingdruk en de omvang van de overheid. Dat is een bewijs van de veerkracht van de Noren. De terreurdaad is niet vergeten, maar hoe groot de schok ook was, het land staat weer op de rails. Breivik kan niet het genoegen smaken dat zijn schaduw over de eerste verkiezingen na zijn misdaad hing.

Dat een regering na twee termijnen wordt afgelost is in beginsel een gezonde ontwikkeling. En in dit geval moet een linkse coalitie plaats maken voor een rechtse, als het Solberg inderdaad lukt de nogal verschillende rechtse partijen op één lijn te brengen.

Enig ongemak is er in Noorwegen wel over één van de potentiële coalitiepartijen, de Vooruitgangspartij. Maar dat komt niet zozeer omdat Breivik tussen 1999 en 2004 lid was van deze anti-immigratiepartij. De bezorgdheid over de partij heeft meer te maken met het strenge migratiebeleid dat de Vooruitgangspartij voorstaat. In sommige landen is nu de indruk gewekt dat ‘Breiviks partij’ in de regering komt. Maar in feite wil deze partij, die 29 van de 169 zetels in het parlement krijgt, maatregelen op het gebied van gezinshereniging en asielzoekers nemen die in veel Europese landen, waaronder Nederland, allang gemeengoed zijn.