Royal Mail in de uitverkoop

De Britse regering wil postbedrijf Royal Mail privatiseren. Voor de werknemers is Nederland het schrikbeeld, het platteland vreest slechtere bezorging.

Een volle collegezaal in Noord-Londen, begin augustus. Zo’n vijfhonderd postbodes uit het hele Verenigd Koninkrijk, leden van de vakbond CWU, zijn verwikkeld in een verhitte discussie over privatisering van de Royal Mail, waarbij 150.000 postbodes en sorteerders werken.

Als het aan de Britse regering ligt, vindt deze herfst een beursgang plaats. Morgen komt zij met een Intention to Float. Het wordt nu al de grootste privatisering in twee decennia genoemd, met een verwachtte opbrengst van 3 miljard pond (3,6 miljard euro). „We geven Royal Mail de middelen om te concurreren, en dat zal het hele land voordeel brengen”, zei minister van Handel Vince Cable in het Lagerhuis in juli.

Maar de postbodes en sorteerders vrezen het ergste. „Nederlandse toestanden”, zoals vakbondsvoorzitter Dave Ward het omschrijft. Want dat is het schrikbeeld: de privatisering van PostNL, waarover men gehoord heeft dat sindsdien de meerderheid van de brievenbezorgers niet meer in vaste dienst is. Dat klopt niet, maar Ward zegt: „Het is één ding als door mechanisatie banen verdwijnen, maar hierdoor verandert de status van het werk.”

Ward vreest verslechtering van de dienstverlening, en daarmee minder werkdagen. Opnieuw is Nederland het slechte voorbeeld: „Bij jullie wil men al terug naar vijf keer per week bezorgen.”

Nu ligt in het Verenigd Koninkrijk wettelijk vast dat de post zes dagen per week wordt bezorgd bij 29 miljoen huishoudens, en de 115.000 brievenbussen zes dagen per week worden geleegd. Maar „de economische werkelijkheid” die privatisering met zich meebrengt, zou daar wel eens een einde aan kunnen maken. Want op winstbeluste externe partijen zullen niet aan die wet gebonden zijn en daar moet de Royal Mail dan wel mee concurreren.

Sociale rol

Dat vreest ook Mario Dunn, voormalig adviseur van de Labour oud-minister en oud-postbode Alan Johnson. Hij leidt nu de campagne Save Our Royal Mail, dat namens verschillende belangengroepen (ouderen, kleine bedrijven en het platteland) privatisering probeert tegen te houden. „Misschien dat in het begin de dienstverlening nog goed zal zijn, maar het is onvermijdelijk dat er veranderingen zullen komen. De Schotse eilanden, Noord-Ierland, Cornwall – het is duur om daar te bezorgen. Te duur voor een commercieel bedrijf”, meent hij. „In een stad als Londen, of als je weinig brieven krijgt, zul je er weinig van merken. Maar veel kleine bedrijven op het platteland gebruiken de Royal Mail, omdat dat het enige alternatief is.”

Dunn wijst op de sociale rol van de postbode: „Op het platteland is hij een vast onderdeel van de dag. Hij kent je naam, groet je, let op dat ouderen niet vereenzamen. Met de postbode heb je niet alleen een economische relatie, maar ook een sociale.”

Zowel Ward als Dunn vindt dat de Royal Mail moet investeren in zijn toekomst. „Daarvoor hoeft het bedrijf niet van eigenaar te wisselen”, zegt Dunn. Beiden wijzen op de jaarresultaten van de posterijen. Vorig jaar groeide de winst voor belasting van 152 miljoen pond naar 440 miljoen pond. Met dank aan de pakketbezorging, die steeg met 13 procent en goed is voor bijna de helft van de inkomsten.

En ook met dank aan de Britse regering, die vorig jaar de pensioenverplichtingen à 38 miljard pond overnam. Die waren er in 2008, toen de Britten een minderheidsbelang in Royal Mail te koop zetten, deels de oorzaak van dat er weinig belangstelling was. Stakingen en politieke strubbelingen betekenden toen dat ook CVC Capital en het Nederlandse TNT afhaakten

De Britse regering zegt onvoldoende kapitaal te hebben om in Royal Mail te investeren. In een tijd van bezuinigingen en een oplopende schuld hebben andere overheidsvoorzieningen – scholen, ziekenhuizen – voorrang. En in de huidige vorm kan Royal Mail alleen geld lenen van de regering. „Verkoop is praktisch, logisch. Het is een commerciële beslissing die de toekomst van Royal Mail kan veiligstellen”, zei minister Cable.

Dat beaamt econoom Steve Davies van het Institute of Economic Affairs. „RoyalRoyal Mail heeft substantiële investeringen nodig, en moet dus makkelijker toegang krijgen tot kapitaal. De dienstverlening moet verbeteren. Als publiek bedrijf is er onvoldoende prikkel om dat te bereiken.”

Royal Mail zou volgens Davies marktleider kunnen zijn bij de pakketbezorging, waarvoor de markt in 2006 werd geopend voor concurrentie. „Maar het verliest terrein aan TNT en Deutsche Post. Tot voor kort liet Royal Mail bijvoorbeeld geen pakketten achter. Die moest je maar tijdens kantooruren zien op te halen op het postkantoor. Dat is onhandig.”

Platteland

En ja, privatisering zal leiden tot hogere kosten op het platteland. „Maar waarom zouden Londenaren Schotten in het hoge noorden subsidiëren? De kosten voor benzine en boodschappen liggen daar ook hoger, waarom die van postbezorging niet”, vraagt Davies zich af.

Davies gelooft er niets van dat de postbezorging nog van levensbelang is. „Tot eind jaren tachtig gold dat argument, maar sindsdien heeft iedereen telefoon. Het is niet zo dat je van de wereld bent afgesloten als de postbode niet langskomt.” Dat argument leidde, toen Davies het op de BBC verkondigde, tot woedende reacties. „En die kwamen allemaal per e-mail binnen”, zegt hij om zijn punt te illustreren.

Het Britse debat over privatisering is emotioneel. Dat heeft deels te maken met ervaringen uit het verleden, met name die op het spoor waar de beursgang tot verslechtering van de dienstverlening en tot hogere prijzen leidde.

De gevoeligheid heeft ook te maken met de geschiedenis van Royal Mail, die teruggaat tot Henry VIII. Zelfs Margaret Thatcher, die de beursgang van staatsbedrijven eind jaren ’70 in gang zette, durfde het niet aan om, in haar eigen woorden, „het hoofd van de koningin te privatiseren”.