Kinderen slachtoffer van de crisis

Kinderombudsman Marc Dullaert presenteert vandaag zijn ‘monitor’. Hij wil een minimumstandaard voor aanwezige zorg en kwaliteit.

„Een op de negen kinderen in Nederland groeit op in armoede, en dat is niet aanvaardbaar voor zo’n rijk land.” Dat is een van de grote zorgen die kinderombudsman Marc Dullaert noemt bij de presentatie van zijn tweede kinderrechtenmonitor, een breed onderzoek naar het welzijn van kinderen in Nederland. In het rapport zijn alle veertig artikelen van het Kinderrechtenverdrag meegenomen. Een ander punt is dat de specialistische zorg voor kinderen mogelijk erg zal lijden onder de decentralisatie van de jeugdzorg naar de gemeenten. Kinderen dreigen volgens Dullaert de dupe te worden van de aanhoudende economische malaise en van de bezuinigingen.

U noemt 5 punten van zorg die snelle actie eisen van beleidsmakers. Een is de vrees voor nadelige effecten van de decentralisatie van de jeugdzorg naar de gemeenten. Hoe kan dat worden voorkomen?

„Er is een aantal problemen. Jeugdzorg is na het kritische rapport van de commissie-Samson over het veel voorkomen van seksueel misbruik in de zorg aangeslagen, en ze zijn bezig met het doorvoeren van verbeteringen. De decentralisatie moet bovendien heel snel: over ruim een jaar moeten de gemeenten beginnen, terwijl de wet die het regelt nog niet af is én de gemeenten er veel minder geld voor krijgen. Dus je draagt een beschadigd schip over aan een onvoorbereide, bezuinigende gemeente. Dat baart mij grote zorgen, en ik sta daar beslist niet alleen in. Bij de decentralisatie van jeugdzorg in Denemarken, dat in veel opzichten vergelijkbaar is met Nederland, bleek dat er grote verschillen ontstonden tussen gemeenten, in toegang tot de zorg én kwaliteit. Veel gemeenten gingen zo goedkoop mogelijk zorg inkopen, en dat moest later allemaal weer bijgesteld worden. Daar moeten we hier van leren: je mag niet experimenteren ten koste van kinderen.

„Ik vind dat er in ieder geval een minimumstandaard moet komen: welke zorg en van welke kwaliteit er ten minste beschikbaar moet zijn in iedere gemeente. En het is niet alleen een kwestie van meer geld: je kan het ook slimmer organiseren. Maak bijvoorbeeld een koplopersgroep van gemeenten waar het goed gaat, en deel de kennis die ze daar opdoen.

Wat zouden beleidsmakers kunnen doen tegen bijvoorbeeld armoede bij kinderen?

„Mijn centrale boodschap is dat kinderen dreigen de rekening te betalen voor de crisis. De armoede onder kinderen stijgt, inmiddels leven 377.000 kinderen onder de armoedegrens. We hebben onderzocht hoe de Nederlandse gemeenten omgaan met armoede. Daaruit bleek dat de bestaande mogelijkheden en subsidies nauwelijks werden gebruikt. Slechts 3 gemeenten hebben een armoedebeleid speciaal voor kinderen, en maar 1 gemeente meet de effecten van het eigen armoedebeleid.

„Wij willen dat alle gemeenten kinderen die in armoede leven helpen. Bijvoorbeeld met een kindpakket: gratis zwemles, toegang tot sportclubs, en vouchers voor winter- en zomerkleren. Dat is niet overdreven. Het gaat om gezinnen die regelmatig zonder elektriciteit zitten, waar kinderen soms met honger naar bed gaan, en waar geen geld is voor een fiets om naar school te komen.

Maar ook bezuinigingen in het onderwijs dreigen slecht uit te pakken voor kinderen. In 2014 moeten de scholen passend onderwijs geven aan alle leerlingen. Het uitgangspunt is mooi, dat scholen een zorgplicht hebben om ook moeilijke leerlingen te plaatsen. Maar de Algemene Rekenkamer heeft uitgerekend dat dit voor het basisonderwijs vrijwel ondoenlijk zal zijn zonder extra middelen.”

Zijn er ten opzichte van het vorige rapport ook verbeteringen?

„Ja. Uit de Kinderrechtenmonitor 2012 bleek bijvoorbeeld dat er in Nederland erg veel kinderen mishandeld worden, naar schatting bijna 120.000 per jaar. De brandbrief die wij daarover naar de Kamer hebben gestuurd, heeft geleid tot actie.

„Er is een taskforce kindermishandeling gekomen onder leiding van de Amsterdamse burgemeester Van der Laan. Ook is er nu een verplichte wettelijke meldcode voor kindermishandeling voor iedereen die met kinderen werkt. Het onderwerp staat nu bij veel instanties op het netvlies, de olietanker is vertrokken. Maar het gaat niet snel genoeg. Men vindt dat het goed gaat omdat het aantal meldingen bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling toeneemt.

„Maar als ik vraag wat er gebeurd is met de 22.000 kinderen waarvoor een serieuze melding is gedaan, kan niemand me antwoord geven. Die zijn van de radar verdwenen. Uit de laatste meting blijkt dat maar een kwart van de gemeenten aan preventie doet, en ook met de behandeling van de gevolgen gaat het nog niet goed.

„In Noorwegen moet voor al het voorgenomen beleid een kindeffectmeting worden uitgevoerd. Men toetst wat het effect op kinderen zal zijn. Dat is een goed uitgangspunt. Hier lijkt het wel eens of we vergeten voor wie we het allemaal doen, dat passend onderwijs, de transitie van de jeugdzorg, het armoedebeleid: voor de kinderen.”