INZET PRIVATISERINGEN

Sinds eind jaren zeventig stootte de Britse staat onder andere zijn aandelen in Jaguar, Cable & Wireless, Amersham International Medical Diagnostic, Rolls Royce, British Aerospace en BritOil af. In 1990 waren 42 voormalige staatsbedrijven (met bijna 900.000 werknemers) door achtereen- volgende regeringen onder leiding van Margaret Thatcher geprivatiseerd. Onder haar opvolger John Major werden de steenkolenmijnen en de spoorwegen verkocht.

British Petroleum

Het spits werd in 1977 afgebeten door British Petroleum (1909), waarvan 17 procent werd verkocht om het Internationaal Monetair Fonds gerust te stellen. In de tien daaropvolgende jaren werd BP stukje bij beetje verkocht. De laatste 30 procent werd voor 3,30 pond (3,92 euro) per aandeel verkocht. BP is nu het op vier na grootste bedrijf qua omzet, en het op vijf na grootste oliebedrijf qua productie. Het aandeel is nu 4,44 pond waard.

British Telecom

In 1984 kochten meer dan twee miljoen Britten aandelen in British Telecom (1846), dat toen voor de helft werd verkocht voor 1,30 pond per aandeel. De rest van de overheidsaandelen werd in 1991 en 1993 verkocht. BT geldt als het toonbeeld van een geslaagde privatisering; de dienstverlening verbeterde, de kosten werden lager, en er kwam concurrentie. En BT is nog altijd marktleider. Volgens toezichthouder Ofcom levert het nog altijd 38 procent van de vaste telefoonlijnen (Virgin 12 procent), en 30 procent van de internetverbindingen (Virgin 21 procent). BT richt zich nu op digitale televisie. Het aandeel noteert nu 3,48 pond.

British Gas

De beroemdste privatisering, in 1986 aangemoedigd door de televisiereclames. Meer dan vier miljoen Britten schreven zich in, 1,5 miljoen kochten een aandeel à 1,35 pond. De verkoop leverde de staat 5,6 miljard pond (6,7 miljard euro) op. British Gas werd in 1997 gesplitst in National Grid (leidingen), Centrica (levering aan huishoudens) en de BG Group (winning). De concurrentie voor Centrica is groot, onder andere van het Franse EDF. Dat heeft niet geleid tot lagere prijzen. Sterker: de overheid betaalt bejaarden nog altijd een winter fuel allowance. Het aandeel Centrica staat nu op 3,96 pond, dat van BG Group op 12,07 pond.

British Rail

De privatisering van British Rail (1948) is nog altijd het schrikbeeld voor veel Britten. Het spoorbedrijf verkruimelde in 1987 in 25 particuliere vervoersbedrijven, die de treinen en stations bezitten, en Network Rail, het Britse equivalent van ProRail, dat het spoor beheert. Het laatste is een particulier bedrijf zonder winstoogmerk onder overheidstoezicht, opgericht in 2002 nadat voorganger Railtrack, wel beursgenoteerd, het onderhoud dusdanig liet versloffen dat er dodelijke ongelukken gebeurden. Network Rail lijdt verlies, het krijgt jaarlijks 3,7 miljard pond (4,4 miljard euro) subsidie. Over de railvervoerders wordt steeds minder geklaagd – behalve over de prijzen. De gemiddelde forens betaalt 2.440 pond (2.900 euro) voor een jaarkaart. Eind dit jaar stijgt de prijs met 4,1 procent.

Wat volgt?

Nog niet alle staatsbedrijven zijn geprivatiseerd. Bijvoorbeeld London Underground, een aantal grote havens en regionale vliegvelden, weervoorspeller Met Office en de BBC zijn nog in staatshanden. En natuurlijk de National Health Service (NHS), de (gratis) openbare gezondheidszorg. Over privatisering van de laatste durft geen politicus te beginnen.